Martröð – Transmutation of wounds

Met het ten grave dragen van het Amerikaanse Twilight na het verschijnen van hun derde langspeler en tevens zwanenzang “III: Beneath trident’s tomb“, kwam er een eind aan deze black metal supergroep. Met het nagelnieuwe Martröð is er echter een nieuw super black metal collectief ontstaan waarbij gerespecteerde en gerenommeerde individuen van verschillende continenten de handen in mekaar slaan. Bent u klaar voor een rondje name dropping? Hier gaan we. Op zang vinden we MkM terug die het meest bekend is van Aosoth en Antaeus. De gitaartandem bestaat uit H.V. Lyngdal (o.a. Wormlust) en A.P. (o.a. Krieg, Esoterica en Skáphe). Bij Skáphe werkte A.P. reeds samen met D.G. (o.a. Misþyrming en Naðra), die hier de bas in handen neemt. Enfant terrible Wrest (welbekend van ondermeer Leviathan en Lurker Of Chalice) voegde nog wat extra gitaar en ambient toe en drummer van dienst is Thorns (o.a. Blut Aus Nord, Darvaza, Manetheren, etc.). Kwijl! Met twee IJslanders, twee Amerikanen, een Italiaan en een Fransman is hier dus sprake van een bont internationaal allegaartje. De vraag die zich stelt, is natuurlijk of er één welbepaalde band het meest doorklinkt in het eindresultaat? De sound van de gitaren, drums en vocalen verwijzen overduidelijk naar Aosoth (zeker wanneer de herrie van “Draumleiðsla” zijn intrede doet), maar daar waar deze band nogal rechtlijnig tekeer gaat, wringt de black metal audioterreur van Martröð zich in veel meer bochten en staat de deur van de hel wagenwijd open voor experiment, voornamelijk in “Draumleysa” waar de invloed van Wrest overduidelijk vanaf druipt: horrortaferelen, mystiek die zich laagje per laagje opbouwt, onderhuidse spanning, dissonantie ten top en creepy noise. Dit is smullen voor wie van donkere, chaotische black metal zonder keurslijf houdt. Je zou kunnen beginnen leuteren dat het vrij voos is dat deze zestien (uitstekende) minuten muziek in een 12″ LP gegraveerd zijn, maar als we eens de optimist in plaats van de pessimist spelen, houdt dit in dat je op kant B nogmaals van deze overheerlijke songs kan genieten. Enig puntje van kritiek blijft dan dat de basgitaar amper hoorbaar is in deze chaotische duisternis. Desondanks is dit eerste wapenfeit een regelrechte voltreffer. Wel zou ik het fijn vinden als dit collectief op toekomstig werk nog meer de strijd met het experiment aangaat en de ingeslagen weg van “Draumleysa” verder zet.

JOKKE: 85/100

Martröð – Transmutation of wounds (Terratur Possessions/Fallen Empire Records 2016)
1. Draumleiðsla
2. Draumleysa

Whoredom Rife – The worship of idols instead of God; Idolatry

Naar aanleiding van Prague Death Mass kondigde Terratur Possessions met veel bombarie zeven (nieuwe) releases aan. Eén van deze zwarte pareltjes is het debuut van Whoredom Rife met de welluidende titel “The worship of idols instead of God; Idolatry“. Deze band uit Trondheim (Nidaros) vormt een nieuwe kwalitatieve toevoeging aan de reeds allerminst misselijk makende Nidrosian black metal scene die vorm gegeven wordt door o.a. Vemod, One Tail One Head, Dark Sonority, Black Majesty, Mare en Celestial Bloodshed. Zoals wel meer het geval is bij acts die met Terratur Possessions de ideale broodheer gevonden hebben, primeert ook hier de muziek en is er niet veel méér geweten over het duo V. Einride (alle instrumenten – wat kan die man spelen zeg!) en K.R. (zang). Over naar de muziek dan maar! Zelf zegt de band voornamelijk geïnspireerd te zijn door de oude klassieke Noorse black metal scene. Dat ga ik allerminst ontkennen, maar zou hier toch ook de nodige Zweedse invloeden van bijvoorbeeld een Ondskapt (duisterheid) en zelfs Dark Funeral (snelheid) aan willen toevoegen. Luister maar eens naar het sublieme melodieuze gitaarwerk (inclusief solo’s) van bijvoorbeeld “Gitt til Odin“. De eerste twee songs zijn voornamelijk full force and speed ahead, maar op kant B wordt wat gas terug genomen voornamelijk in de laatste track dan. In “Thought and memory” doen de subtiele keyboards en de kille sfeer me aan het machtige debuut “Through times of war” van Keep Of Kalessin denken. De afsluiter is echter het prijsbeest van deze EP. Een song waarnaar je je als band vernoemt, vraagt natuurlijk net dat beetje meer aandacht want deze representeert toch min of meer wel waar je als band voor staat. De rollende basdrums en melodieuze, doch kille en tikkeltje industrieel aanvoelende gitaren, refereren aan Satyricon ten tijde van “Volcano“. Deze prachtig vorm gegeven 12” LP is een knaller van een eerste visitekaartje. Dat belooft voor de toekomst!

JOKKE: 87/100

Whoredom Rife – The worship of idols instead of God; Idolatry (Terratur Possessions 2016)
1. Fyrstens land
2. Gitt til Odin
3. Thought and memory
4. Whoredom rife

 

 

Herder – De verrottende mensheid

Herder, het zootje ongeregeld uit Nederland heeft zopas “Fergean” op ons losgelaten. Knalharde power stoner. Ook hebben de heren een Europese tour met Black Tusk gepland deze herfst. Je kunt er niet onderuit, dit jaar moet het jaar van Herder worden. Bassist Marc staat Addergebroed te woord. (FLP)

heeder

Fergean“, een nieuw album. De 3de al ondertussen. Proficiat! Hoe zou je de nieuweling vergelijken met zijn voorgangers?
Dankje. Ik denk dat deze plaat toch weer iets meer verdieping brengt in de sound en feel die we tot nu toe hebben uitgebracht. Alles is iets meer verfijnd, zonder het rauwe “in your face” te verliezen. Het is een natuurlijke evolutie van alle voorgaande platen.

Het is eigenlijk toch allemaal redelijk hard gegaan. Waar is de tijd dat JB wat zat te prullen met stonerriffs in zijn studio? Ondertussen kan niemand meer om Herder heen. Waar zie je Herder staan binnen een vijftal jaren?
Haha, eigenlijk doet JB dat nog steeds hoor. Alleen, nu horen meer mensen het. Waar we over een aantal jaar staan, dat weet ik niet. Het zou mooi zijn als we de band naar een hoger niveau kunnen tillen en wat meer kunnen touren, ook buiten Europa. Dat gezegd hebbende zijn we eigenlijk altijd een vrij pretentieloze band geweest. Voor ons is het voornaamste dat we lol hebben in wat we doen. Het samen hangen, muziek creëren en spelen, de onderlinge vriendschap staat boven het gezamenlijke resultaat. Wanneer het niet meer leuk is om samen op pad te zijn of te spelen, en het meer als een taak gaat voelen dan iets dat we echt gaaf vinden, dan wordt het tijd om te stoppen, tenzij het om een tour met Missy Elliot gaat, dan zetten we onze individuele gevoelens wel even opzij voor het grotere doel.

Jullie fulls zijn allemaal uitgekomen bij het uitstekende, maar eerder bescheiden Reflections Records. Jullie voelen jullie nog steeds in het sas bij het label? Of wordt het stilletjes aan tijd andere oorden op te zoeken? Relapse of zo?
Ow ja, zeker hoor, je weet nooit wat de toekomst brengt, maar vooralsnog zitten we meer dan prima bij Reflections. We hebben een goede vriendschappelijke relatie met vertrouwen, geen corporate gedoe of deadlines en verplichtingen, het is allemaal vrij los en dat past goed bij ons. We zijn een vrij ongeregeld zooitje, dus er is een prima match.

Jullie bandnaam is vernoemd naar messenmaker Robert Herder. Voordien dacht ik altijd dat Herder op zijn Engels uitgesproken moest worden en werkelijk herder van een kudde betekende. Nu ben ik erg benieuwd waarom jullie naam zijn oorsprong ontleend heeft aan deze beste man uit Emmen.
Bijna goed. Het is vernoemd naar het messenmerk Herder dat is opgericht door Friedrich Herder. In de regio waar Tom en JB vandaan komen. In noord Friesland worden deze messen veel op zak gedragen en blijkbaar wordt het gebruik ook niet geschuwd. In die zin past die “fuck you” attitude goed bij wat we zijn en wat we uitdragen als band zijnde. Daarnaast is het ook een lekker catchy naam, en je kunt er coole iconografie aan koppelen zoals inderdaad de messen, maar ook agressieve herdershonden. Je dient het inderdaad op zijn Nederlands uit te spreken, dus lekker lomp met een harde R.

Ook “Fergean” heeft zijn oorsprong in het Nederlands woordgebruik, zijnde Oud Fries voor “vergaan”. Schuilt er een verhaal achter deze titel en de keuze om Nederlands te gebruiken.
Fries is geen Nederlands, het is echt een losstaande taal die in het noorden van Nederland ook gesproken wordt. Het Fries wordt ook nog steeds deels gesproken binnen de band en is inderdaad een mooie oude taal. De titel past goed bij het concept van de plaat, de verrottende mensheid en alle hypocrisie die daar mee gepaard gaat. Het is ook een vrij lastig definieerbaar woord en heeft een vrij harde klank. Het vult het hele plaatje van de muziek volledig aan.

Wat is de relatie tussen het artwork en “Fergean“?
In eerste instantie zou het een iets strikter conceptueel framework hebben waarbij we de huidige maatschappij en alles wat daarin slecht en verrot is vertellen vanuit het oogpunt van een aantal Romeinse keizers en de nare karaktereigenschappen die zij hadden. Het beginpunt van hun karakter zou leiden tot het eindpunt nu. Tijdens het schrijven bleek dat toch ietwat beperkend te zijn op wat we wilden uitdragen met deze plaat en is dat idee enigszins los gelaten. Het artwork is nog steeds wel geïnspireerd door dat originele idee, waarbij je dus eigenlijk een leidend figuur ziet als de basis van alles dat verrot en slecht is. Dat is een idee dat alle tijd overschrijdt. We proberen eigenlijk altijd te zorgen dat een plaat een esthetisch geheel is. Alles bij elkaar zou een bepaald idee of gevoel los moeten maken, dus voor ons is het artwork zeker een wezenlijk onderdeel van de muziek.

Trouwens, over art gesproken, wordt het niet eens tijd een echt logo te ontwerpen? Vele jaren geleden gebruikte ik al exact hetzelfde lettertype voor Gorath en ik weet dat ook het Noorse Galar hetzelfde lettertype gebruikt.
Nee waarom, dit werkt prima en is bekend bij het publiek.

Zelf ben je een echte gearfreak, dolenthousiast over vintage spullen. “Fergean” zelf vind ik erg afgelikt en modern klinken, wat zeker niet slecht is, maar met jouw (en JBs) achtergrond had ik wat meer rauws verwacht. Wat vind je er zelf van?
Haha, klopt helemaal. We hebben een paar gear verzamelaars in de band. We hebben ondertussen een vrij grote en brede verzameling aan amps, et cetera opgebouwd. Ik kan er uren over doorgaan, haha. Ik denk dat al onze platen wel redelijk fris en inderdaad wat moderner klinken dan hoe we live linken, waar het over het algemeen wel iets rauwer is. Dat verschil zal er altijd wel zijn, de studio biedt je gewoon wat meer opties. We zouden voor een meer stoffige vintage achtige tone kunnen gaan. Het zal waarschijnlijk dan inderdaad allemaal wat viezer klinken, maar tegelijkertijd gaat er dan ook een hoop detail verloren. Als je goed luistert naar al de opnames zit er een zekere mate van gelaagdheid in de sound met een hoop verschillende en overlappende partijen. Wanneer je dat gaat opnemen met een stapel Model-T’s, V4’s en Marshalls die voluit staan te knallen, verlies je gewoon wat van die details. Het is dus op zeker een gewogen keuze om voor opnames daar iets minder afhankelijk van te zijn en gebruiken we gewoon wat we vinden dat we nodig hebben om het doel te bereiken. In dat opzicht worden voor opnames zaken als modelling, of plugins ook niet geschuwd. In een studio omgeving heb je gewoon iets meer controle op het eindresultaat. Je kunt een puritein zijn en koppig vasthouden aan bepaalde elementen, maar het doel heiligt de middelen. Live zullen we echter altijd wel de meer vintage voiced amps gebruiken. Er zit iets in die oude bakken wat heel goed bij ons past. Zo is bv. de Sunn Betalead al jaren een redelijk vaste waarde in de live sound, strak en hard. Vaak aangevuld met het een of ander, waar we op dat moment maar zin in hebben om mee te nemen, kan van alles zijn. Het wisselen van amps of gitaren houdt het ook leuk, inspireert iedere keer om toch weer net iets anders te spelen of te proberen op het podium of in de repetitie ruimte. Experimenteren met sounds is gaaf en iets wat eigenlijk een continue onderdeel is van wat we doen. Het gaat dan ook vaak om detail dingen, zoals bv. in welk deel gebruik je een fuzz, en waar switch je naar de DS1 of de RAT terug, heb ik vandaag meer zin in een Orange, of toch liever de Laney. Uiteindelijk blijft de essentie blijft grofweg hetzelfde: opgefokt en gefocused.

Herder heeft zo een lekker grote bek met een vette knipoog. Hoe belangrijk is imago voor jullie?
Ik weet niet perse of het een imago is, voor ons als band zijnde is dit hoe wij zijn. Het is in geen geval een vooropgezet of uitgedacht ding, ofzo. We hebben een bizar soort humor denk ik. Je kan ook lomp zijn om het lomp zijn, maar dat zet geen zoden aan de dijk. Lomp met tact en een knipoog is een lastig beloopbare lijn, maar dat is zoals we zijn, sarcastisch, maar niet naar. Zo gaan we ook met elkaar om, dus het is gewoon een logische manier van uitten.

In november volgt ook een tour van 17 dagen met Black Tusk. Dat is de moeite. Volgens mij jullie eerste echte tour. Zie je het zitten? Of verwacht je al een levercirrose na enkele dagen?
Het wordt onze tweede Europese tour, in 2014 zijn we ook 10 dagen op pad geweest samen met Beastmilk en Doomriders. Uiteraard hebben we hier veel zin in, we zijn weer samen op pad, we kunnen op nieuwe plaatsen spelen en nieuwe mensen ontmoeten. Buiten dat hebben we hier een prachtige kans om de nieuwe plaat te promoten, dus een win win situatie. Die lever cirrose moeten we inderdaad goed voor oppassen, hahaha. We houden wel van een goed feestje.

Tot in Antwerpen!

Darvaza – The silver chalice

Twee maand geleden schreef ik nog dat Darvaza niet snel genoeg met nieuw werk op de proppen kon komen. Debuut EP “The downward descent” hakte immers mijn tere communiezieltje aan schroot. En kijk, mijn gebeden werden aanhoord want met “The silver chalice” ligt er een nieuw grijs EP’tje op mijn platenspeler te blinken. Een grijs plakje wax dat in dit geval ook daadwerkelijk grijs gedraaid zal worden, want ik ben Fan van deze band, met hoofdletter “F”. Manusje-van-alles Omega en vocalist Wraath brengen twee knallende black metal songs met oog voor melodie onder het motto “no gimmicks, no bullshit!” en daar sluit ik me volledig bij aan. “Blessed, and cursed not” is eerder recht-door-zee terwijl er in “The silver chalice” wat meer “experiment” te bespeuren valt in de vocale aanpak. Ik heb Omega tot een interview proberen overhalen, maar hij prefereert de muziek voor zich te laten spreken en dat respecteer ik. De Italiaan en Noor hebben net hun live doop achter de rug op Prague Death Mass en staan ook op de line-up op Netherlands Deathfest. Wie Wraath van zijn andere band One Tail One Head kent, weet dat dit een beest van een frontman is die weet hoe hij een menigte moet oppeppen. Checken die handel!

JOKKE: 85/100

Darvaza – The silver chalice (Terratur Possessions 2016)
1. Blessed, and cursed not
2. The silver chalice

Hedonist – The collapse

Hedonist, een hard rockin’, hard groovin’ power trio uit de buurt. Helaas kon het me nooit helemaal bekoren omdat ik weinig voeling had met hun muzikale vertolkingen. Hierin is echter grote verandering gekomen sinds de release van “The collapse“, uitgebracht via een subdivisie van ConSouling Sounds. Het is vooral de kwaliteit van de 7 nummers dat een enorme progressie heeft gemaakt. Niet dat het technisch niveau eindeloos opgekrikt is, maar de songs zijn gewoonweg beter geworden. Simpel maar oerdegelijk. De eerder 13 in een dozijn klinkende (bluesachtige) ondertoon van voordien heeft een stomp in de maag gekregen en heeft plaats gemaakt voor knalharde, doch immer swingende metal. Opener “The urge” klinkt even als een staalharde thrashband en regelmatig duikt een Mastodon of een High On Fire op in het referentiekader. Luister maar eens naar titeltrack “The collapse“, incluis Triptykon sfeertje! Zelfs Pantera comes to mind in “Body like a battle axe” (heerlijke titel). Toch worden de bluesinvloeden niet vergeten, zoals in meezinger “I hedonist” en afsluiter “Beecher“. Dan is er ook nog de heer Homolka die zichzelf overstijgt en een zeer knappe vocale bijdrage neerzet. Frank vergelijken met Dave Mustaine zal wenkbrauwen doen fronsen, toch betrap ik mezelf regelmatig op die vergelijking. Zijn schreeuwerige rockzang klinkt zeer gevarieerd, origineel en effectief getimed. De toenemende dynamiek die neergezet wordt in “Beecher” is knap gedaan. Ben van Your Highness komt ook nog een nummertje meebrullen. Hij doet het uitstekend en in zijn eigen gekende stijl. Tenslotte draagt ook de productie van gekke Xavier Carion (je weet wel, die van Channel Zero destijds) bij tot het sterke eindproduct. Vol. Krachtig. Transparant. Kortom: pro. Valt er dan niks aan te merken? Niet veel. De idee achter het artwork is sterk, maar de uitvoering is wat platjes. Dezelfde tekening in een soort film noir cartoonstijl zou veel rauwer – en meer rock ’n roll – ogen. Minder netjes zoals nu het geval is. Ook de 3 extra nummers, die stammen van de split met Your Highness, mochten voor mijn part weggelaten worden. Je kunt ze inderdaad doorspoelen als ze jou niet aanstaan, maar ze zijn op elk vlak een niveau lager dan de rest van de plaat. En met zijn losse 40 minuten playtime heeft “The collapse” al de perfecte lengte. Lekker plaatje. met passie gebracht en ideaal om mee te vertoeven in de wagen tijdens lange ritten. Get what you fucking deserve! Better believe it! Flp: 80/100.

Hedonist – The collapse (ConSouling Agency 2016)
1. The urge
2. The collapse
3. Body like a battle axe
4. I hedonist
5. Knives & lint
6. Black lungs
7. Beecher
* 8. Back to Arkham
* 9. The number eight will kill you
* 10. His soul’s still dancing

* = extra van split met Your Highness (2014)

Urfaust – Empty space meditation

Het Nederlandse Urfaust bengelde in het verleden bij ondergetekende steeds op de slappe koord tussen genialiteit en (b)analiteit, want niet elke output van de heren wist me te bekoren. Urfaust is tevens de kameleon van de black metal scene en overlaadt de luisteraar de ene keer met lo-fi black metal, de andere keer met onheilspellende ambient of middeleeuws aandoende doomy dronkemansgebral. Wat het duo echter op langspeler nummer vier uit haar black magick hoed tovert, overtreft mijn stoutste verwachtingen. “Meditatum I” vervult de rol van onheilspellende intro met meditatief mantragezang. Eens de toon gezet is, knalt “Meditatum II” uit de boxen, een negen minuten durende song waarop Urfaust zelden zo black metal geklonken heeft. Dit is vintage Burzum waarbij de ijle screams en transcenderende riffs van IX bovenop een repetitieve blastbeat van VRDRBR en in een spacy keyboardwaas – die wel wat van Lunar Aurora weg heeft – de kosmos ingeknald worden. Eens IX zijn kenmerkende cleane zang bovenhaalt, is het nog ruim zeven minuten verder genieten geblazen van een in topvorm verkerend Urfaust, waarbij nog even terug naar black metal overgeschakeld wordt alvorens een lange ambient/drone uitloper aanbreekt. Dit nummer staat voortaan als beste Urfaust track ooit genoteerd. Hoewel de metal op de rest van de plaat quasi nergens nog zó zwart wordt, blijven de nummers natuurlijk wel steeds gedrenkt in dat zwartgallig sfeertje dat Urfaust steeds weer weet op te roepen, zij het dan bijvoorbeeld onder de vorm van traag pulserende psychedelische doom (“Meditatum III”). “Meditatum IV” staat dan weer garant voor macabere en rituele ambient die langzaamaan transformeert tot begeesterende doom met een zwart randje (net zoals het Duitse (dolch) dat kan). Ook occulte rock is beide mannen niet vreemd, want in de vorm van “Meditatum V” krijgen we een vrij rock georiënteerde groove voorgeschoteld met traag proclamerende zang. Met het met Oosterse klanken en percussie opgeschmükteMeditatum VI” komt er na vierenveertig minuten een einde aan deze gevarieerde en uitmuntende plaat die uitermate geschikt is als soundtrack voor de nachtelijke uurtjes. Ook op productioneel vlak valt er deze keer niet te mierenneuken want de sound is vrij transparant en helder maar toch monumentaal en nergens plat afgelikt. De eerder dit jaar verschenen “Voodoo dust” single die uitgebracht werd als eerbetoon aan Selim Lemouchi van The Devil’s Blood vormt samen met “Empty space meditation” twee erg sterke releases. Hulde aan Urfaust!

JOKKE: 87/100

Urfaust – Empty space meditation (Ván Records 2016)
1. Meditatum I
2. Meditatum II
3. Meditatum III
4. Meditatum IV
5. Meditatum V
6. Meditatum VI