Maand: december 2014

Dysangelium – Thánatos áskésis

Het Duitse World Terror Committee staat, samen met het Amerikaans/Russische Daemon Worship Productions, ten huize satan naderhand wel als hofleverancier geboekstaafd als het aankomt op kwaliteitsvolle orthodoxe black metal. Op de nieuwjaarsreceptie van Zijne Gehoornde mag Dysangelium in elk geval niet ontbreken. De “Leviaxxis” EP die eerder dit jaar verscheen beloofde al veel goeds (https://addergebroed.wordpress.com/2014/10/30/dysangelium-leviaxxis/). Twee van de drie nummers die we daar in demovorm terugvonden, prijken nu in een nieuw lijkkleedje op de debuutplaat, namelijk het rockende midtempo “Obelisk of the sevencrowned son” en de wervelwind genaamd “Chaomega”. De negen doodspraktijken op “Thánatos áskésis” kleuren braaf binnen de ondertussen meer dan gekende lijntjes van het subgenre (dat zo stilaan zijn verzadigingspunt wel bereikt blijkt te hebben). Af en toe valt er wel eens iets thrashier riffwerk te bespeuren (“Murmura” of “Ave obscuritas incarna”),  hoewel de hoofdkleur waarmee geschilderd wordt nog steeds overduidend pikzwart is. De productie en sound zijn degelijk, maar voor de hand liggend, waardoor het onderscheidend karakter van Dysangelium tegenover de welgekende genregenoten Chaos Invocation, Ascension, Acherontas, Blaze Of Perdition en Acrimonious (om er maar enkelen te noemen) elders gezocht moet worden. Zo komen we uit bij frontman Sektarist 0 die het geheel van nóg meer dynamiek voorziet met zijn gezaghebbende semi-cleane/semi-geraspte vocalen en hierdoor de troef van de band is. De typische productie blijft echter het enige minieme kritiekpuntje want voor de rest zal “Thánatos áskésis” zeker niet in je platenkast misstaan als je eerder vernoemde bands een zwart hart toedraagt.

JOKKE: 82/100

Dysangelium – Thánatos áskésis (World Terror Committee 2014)
1. Consecrated by light
2. Words like flames
3. Obelisk of the sevencrowned son
4. Chaomega
5. Aries
6. Gateways to necromancy
7. Murmura
8. Ave obscuritas incarna
9. I am the witness, I am the servant

Advertenties

Insanity Reigns Supreme – Unorthodox

The Insane Cult of Doom. Respect! Dat verdienen ze. En daarvoor moet je nog niet eens naar hun muziek luisteren. Insanity Reigns Supreme is de oudste actieve Belgische band uit de extreme hoek. Deze heren maakten al herrie toen Eva nog op slangen joeg. Snelheidsduivels zijn het nooit geweest, figuurlijk dan, want alle 4 full lengths werden uitgebracht in een tijdspanne van 25 (!) jaar. Is dat het recept voor een langdurig bestaan? De eerste releases waren een pak trager dan de laatste albums. Het My Saaing Bride gezeur werd ingeruild voor een krachtige trap richting teelballen. Net zoals voorganger “Occultus insanus damnatus” uit 2009 (traag, je weet wel) kiest Insanity Reigns Supreme voor identiek dezelfde werkwijze: korte plaat (klokt rond dik een half uur, dubbel nummer niet meegeteld), belachelijk goede volle productie (Andy Classen heeft blijkbaar al eens achter een mengtafel gezeten), voortreffelijk Photoshop artwork door Seth Siro Anton, hetzelfde label, korte intermezzo’s (knipoog naar Beethoven) en verwoestende death- doomnummers. Knal!!! Vorig jaar al verscheen “Satanas rex inferis” op de Face Your Underground sampler. De gastbijdrage van zangeres Claudia Michelutti gaven een eerder bevreemdend gevoel, maar na enkele beurten werden ze net juist dat extra wat het nummer speciaal maakte. Gelukkig komt deze dame terug op meerdere tracks. Maar het zwaartepunt van “Unorthodox” zijn toch wel de sterke songs gecombineerd met de perfecte productie voor dit soort lawaai. “Throne of one” en “Ov fire” (of “Serpent ov fire“; geen idee waarom tweemaal quasi hetzelfde nummer (eenmaal met vrouwenzang, de andere keer zonder) op de cd staat) trekken alle registers open. De ene na andere mokerslag wordt toegediend op je gehoorwegen. Voeg daarbij de aardedonkere grunt van opperdemoon Tes Re Oth en veel meer moet niet gezegd worden. Bij wijlen wordt er wat gas teruggenomen zoals in (het eerste deel van) “Cursed be the faithful“. Insanity Reigns Supreme valt niet te vergelijken met alle hippe en trendy death metalbands van de laatste jaren. Ze weten oude, simpele death metal van het vorige millennium in een modern jasje te steken. En dat op een uiterst overtuigende en volhardende manier. Dus ook daarvoor: respect!

Flp: 86/100

Insanity Reigns Supreme – Unorthodox (Shiver 2015)
1. The conjuring
2. Ov fire
3. Throne of one
4. Torment
5. Moonlight sacrifice
6. By the blood of the beast
7. Cursed be the faithful
8. The calling
9. Opposer
10. Satanas rex inferis
11. Serpent ov fire

Thy Darkened Shade – Liber lvcifer I: Khem sedjet

Eén blik op de tracklist en titel van het tweede album van het Griekse Thy Darkened Shade en je weet wat voor vlees je in de kuip hebt: orthodoxe black metal (sorry “acausal necrosophic black metal” zoals ze zelf zeggen) waarbij het een gegoochel is met magische formules, occulte boodschappen, en duivelse mantra’s. Bio’s van dergelijke bands (sorry: entiteiten) zijn soms op het lachwekkende af omdat zowat alles verbloemd wordt met occulte grootspraak en kosmisch geneuzel. Spilfiguren van het hellenistische Thy Darkened Shade zijn Semjaza (o.a. Acrimonious) die instaat voor alle snareninstrumentatie en de teksten (sorry: mantra’s), die vocaal gebracht worden door bloedbroeder The A. Op drums worden ze uit de nood geholpen door een zekere H.G, die zich erg goed van zijn taak kwijt. De productie, mix en mastering van “Liber lvcifer I: Khem sedjet” was in handen van knoppentovenaar V. Santura (Dark Fortress, Triptykon) en Stamos Kolliousis. De heldere (hoor die bass!) maar droge sound maakt het maar liefst tachtig minuten lang genieten van de uitgesponnen maar goed in het gehoor liggende occultos black metallos. Vergeleken met andere orthodoxe collega’s zoals Acrimonious, Flagellant of Chaos Invocation klinkt Thy Darkened Shade echter nergens écht gevaarlijk. Het klinkt tamelijk braaf en sfeervol. De songs (sorry: rites) zitten echter wel erg goed ineen en je hoort dat hier getalenteerde muzikanten aan het werk zijn. Geheel volgens het boekje duiken her en der de obligate duivelskoren op. In het afsluitende nummer “Δαήμων Ὁ Φώσφορος” levert  Magus Wampyr Daoloth (Necromantia) nog een vocale bijdrage. Tachtig minuten lijkt een lange rit, maar die is makkelijk te halen door de toegankelijkheid, hoewel het hier absoluut geen commercieel popcorn occultisme betreft.

JOKKE: 80/100

Thy Darkened Shade – Liber lvcifer I: Khem sedjet (World Terror Committee 2014)
1. Holy lvcifer
2. Revival through arcane skins
3. Elixir of azazel
4. Black light of sitra ahra
5. Or she-ein bo mahshavah
6. Nox profunda
7. Drayishn I Ahriman o divan
8. Saatet-ta renaissance
9. Liber lvcifer
10. Deus absconditus
11. Δαήμων Ὁ Φώσφορος

Thantifaxath – Sacred white noise

Ik ben een lijstjes fetisjist, neuroot die ik ben. Her en der zag ik de mysterieuze naam Thantifaxath opduiken in overzichten van de beste platen van 2014. Nu ben ik normaal gezien goed op de hoogte van het muzikale reilen en zeilen in de underground, maar bij het lezen van deze moeilijke bandnaam hoorde ik het toch in Keulen donderen. Effe Metal Archives raadplegend dan maar. Daar valt te lezen dat het om een Canadese black metal band gaat en dat “Sacred white noise” de eerste full length is, volgend op een EP uit 2011. De plaats is al een paar maanden uit, maar toch geef ik jullie mijn gedacht er nog over mee. Niet alleen is het band numero elvendertig waarbij de bandleden zich verschuilen onder zwarte kapmantels, tevens verkiezen ze ook nog eens incognito te blijven. Veel meer info over de band kan ik jullie dus niet meedelen en wie of wat Thantifaxath is, daar heb ik ook het raden naar. Over naar de muziek dan maar. Bij Canadese black metal denk ik in eerste instantie aan Xasthur-worshipping groezelige depri black à la Forteresse of Gris. Daarvoor zijn we bij dit Thantifaxath echter aan het verkeerde adres. “Sacred white noise” staat immers garant voor een intense brok avontuurlijke en progressieve black metal die op tijd en stond de nodige theatraliteit bevat. Het tempo ligt doorgaans verschroeiend hoog en het disonnante gitaarspel is zenuwachtig (soms zelfs zenuwslopend) van aard zoals we dat ook kennen van een Krallice of Nightbringer (vooral in openingstrack “The bright white nothing at the end of the tunnel” en “Where I end and the hemlock begins”). Soms krijg ik het er dan ook van op mijn heupen. Emperor ten tijde van “Prometheus – The Discipline of Fire & Demise” popt ook regelmatig in mijn brein op. Na twintig minuten vormt het kalmere (hoewel bevreemdende) “Eternally falling” dan ook een welgekomen rustpunt. Het theatrale en avantgardistische effect wordt vooral bekomen door het experimentele gebruik van blazers en strijkers (“Gasping in darkness”, “Eternally falling”, “Lost in the static between worlds“). De productie staat als een huis, wat noodzakelijk is bij dit soort muziek. Complexe en moeilijk te doorgronden songstructuren zorgen ervoor dat je deze plaat de nodige luisterbeurten dient te geven alvorens je enkele herkenningspunten als houvast kunt vastleggen. ADHD’ers, avontuurlijke black metal liefhebbers en fans van bands genre Dillinger Escape Plan zullen dit wel kunnen smaken. Tijdens het schrijven van deze review, heb ik de plaat nog eens twee maal integraal na mekaar opgezet. Tijd voor mijn dwangbuis!

JOKKE: 80/100

Thantifaxath – Sacred white noise (Dark Descent Records 2014)
1. The bright white nothing at the end of the tunnel
2. Where I end and the hemlock begins
3. Gasping in darkness
4. Eternally falling
5. Panic becomes despair
6. Lost in the static between worlds

Mono – The last dawn/Rays of darkness

In battle there is no law. In post-rock Mono is the law. Het betreft hier niet een nieuwste telg van de bliksemwerpers, maar een dubbelluik custom made in het land van sushi en nucleaire weelde. Samen met Godspeed You! Black Emperor, Mogwai en Explosions in the Sky zet Mono de lijnen uit hoe post-rock gespeeld dient te worden. Al jaren behoort de band tot de absolute wereldtop en steeds blijven ze gouden albums afleveren. “The last dawn/Rays of darkness” is alweer het zevende (en achtste) studioalbum. De lat wordt zeer hoog gelegd en bij het aanhoren van “Cyclone” was ik meteen verkocht. Dit is mooi. Mooie muziek. Vaak rustig kabbelend. Sfeervol en instrumentaal met sporadische harde uithalen. Zo kennen we Mono en zo willen we ook dat Mono klinkt. Emotioneel, intens… De tracks kennen een trage, maar typische post-rockopbouw zoals we dat gewoon zijn. Er wordt immer naar een climax toegewerkt. En misschien klinkt Mono deze keer net iets ruiger dan voordien. Zeker als je “Rays of darkness” ontleedt. Het tweede luik klinkt donkerder en rauwer dan we doorgaans van Mono gewend zijn. Voor zover ik weet wordt er voor de allereerste keer ooit (schreeuw-)zang gebruikt en dat maakt “The hand that holds the truth” een van de interessantste nummers die Mono ooit gemaakt heeft. De rauwe, hysterische zang schiet de band naar een eenzame hoogte. Misschien ook omdat niemand dit verwacht? Afsluiten doet Taka en de zijnen met “The last rays“, een stuk dat enkel bestaat uit noise en feedback. Mono staat terecht in mijn eindejaarslijstje. Een van de meest pakkendste releases van het jaar. Mono I love you!

Flp: 90/100

Mono – The last dawn (Temporary Residence Limited/Pelagic Records 2014)
1. The land between tides/Glory
2. Kanata
3. Cyclone
4. Elysian castles
5. Where we begin
6. The last dawn

Mono – Rays od darkness (Temporary Residence Limited/Pelagic Records 2014)
1. Recoil, ignite
2. Surrender
3. The hand that holds the truth
4. The last rays

Bones – Awaiting rebirth

Bones, ik heb veel sympathie voor dit bandje. Vier jonge snaken die muziek maken van voor hun tijd, maar dat met zoveel overtuiging en passie doen dat je alleen daarom al bewondering hebt. Vorig jaar was ik al lovend enthousiast over hun debuutdemo en dit jaar volgt een nieuwe EP gedoopt “Awaiting rebirth“. Wat moet je verwachten van deze drie songs? Niks. Helemaal niks. Bones speelt death metal van het eerste uur. Een dikke flashback naar begin jaren (negentien) negentig. Er is niks moois aan “Awaiting rebirth” en laat het net dat zijn wat hun dat tikkeltje overtuigender maakt dan alle andere revival bands. Begrijp het niet verkeerd, de nummers geven iedere Dismember fan een stijve, maar het zijn de kleine nuances die de puntjes op de i zetten: de gitaren zijn op het randje van vals gestemd en de productie is beneden alle peil. Heer-lijk!!! Laat het grootste pluspunt de authentieke zang zijn. Als je terugdenkt aan de begindagen van dööds metaal, dan denk je toch automatisch aan al die grunters met een origineel stemgeluid? Ja toch? Tardy, Tompa, Van Dreunen, Schuldiner,… Ook de heren van Bones horen thuis in dit rijtje. Fuck this modern world! Killer songs, killer artwork, killer sound & killer band!

Flp: 82/100

Bones – Awaiting rebirth EP (Blood Harvest Records/Pulverised Records 2014)
1. Awaiting rebirth
2. Blight upon Sodom
3. Adulation of the spheres

Árstíðir Lífsins – Aldafǫðr ok munka dróttinn

Árstíðir Lífsins. Moeilijk, moeilijk, moeilijk,… En dan heb ik het niet over tongtwisters (quizvraagje iemand?) zoals “Kastar heljar brenna fjarri ofan Ǫnundarfirðinum“, “Knǫrr siglandi birtisk á löngu bláu yfirborði” en “Norðsæta gætis, herforingja Ormsins langa“, maar over de muziek die deze noorderlingen uit de pols schudden. Het is zeer moeilijk om een zwart-witrecensie neer te pennen. En daarbij zou een middelmatige, men zegge grijze, bespreking Stefáns werk oneer aandoen. Dan maar wat feiten. Het oudere Árstíðir Lífsins vond ik snel saai worden, maar hun split met Helrunar vorig jaar was fenomenaal. Ook langspeler nummer drie “Aldafǫðr ok munka dróttinn” (bon, niemand die iets aan de titel heeft, maar ik kon het niet laten) gaat verder op het vorige elan. Je hoort en merkt dat er echt heel veel moeite, passie en werk in het album gestopt is. Het laat zich allemaal moeilijk doorgronden en vangen onder een pet. De noords mythologische black metal varieert van traag, naar mid-tempo naar snel. Soms hoor je wat van Helrunar (nummer 3 op de eerste cd), maar dat is wel erg voor-de-hand-liggend, daar zanger Marsél ook deel uitmaakt van Helrunar. De veel voorkomende mannenkoren klinken belachelijk diep en drukken meer dan ooit hun stempel op “Aldafǫðr ok munka dróttinn“. Prachtig! Al mag ook gezegd worden dat de hysterische uithalen van Georg gemist worden. Hij is er op deze plaat niet bij. Verder hoor je heerlijke akoestische riedels waarmee Ulver ooit eens een hele cd heeft opgenomen. Enerzijds ligt alles gemakkelijk in het oor, maar (hoe vreemd genoeg) blijft alles moeilijk hangen. Komt het door de uitgesponnen lengte? Of is er te weinig variatie? Moeilijk… En feiten… Je weet wel. Een ander feit is dat “Aldafǫðr ok munka dróttinn” twee schijfjes bevat en naar goede Árstíðir Lífsins gewoonte afklokt op toch wel een dikke 80 minuten. Dat is erg veel. Misschien wekt dat inderdaad saaiheid in de hand. Verder heeft Ván Records wederom voor een erg mooie verpakking gezorgd. Eerlijk gezegd vind ik het een gemiste kans. De ganse digipack heeft een soort bruine one-click-made Photoshop textuur. Evenals de cover ziet er als snelwerk uit. En dat terwijl er zoveel opties zijn: lederen boekje, vernis laagje, het symbool (van de cover) in hout laten maken en fotograferen op aarde,… Ook het boekje van 22 pagina’s zou beter kunnen. De teksten staan in het Ijslands geprint als zijnde een bijbel, daarna nog eens in gewone letters en daarna volgt hun Engelse vertaling. Waarop niet wat meer opsmuk en minder herhaling? Of duiding erbij? Je merkt het; ik kan er lang over doorgaan. Misschien volgende conclusie trekken: “Aldafǫðr ok munka dróttinn” is een prachtplaat, maar stelt op verschillende vlakken wat teleur door gemiste kansen.

Flp: 78/100

Árstíðir Lífsins – Aldafǫðr ok munka dróttinn (Ván Records 2014)
Disc 1:
1. Kastar heljar brenna fjarri ofan Ǫnundarfirðinum
2. Knǫrr siglandi birtisk á löngu bláu yfirborði
3. Þeir heilags dóms hirðar
4. Úlfs veðrit er ið CMXCIX
5. Máni, bróðir Sólar ok Mundilfara

Disc 2:
1. Tími er kominn at kveða fyrir þér
2. Norðsæta gætis, herforingja Ormsins langa
3. Bituls skokra benvargs hreggjar á sér stað
4. Sem lengsk vánar lopts ljósgimu hvarfs dregr nærri