Barshasketh/Outre – Sein Zeit

Fundamentele vragen in verband met het menselijk bestaan; iedereen stelt ze wel eens of worstelt ermee. Zo ook het uit Nieuw-Zeeland afkomstige, maar in Schotland residerende, Barshasketh en het Poolse Outre die hieromtrent samen een conceptuele split creëerden. Beide bands haalden inspiratie uit het boek “Zijn en tijd” (“Sein und Zeit“), het in 1927 verschenen magnum opus van de Duitse filosoof Martin Heidegger waarin hij de “vraag van het zijn” onderzoekt. In het nummer “Being” gaat Barshasketh op zoek naar een eigen doel en de ware wil van het “zijn” om zo de eigen geest te versterken. Voor de band is het reeds een derde split na eerdere collaboraties met Krawwl en Void Ritual. Op muzikaal gebied eert Barshasketh, net als op het in 2015 verschenen “Ophidian henosis“, de Noorse ijskoude gardes zoals een Gorgoroth: de ijzige en bijtende tremolo picking riffs vliegen dan ook acht minuten lang onomwonden rond de bevroren oren en wekken in elk geval een brandend verlangen naar meer op. Qua sound klinkt dit nummer dankzij de beruchte Necromorbus Studio tevens top-notch. Ook bij Outre gaat het er hevig en stevig aan toe waarbij in de vingervlugge riffs een meer moderne en progressieve post-black inslag waar te nemen valt die door de hypersnelle blasts en gecomprimeerde sound verstikkende werkt, wat positief bedoeld is. “Do I really exist? Or am I only flesh“? Tekstueel gezien handelt “Time” over de tijd, een geconsolideerd raamwerk van afgelopen en toekomstige gebeurtenissen, die ons “zijn” vorm geeft. Nadien smijt het Poolse kwintet er nog hun versie van de Armagedda song “Only true believers” tegenaan. Het origineel is een vette thrashy black metal underground-kraker en ook deze zwaarder klinkende herbewerking mag absoluut gehoord worden. Beide bands klinken absoluut overtuigend op deze existentiële split. Leuk hebbedingetje om aan te schaffen dus.

JOKKE: 82/100 (Barshasketh: 84/100 – Outre: 80/100)

Barshasketh/Outre – Sein Zeit (Blut & Eisen Productions/Third Eye Temple 2017)
1. Barshasketh – Being
2. Outre – Time
3. Outre – Only true believers (Armagedda cover)

 

Advertenties

I I/Lihhamon – Miasmal coronation

Weldra stuurt het Duitse kwaliteitslabel Ván Records enkele van haar paradepaardjes onder de noemer “Astral maledictions tour 2017” de baan op. De IJslandse bands Sinmara en Almyrkvi vormen samen met het Canadese Sortilegia reeds een bijzonder sterke line-up, maar ook openingsact I I is een interessante band. De split die I I ofte Infernal Invocation samen met het eveneens uit Leipzig afkomstige Lihhamon de wereld inknalt, is mijn eerste kennismaking met de band, één die er meteen boenk op is. De gewelddadig klinkende blackened death metal knalt dankzij de mix en mastering van Temple Of Disharmony als een bazooka en laat geen spaander heel van de kerken en kapelletjes die de band op haar Europese trek zal passeren. De vier heren maken ook deel uit van acts als Antlers, Bloody Vengeance en Vidargängr maar het godslasterende kabaal dat ze met I I produceren, behoort toch tot hun meest extreme muzikale uitspattingen en dit met “Miasmal execration” als ultiem nekschot. Ook bij stadsgenoten Lihhamon gaat het er hondsbrutaal aan toe. We kenden dit trio al van hun “Doctrine” plaat die eerstdaags via Nuclear War Now! aan een tweede leven begint. Hun bestiale teringherrie gaat eerder de richting van een Conqueror of Revenge uit vooral door de agressieve drumstijl van drummaniak Avgvr. De drie songs die Lihhamon hier brengt, bevatten hoegenaamd geen frivole tierlantijntjes of fijngevoeligheden maar rammen zich buldozergewijs in je strot. De grinding riffs en afwisselende screams en diepe grunts vormen in samenspraak met de niet aflatende drumsalvo’s van “Inferno (Decimation doctrine)” een ware aanval op je zenuwen. De finale van “Chasma (Deathstrike coronation)” bevat sacrale zangpartijen en maakt een eind aan deze auditieve aanval. Geen muziek voor tere zieltjes.

JOKKE: 75/100 (I I: 80/100 – Lihhamon: 70/100)

I I/Lihhamon – Miasmal coronation (Ván Records 2017)
1. I I – Indoctrination of deaths command
2. I I – Weltenfresser
3. I I – Miasmal execration
4. I I – Vidargängr
5. Lihhamon – Zelot (Splendour of terror)
6. Lihhamon – Inferno (Decimation doctrine)
7. Lihhamon – Chasma (Deathstrike coronation)

Auðn – Farvegir fyrndar

Als je in het geïsoleerde IJsland opgroeit en op een bepaald moment besluit black metal te spelen in één van de vele bands die het mysterieuze land rijk is, kan het haast niet anders dan dat de invloed van haar grimmige klimaat en ruwe landschappen haar weg vindt in de muziek. Eén van de bands die hier in uitblinkt is Auðn, een kwintet dat een buitenbeentje vormt in een scene die gedomineerd wordt door de veelal dissonantie-aanbiddende black metal hordes. Auðn klinkt, net als Dynfari waarmee enkele leden gedeeld worden, een heel pak melodieuzer dan vele van haar scenegenoten en legt de nadruk op atmosfeer in plaats van een verstikkende wall of sound. Het self titled debuut uit 2014 liet al veelbelovende nummers horen maar op het nagelnieuwe “Farvegir fyrndar” (IJslands voor “oude rivierbeddingen”) tilt Auðn haar muzikale vakmanschap naar een hoger niveau. De ongereptheid van de IJslandse natuurlandschappen doemt meteen op als we de met subtiele folkinvloeden doordrenkte melodieën van opener “Veröld hulin” horen, maar tegelijk wordt ook duidelijk dat de band ijziger te werk gaat in de black metal orkanen die ontketend worden eens de gitaarriffs zich tot een donkere wolkenmassa hebben opgestapeld. “Prísund” en “Blóðrauð sól” zijn de grimmigste nummers op de plaat en leunen het meest richting ouwe getrouwe Noorse black. De songs zijn alles behalve eenzijdig en tonen, net zoals de grilligheid van moeder natuur, verschillende gezichten. Zo wordt een black metal tsunami ontketend aan het begin van “Lifvana jörð” om verderop in de song rustigere wateren te verkennen. “Ljósaslæður” belichaamt de albumtitel het best en combineert meanderende ingetogen passages met een waterval aan furie. “Skuggar” valt positief op door haar kippenvel opwekkende gitaarleads evenals het afsluitende “Í hálmstráið held” waarin je een weids panorama aan klanken voorgeschoteld krijgt waarbij het haast lijkt alsof je bovenop een fjord van het machtige uitzicht geniet. Naast de adoratie voor de overweldigende schoon- en ruwheid van hun thuisland komen ook thema’s als depressie en verlies van dierbaren aan bod en dat horen we onder meer terug in de emotionele vocale uithalen van zanger Hjalti Sveinsson en de weemoedige klanken van het acht minuten durende “Haldreipi hugans“. Auðn levert met “Farvegir fyrndar” een plaat af die over de gehele lijn weet te imponeren, mede dankzij de heldere maar krachtige productie. Bon, ik ga naar IJsland volgend jaar!

JOKKE: 90/100

Auðn – Farvegir fyrndar (Season of Mist 2017)
1. Veröld hulin
2. Lífvana jörð
3. Haldreipi hugans
4. Prísund
5. Ljósaslæður
6. Blóðrauð sól
7. Eilífar nætur
8. Skuggar
9. Í hálmstráið held

Antzaat – The black hand of the father

Plots was daar Antzaat, een nieuwe speler aan het Belgische black metal firmament. Op basis van de visuele presentatie van de band waren we eerst behoorlijk sceptisch want het leek wel de zoveelste Mgła-kloon te zijn waarbij de tronies van deze Vlaamse lookalikes achter zwarte kappen verscholen zitten. Vooroordelen maar even aan de kant geschoven om de eerste EP “The black hand of the father” een kans te geven. En dat valt allesbehalve tegen! Antzaat, met in haar gelederen een gitarist van Ars Veneficium, tapt echter uit een ander muzikaal vaatje dan de Polen. Gure Noorse second wave black metal met een pagan ondertoon is wat deze vijf nummers tellende EP ons laat horen. Kampfar en Taake schieten meteen door mijn hoofd wanneer ik de tweeëntwintig minuten durende grimmige en bevroren melodieuze black tot mij neem. Het pakkende en lekker rockende “Rite of the new dawn” is hier misschien wel het beste voorbeeld van. De blast-partijen en tremolo-riffs worden sterk uitgevoerd en de productie heeft een lekker groezelig randje behouden hoewel de melo-black energiek door de boxen knalt.  Er is misschien wat weinig afwisseling tussen de onderlinge songs maar het betreft dan ook nog maar het eerste wapenfeit van onze landgenoten. Immortal Frost Productions heeft groot gelijk dat ze deze rakkers hebben ingelijfd want hier gaan we nog van horen!

JOKKE: 80/100

Antzaat – The black hand of the father (Immortal Frost productions 2017)
1. Disciples of the concrete temple
2. Rite of the new dawn
3. Circle of leeches
4. Hierarchy of the battered
5. The black hand of the father

Asagraum – Potestas magicum diaboli

In tegenstelling tot grensoverschrijdend gedrag dat heden ten dage een hot topic is, kunnen we grensoverschrijdende samenwerkingen wél toejuichen. En zeker als het zoals in het geval van Asagraum dan nog eens om twee getalenteerde dames gaat. De band wordt vorm gegeven door de Nederlandse zangeres/gitariste Obscura (Wolvenbloed, Draugur, Infestis) en de Canadese maar in Noorwegen residerende drumster Trish (o.a. Urarv, Nidvind, Gestalte en live op de drumkruk te vinden bij enkele Noorse klasbakken zoals Craft en Isvind). Al van bij de openingsklanken van debuutplaat “Potestas magicum diaboli” voelt het meteen als thuiskomen aan. De black metal die beide dames produceren, katapulteert de luisteraar immers vol nostalgische gevoelens terug naar de jaren ’90, de hoogdagen van het door ons zo geliefde genre. Voor vernieuwing ben je hier aan het foute adres, maar zolang er oorkonden aan goed geschreven en uitgevoerde second wave black metal zoals deze blijven verschijnen, is mijn honger amper te stillen. De band heeft temidden de ijskoude agressie voldoende oor voor gitzwarte melodieën wat maakt dat de acht songs goed in het gehoor liggen en de drang naar het telkens opnieuw inhaleren van deze duistere schoonheid groot is. De hoge screams van Obscura klieven zich als een scheermes doorheen de duivelse tornado aan pakkende gitaarriffs en het niveau van hun meloblack ligt over de gehele plaat hoog. Het is dan ook moeilijk om uitschieters aan te wijzen of het moeten de onheilspellende kick-ass opener “Transformation“, het begeesterende inktzwarte “Black triangle temple“, het furieuze en in het Nederlands gezongen “Daar waar ik sterf” of de diabolische afsluiter “I burn within the devil” zijn. Maar ook de andere nummers moeten verre van onderdoen. Ik berg mijn vinylversie best nog niet op in mijn platenkast want deze gaat de komende tijd nog veel rondjes draaien. Sterk debuut!

JOKKE: 87/100

Asagraum – Potestas magicum diaboli (Kvlt 2017)
1. Transformation
2. Black triangle temple
3. Leviathan
4. Gospel of ignition
5. Daar waar ik sterf
6. Black sun prayer
7. Carried by lucifer’s wings
8. I burn within the devil

Celeste – Infidèle(s)

Leven in de Westhoek is meestal vrij eentonig, maar heel af en toe ook de moeite waard. Zo ook toen ik de verpletterende show van het Franse Celeste zag op Ieper Winter Fest in 2013, naast felbeminde namen als Alkerdeel en Amenra. Een tijd nadat ik kennis had gemaakt met het fenomenale “Misanthrope(s)” stelden de vier bewegende fietslichtjes live allerminst teleur. Met de nieuwe langspeler “Infidele(s)” is het verhaal hetzelfde: ik heb er lang naar uitgekeken, en mijn verwachtingen werden ingelost. Celeste vindt zichzelf noch het warm water opnieuw uit, maar levert als vanouds een meer dan degelijk album af. Dezelfde mix van hier eens meeslepende, dan weer rauwere black metal en sludge blijft centraal staan. Op de vraag of de band stagneert luidt het antwoord echter nee. De sound is voller en vooral meer gebalanceerd, wat in een nummer als “(I)” qua sound zelfs wat herinnert aan het Australische Spire (wat een debuut brachten die vorig jaar trouwens uit!). “Infidèle(s)” is, zoals hier bij Addergebroed wel vaker wordt gezegd, een album om in zijn geheel te luisteren. Hoewel er niet onverwacht weer heel wat repetitiviteit te bespeuren valt, houdt Celeste je gedurende bijna vijftig minuten in zijn greep zonder ook maar ergens aan intensiteit in te boeten. Vocaalgewijs wordt nauwelijks van de vertrouwde stijl afgeweken maar wat maakt dat uit als je zanger zo’n rauwe strot bezit? Toch heeft de band gelukkig niet ‘opnieuw hetzelfde album’ geschreven: men zet iets harder in op de sludgepassages en de blastbeat-uitbarstingen zijn iets sporadischer. Hoewel het never-change-a-winning-formula-idee in ere wordt gehouden klinkt dit werk volwassener – misschien een resultaat van het feit dat ze deze keer wél ruim te tijd genomen hebben in plaats van ongeveer elk jaar een album uit te brengen. Zij die de vroegere releases van Celeste appreciëren kunnen “Infidèle(s)” blindelings aanschaffen terwijl het album in termen van productie en het gemiddeld iets lager tempo hoogstwaarschijnlijk hun meest toegankelijk opus is tot nu toe. Hoewel dat laatste natuurlijk enorm relatief is.

CAS: 84/100

Celeste – Infidèle(s) (Denovali Records 2017)
1. Cette chute brutale
2. Comme des amants en reflet
3. Tes amours noirs illusoires
4. Sombres sont tes déboires
5. À la gloire du néant
6. Sotte, sans devenir
7. (I)
8. Entre deux vagues
9. De l’ivresse au dégoût
10. Sans Coeur et sans corps

Witch Trail – Thole

Het sympathieke Babylon Doom Cult Records heeft al enkele interessante releases op haar palmares staan en voegt daar met “Thole“, de nieuwe EP van ons eigenste Witch Trail, een puike uitgave aan toe. Hoewel qua speelduur langer dan debuut “Nithera“, beschouwt het trio “Thole” dus toch niet als een volwaardige langspeler. Het zij zo. Wat ik zo fijn vind aan Witch Trail is dat ze elementen van black, thrash, punk, en death-rock in één grote mengketel gieten en daar een vrij unieke en eigenwijze sound uit weten distilleren. “Fever pulse” en “New worlds for old” klinken als een kruisbestuiving tussen punky Darkthrone, rechttoe-rechtaan Aura Noir en een noisey variant van Pixies. Op plaat vind ik het black metal-aandeel zwaarder doorwegen dan tijdens live optredens, waar een no-nonsense attitude en een op het eerste zicht nonchalante punk-spirit de overhand nemen, hoewel de jongens best weten waar ze mee bezig zijn. “Splendour” is een mooi voorbeeld van een song die haast in ware goth-rock stijl aftrapt maar gaandeweg extremere oorden verkent waarbij er zowaar enkele blasts voorbijkomen en naar het einde een post-rock climax opdraaft. In het lange en loodzware “Unnatural caresses” ragt Hendriks bas als een tientonner door waarna opzwepend drumwerk en punky riffs het overnemen. Met vocalen wordt spaarzaam omgesprongen maar zowel drummer Laurens als gitarist Jeffrey verdelen de taak van het screamen met verve wanneer de songs erom vragen. De plaat klinkt dynamisch en heeft een rauw karakter wat uitermate past bij de ietwat chaotische muziek van het trio. Vooral naar het einde van de EP toe toont Witch Trail in het sludgy “Transe” haar voorliefde voor uitbundige noise-achtige chaos. In afwachting van de fysieke releases, die door een misprint en ellenlange vertragingen wel behekst lijken te zijn, valt de EP te beluisteren op de Bandcamp-pagina van de band. Allen daarheen en daarna richting Babylon Doom Cult Records voor een CD of vinyl!

JOKKE: 82/100

Witch Trail – Thole (Babylon Doom Cult Records 2017)
1. Fever pulse
2. New worlds for old
3. Splendour
4. Unnatural caresses
5. Thin
6. Transe