Maand: mei 2015

Amestigon – Thier

Het Oostenrijkse Amestigon is een black metal band die reeds twintig jaar op de teller heeft staan, maar nu pas met een tweede langspeler op de proppen komt. Eind jaren negentig werden enkele EP’s en splits uitgebracht en qua personeel was er een uitwisselingsprogramma met de vaandeldragers van de Oostenrijkse scene, u allen gekend als Abigor. Ik kende Amestigon wel van naam, maar had de muziek eigenlijk nooit deftig uitgecheckt. Nu de band bij het kwaliteitslabel W.T.C. Productions op stal staat, werd mijn interesse echter gewekt. Eerst maar eens even het oud spul opgesnord en daar werd ik nu niet bepaald warm of koud van, hoewel debuutplaat “Sun of all suns” uit 2010 nog wel zijn sterke momenten had. Een blik op de tracklist van nieuweling “Thier” doet een shift in aanpak en sound vermoeden, want we krijgen “slechts” vier songs te verwerken, echter elk met een double digit speelduur, waardoor het geheel op een uurtje afklokt. Het tempo op de plaat is wat teruggeschroefd en valt regelmatig te situeren in tragere doom- en sludge regionen met zwartgeblakerde basis. In openingstrack “Demiurg” duiken plots licht epische cleane vocalen op die een flash back oproepen naar het eveneens Oostenrijkse Raventhrone. Is even wennen, maar het werkt wel. Ook “358”,waarin het meest teruggegrepen wordt naar jaren ’90 black metal met een achtergrondtapijt van atmosferische keyboards, wordt afgesloten met cleane koorzangen op een repeterend psychedelisch stuk. De titelsong is een monoliet van twintig minuten waar een heleboel in te beleven valt. De high pitched raspende vocalen van Silenius wisselen af met geluister en spoken word samples. Er passeren melodieuze gitaarpartijen, noise, lichte psychedelica, blastpartijen, …voor ieders wat wils dus. De aanpak van een band als Secrets Of The Moon, Farsot of ons eigenste ter ziele gegane Gorath ten tijde van zwanenzang “Khiliasmos” duikt ook regelmatig als referentiekader op. In het afsluitende “Hochpolung” vloeit een lange melancholische instrumentale passage met het grootste gemak over in razende black metal en grauwe post-metal. Op conceptueel gebied wordt de fysische thematiek van “Sun of all suns” ingeruild voor het metafysische, want op “Thier” draait alles om creatie, magie en wilskracht. Amestigon heeft zich met dit album boven de grijze massa weten uitsteken door al haar invloeden te vervlechten tot een geheel dat een vrij eigen smoelwerk oplevert, wat absoluut geen evidentie meer is de dag van vandaag. Benieuwd wat dat op volgende platen gaat opleveren!

JOKKE: 81/100

Amestigon – Thier (World Terror Committee 2015)
1. Demiurg
2. 358
3. Thier
4. Hochpolung

Advertenties

Antlers – A gaze into the abyss

Antlers is een vrij jonge band uit Leipzig die met hun eerste boreling “A gaze into the abyss” meteen een mooi visitekaartje aflevert. Hoewel ze opereren vanuit Duitsland hebben we hier echter met Spanjaarden en Catalanen te maken die ook actief waren of zijn in Ekkaia, Cop On Fire en Sangre De Muerdago, drie namen waarbij ik het in een andere Duitse stad hoor donderen. Opzoekwerk leert dat het hier om crustpunk en neo-folk bands gaat, wat verklaart waarom ze bij ondergetekende geen belletje deden rinkelen, want in deze scenes ben ik niet zo thuis. Black metal met een links-politieke en antifascistische achtergrond dus. Het gewei van dit zwarte hert kent vertakkingen in de oude Scandinavische scene, de recente Cascadian stijl en de Oost-Europese pagan variant. Het midtempo melodische gitaarwerk in “Hundreds” doet meer dan eens Drudkhiaans aan en in het snelle blastwerk sijpelen de Noorse invloeden door. In “To the throats” hoor ik zelfs wat stukjes van ons eigenste Wiegedood terug. In plaats van bomen te knuffelen en moeder aarde te adoreren wordt op tekstueel en inhoudelijk vlak geput uit literatuur van het collectief Luther Blisset en William Blake. Dat onze linkse rakkers niet vies zijn van een gitaarsolo op tijd en stond horen we in “Carnival of freedom and betrayal” en “Memories of the extinct”. Origineel is het allemaal niet, maar het luistert wel lekker weg. Ze hebben blijkbaar enkele dagen geleden in Gent opgetreden. Spijtig dat me dat ontgaan is want Antlers levert het bewijs dat punkers ook een ferme pot black metal kunnen spelen.

JOKKE: 80/100

Antlers – A gaze into the abyss (Vendetta Records 2015)
1. Reverence
2. Hundreds
3. Carnival of freedom and betrayal
4. To the throats
5. A jail of flesh
6. Memories of the extinct

Sulphur Aeon – De roep om Cthulhu

Uit het niets verrees Sulphur Aeon, een oerdegelijke death metal uit Duitsland. “Gateway to the antisphere” was hun tweede plaat en niet onterecht krijgt de band massaal schouderklopjes uit binnen en buitenland. Bijster origineel is het allemaal niet, maar het staat als een huis. Over dit, Lovecraft en nog veel meer staat muzikaal mastermind Thorsten Addergebroed te woord. (Flp)

1

Zeg eens, waarom had ik eerder nog nooit gehoord van Sulphur Aeon?
Hell, geen idee. We zijn gewoon een underground death metalband. Wel ja, beter laat dan nooit, eh?

Ik weet dat volgende vraag ruk is, maar ik vind niet al te veel online informatie over Sulphur Aeon. Wil jij wat meer uit de doeken doen over het hoe en wat van de band?
We hebben expres geen biografie geschreven. We geloven niet dat het erg belangrijk is. Er is gewoonweg geen groot verhaal te vertellen. In het begin was Sulphur Aeon misschien wel een soort project, of beter gezegd: een experiment. In 2010 startte ik de band met als doel het verwezenlijken van mijn muzikale ideeën zonder rekening te moeten houden met compromissen. Gelukkig vond ik met M., en een beetje later ook D., twee toegewijde partners in crime zodat Sulphur Aeon echt vorm kreeg en een echte band werd.

Tijdens het bespreken van “Gateway to the antisphere” vergeleek ik het album met een verbeterde versie van Behemoth, Nile en Immolation. Hij zou jij het beschrijven?
Ik denk niet dat de bands hier genoemd nog moeten verbeteren op eender welk vlak dan ook. Ze beheersen hun kunde en eigen stijl vlekkeloos. Ik geef toe dat enkele elementen van hun muziek doorsijpelden in Sulphur Aeons sound. Het zou onnozel zijn dat te ontkennen. Onze album zou ik beschrijven als zijnde een natuurlijke evolutie van onze stijl die we hebben ontwikkeld sinds de uitgave van “Deep deep down they sleep” en “Swallowed by the ocean’s tide“. We spelen een vorm van woeste, doch erg melodieuze black/death metal met nadruk op een zeer duistere en massieve sfeer.

Vertel eens, van waar de adoratie voor H.P. Lovecraft?
Omdat H.P. Lovecraft zoveel meer is dan enkel een icoon voor de horror literatuur. Het geheel aan goden wat hij creëerde is zo inspirerend groot, dat wij erdoor aangetrokken worden. Er is heel wat ruimte voor eigen interpretatie en zelfs voor persoonlijke toevoegingen. Zijn verhalen geven een gevoel, in iemands gedachte, dat er nog wat te vertellen valt. Dat er iets donkers achter loert. Het gaat dieper dan enkel de vertelsels. He schreef nooit lange epische verhalen, maar zijn erfenis bestaat vooral uit korte (en enkele langere) romans waarvan de bovenbouw zo gigantisch is dat het ons laat verlangen naar meer. En los daarvan denken we dat het perfect past bij onze sound.

Cthulhu ziet de mensheid als iets kleins en waardeloos. De mensheid zou zelfs niet in staat zijn haar nietszeggendheid te vatten.
Het menselijk ras stelt dan wel niks voor in de wijde kosmos. Toch zijn we op aarde en hier is de mens zijn betekenis onmiskenbaar. Dat is een probleem, daar de mensheid zich uiteindelijk zelf zal vernietigen in een niet zo verre toekomst. Als je het nieuws bekijkt is het moeilijk om geen menshatende gedachten te krijgen. Al zijn we ook geen filantropen. Je moet altijd kunnen verder kijken dan enkel zwart en wit.

Lovecraft draait er de hand niet voor om om niet Angelsaksische culturen te beledigen. In Duitsland liggen zaken zoals deze nogal gevoelig. Zijn jullie al op de vingers getikt hiervoor?
Eerlijk gezegd ben jij de eerste die dit stukje persoonlijkheid van H.P. Lovecraft belicht. We zijn ervan op de hoogte dat hiervan enkele voetsporen terug te vinden zijn in zijn schrijfsels. Maar het was een heel andere tijdsgeest toen. Mensen hadden veel meer vooroordelen tegenover andere culturen, religies en zelfs andere huiskleuren – Gebaseerd op angst. Lovecraft was een latente racist, zoals zoveel schrijvers die tijd. Maar als ik zijn boeken lees, is politiek het laatste waaraan ik denk. En voor zover ik weet heeft Lovecraft in zijn latere brieven afgezien van deze beschuldigingen. Trouwens, hij was zelfs getrouwd, al was het kortstondig, met een joodse vrouw. Laten we duidelijk zijn: Sulphur Aeon is geen politieke band en we hebben ook nooit opmerkingen gehad hierover.

Op Facebook zag ik de allereerste schets die Marten stuurde naar Ola Larsson. Daarop is het hele artwork gebaseerd? Het lijkt haast een grap; ongelooflijk! Jullie moeten wel onvoorwaardelijk vertrouwen hebben in Larsson. Dit is echt een van de best ogende covers die ik de laatste jaren gezien heb!
Een grap? Neen hoor. Het was gewoon een echte, maar dan ook echte ruwe schets van een idee dat we Ola wilden tonen. We hebben uitvoerig ideeën uitgewisseld en bleven dan ook in contact tijdens het hele creatieve proces. Ola Larsson is een enorm getalenteerde artiest en als we ooit aan iets niet getwijfeld hebben, is het ons vertrouwen in zijn kunde. We zijn meer dan blij dat hij wederom toegestemd heeft te werken met ons.

2

Sulphur Aeon staat op stal bij Imperium Productions. Dit label had enkele geweldige releases in het verleden (Sonne Adam, Dark Fortress, Kaamos,…) maar lijkt op sterven na dood momenteel. Waarom kwam “Gateway to the antisphere” uit op Imperium Productions en Ván Records?
Imperium is niet echt ten dode opgeschreven. Wegens tijdsgebrek heeft Philipp besloten het label on hold te zetten, maar voor Sulphur Aeon wil hij er altijd zijn. Deze beste is een echte vriend van de band en het zou nooit in ons opkomen zonder hem te werken. Voor het tweede album hadden we een partner in crime nodig, daar Philipp niet in staat was het album op zichzelf uit te brengen. In Sven (Ván Records) hebben we een enthousiaste partner en vriend gevonden. Zonder hem, zou dit alles niet mogelijk zijn zoals het nu gelopen is. Het plaatje past perfect!

Zou het niet logischer zijn om samen te werken met Century Media, daar Imperium Productions’ label manager ook voor Century Media werkt?
Waarom? We zijn meer dan tevreden met hoe de zaken nu gelopen zijn en de manier waarop we samenwerken met onze labels. We zijn niet op zoek naar een grote carrière, of hoe je het ook zou willen noemen. Enerzijds hebben we totale artistieke vrijheid, anderzijds hebben we onvoorwaardelijke steun in eender wat we willen doen. Wat kan een band zich nog meer wensen?

Jullie spelen zelden live. Zijn er plannend it te veranderen of is er een speciale reden waarom jullie zo weinig spelen?
In het begin was het zelfs niet gepland ooit live te spelen. We geloven niet dat live shows een goed promotioneel middel is om een breed publiek te bereiken. Als we live spelen is het meer een viering met en voor onze supporters. We willen dat onze shows speciaal blijven en geen routine worden. Daarom kozen we ervoor enkel die shows te doen waarbij we ons goed voelen. We vinden het dan ook belangrijk om de bühne te delen met bands die we zelf interessant vinden. Liever dat dan op een affiche te staan waarvan geen jota ons interesseert, maar waar we dan wel voor een groot ongeïnteresseerd publiek staan.

Laten we het interview afsluiten met een opmerking over Lovecraft. Vaak volgde hij zijn dromen. Welke dromen zou je nog willen zien waar worden met Sulphur Aeon?
Ik denk dat we al meer hebben verwezenlijkt dan we ooit hebben durven dromen. Maar het zou een droom zijn eens een show te openen voor Behemoth of Nile.

Laat Behemoth en Nile maar voor jullie openen!

Macabre Omen – Een muzikaal fotoalbum

Macabre Omen gaat al heel wat zomers mee, maar laat slechts sporadisch van zich horen. Het pas verschenen “Gods of war – At war” is er boenk op. De traagheid tussen albums doet misschien vermoeden dat bezieler Alexandros wat van nonchalante aard is, doch loopt de beste man over van passie. “You cannot beat the feeling of discovering something you like by yourself, without constant media brainwashing! I still remember discovering “Thy mighty contract” and “Hvis lyset tar oss”. I felt like I was the only one on the planet!” De toon is gezet. (Flp)

11035583_804080342972591_3516067342061630169_n

Zeg eens, hoe zou je “Gods of war – At war” vergelijken met zijn voorganger “The ancient returns“?
Voordat de opnames van “Gods of war – At war” aanvatten, was er het plan om alle belangrijke Macabre Omen elementen te vergroten en er het beste uit te halen. Eerst en vooral voor mijn eigen plezier en nadien voor het plezier van het publiek. “Gods of war – At war” is grootser, duisterder, beter en langer mét elementen van traditionele nineties black metal. Een gevoel dat je zeker zal waarnemen eens je aan deze reis begint. Vanaf dag één wist ik dat er meer budget was, en gelukkig hebben we de juiste stappen genomen om dit ten volle te benutten. Wetende dat er geen repetities waren, mag gezegd worden dat drummer Tom Vallely (van Lynchgate) een ongelooflijke sterke prestatie heeft geleverd. Ook een pluim voor producer Greg Chandler (van Priory Studios) om vast te leggen wat al meer dan een decennium afspeelde in mijn hoofd. Het was een enorme opgave, maar het resultaat spreekt voor zich.

Er is duidelijk heel wat Rotting Christ te horen. Verdorie, wat heb ik dat gemist, daar de grote Griekse namen hiermee al jaren gestopt zijn. Je herbruikt oude ingrediënten, maar laat ze fris en nieuw klinken. Ik durf zelfs te zeggen dat ze beter zijn dan het originele. Je hebt door dat je met “Gods of war – At war” en extreem goed album hebt afgeleverd?
Ik denk dat het antwoord op jouw laatste vraag gegeven wordt tijdens de eerste seconden van de openingstrack “I see, the sea!“. Over de referenties naar Rotting Christ en de oude Helleense sound; sinds midden jaren negentig was dit al een deel van Macabre Omens geluid. Het is het soort black metal waarmee ik opgegroeid ben en tevens nog steeds naar luister. Ik zou ook niet beweren dat oude ingrediënten herbruikt worden, daar ze al twintig jaar aanwezig zijn in onze sound en niet ineens erin gesijpeld zijn. Als ik dan al wat herbruikt heb, zijn de grenzen verlegd om het grootser te maken. Dan was dat zo gepland. Macabre Omen is altijd een goede mix geweest tussen epische black metal gemengd met de traditionele Helleense sound en een koude Noorse black metal feel. Voeg daarbij ook maar wat “Twilight of the gods” zodat we herinneren wie deze beweging gestart heeft. Vergeet nooit de ouden!

Je hebt altijd veel tijd nodig om een nieuw album uit te brengen. Enkele jaren geleden vertelde je me, deels om te lachen, dat je niet te snel een nieuw album moet uitbrengen, maar gewoon in meerdere bands moest spelen. Je volgt duidelijk jouw eigen advies. Maar waarom duurt het eigenlijk altijd zo lang als jij betrokken bent? Of is echt een strategische zet?
Ik denk, dat als elke band zijn tijd zou nemen om wat uit te brengen het een veel gezondere scene zou zijn. Zonder al te veel onzin op de markt. De scene is echt niet zo groot dat een band wel twintig verschillende shirtontwerpen nodig heeft. In de jaren negentig was het anders. Het was meer puur en de output was beperkt door een aantal verschillende redenen. Ik snap niet waarom dit allemaal nodig is en wat groepen feitelijk willen bereiken. Ik heb het gevoel dat mensen de ideologie van black metal verwisselen met iets meer commercieel, toegankelijk en menselijk. Er zijn andere genres waaraan ze zich kunnen wagen als ze zoiets willen bereiken. Met betrekking tot mijn output, ik neem mijn tijd omdat ik wil dat de riffs natuurlijk klinken en werkelijk uitrukken wat ik voel. Het mag niet geforceerd overkomen. Ik heb tijd nodig om te reflecteren en na te denken over datgene ik schrijf zodat ik nadien geen spijt krijg. Tijd brengt ook ervaring met zich mee, hetzij in leven, dood, mislukking, vernietiging,… Zeg het maar. Deze ervaring kan vervaardigd worden in iets eerlijks, iets recht uit het hart en niet in iets opzettelijk gemaakt wat uiteindelijk zal verdwijnen in vergetelheid en tenslotte in de koopjesbak belandt.

In welke bands en projecten speel je tegenwoordig? En wat van jouw label Maleficentissimus Triumphatus?
Niet zoveel, eerlijk gezegd. Ik verkies mijn aandacht te verdelen over mijn eigen bands zoals Macabre Omen en The One. Met enkele kameraden hebben we onlangs een nieuwe band opgestart: Necromaniac. De demo “Morbid metal” is net uit. Verwacht je aan meedogenloos jaren tachtig gedweep. Maleficentissimus Triumphatus is een klein label. Mijn derde dusver. Na Demonian Productions en het mislukte ISO 666, dat ik met waardeloos tuig opgestart had. Ik hoop van harte dat deze kerel ondertussen van het toneel verdwenen is. Maleficentissimus Triumphatus staat voor wat ik altijd wilde doen, hetzij uitbrengen van gelimiteerd spul van wat ik aanzie als echte black metal. Zonder promotie en zonder campagnes die het in je strot rammen om je het te doen kopen. Meer dan dat doet Maleficentissimus Triumphatus niet…

Gods of war – At war” lijkt een erg persoonlijk album te zijn. De songtitels verwijzen naar jouw culturele erfenis (Griekenland en Rhodos) en jouw eigen persoon (zie beide odes aan Alexandros).
Inderdaad, het is een persoonlijk album daar het allemaal vanuit mijn persoon komt. Meer dan een decennium werk wordt vertegenwoordigd in niet enkel pure meedogenloze stukken maar tevens in erg conceptuele persoonlijke zaken. Cultureel erfgoed is altijd een belangrijk onderdeel geweest van Macabre Omen. Het is een metaforische basis waarom de teksten en concepten gebaseerd zijn. Helaas voor zij die het hopen, maar er is niets nationalistisch aan. Blinde aanbidding en godsdienst in het algemeen vind ik een te menselijk concept om te volgen. Ik veracht zwakheid en heb er veel moeite mee mensen te snappen die perse willen behoren tot een of andere groep. Het album voelt dan wel aan als een concept, omdat ik meestal zo’n werkwijze hanteer – Toch is “Gods of war – At war” geen conceptalbum in de letterlijke betekenis van het woord. Het zijn momentopnames uit mijn leven, gebaseerd op bepaalde ervaringen en uitgedrukt in songs en zelfs in riffs. Zo herinner ik de geboorte van elke riff. Hoe ze gemaakt werden, waar en waarom. Noem het een fotoalbum als je wilt.

Ook het sterk aan Bathory ontleende “From son to father” ontgaat mijn aandacht niet. Moet het niet andersom zijn?
Spijtig genoeg gaat het niet andersom,… Mijn vader is nog niet zo lang geleden overleden. Vandaar deze song. In tegenstelling tot de rest van het album, is dit nummer geschreven in slechts drie dagen. Het is een bewijs dat ook iets kan componeren in minder dan tien jaar! Hetzij goed of slecht, maar dit onvoorzien voorval heeft het album een beetje anders gemaakt dan hoe het voordien klonk. Dit nummer is wellicht het traagste nummer wat ik ooit voor Macabre Omen geschreven heb. Maar het past perfect in het één uur durende oorlogsconcept over dood, verlies en het verlangen opnieuw samen te zijn als het ooit zou kunnen.

Hoe Grieks voel jij je eigenlijk? Voordat je in Engeland woonde, leefde je in Nederland. En je geboorteplaats is het eiland Rhodos, dat eerst Turks was alvorens deel uit te maken van Griekenland (na de Tweede Wereldoorlog).
Voor beginners: ik ben geboren en opgegroeid in Rhodos (Griekenland). Ik ben ook nog half Nederlands, al heb ik er nooit gewoond. In 1997 verhuisde ik naar Londen en daar is het meeste materiaal van Macabre Omen ten gehore verschenen. Ik heb me altijd Europees gevoeld, als dat gevoel überhaupt bestaat. In Londen voel ik me trouwens erg op mijn gemak. Ondanks de grootte van deze metropool kan je er makkelijk afstand nemen van mensen, in tegenstelling tot een klein dorp waar iedereen elkaar kent. I houd echt van de isolatie en heb geen behoefte aan constant entertainment en sociale interacties.

Ik neem aan dat jij op de cover staat. Welk gebouw staat voor jou en heeft het enige vorm van symboliek, daar je dat specifiek gekozen hebt?
Je hebt het bij het rechte eind! Ik houd ervan lichaam en ziel in mijn muziek te stoppen. Voor verschillende redenen zou ik liever niet onthullen welke tempel op de foto staat. De idee echter, stamt al van lange tijd geleden – met dank aan enkele individuen die achter me stonden en me hielpen dit te verwezenlijken. Ik houd niet van tekeningen als het over muziek gaat. Het moet het echt zijn. De symboliek van de cover vind je terug in de tekst van het titelnummer:

The Kingdom of the Gods I enter,
with my sword in the hand on the left.
My face obscured by the blackness of the night,
my sight and visions are clear.
I extend my hand to the Greatness of the Gods
and become One with Them.
Singing paeans and hymns…

Gods of War – At War

In een ouder interview (Chronicles of Chaos 2006) zeg je: “black metal is geen muziek om de massa te plezieren, maar dient net de componist te plezieren.” Deel je nog steeds dezelfde mening? Mag ik dan zeggen dat je helemaal geen ambitie hebt op muzikaal vlak?
Ik denk dat na eenentwintig jaren de muziek voor zichzelf spreekt. Het blijft undergroundmuziek recht uit het hart. Het is plezant om trends te zien komen en gaan, soms zo snel dat je geen tijd hebt om het te vatten. Zo zijn er ook bands die met een bepaald imago best wel groot waren in de jaren negentig, trends volgden en het roer helemaal omgooiden in 2006 om enkele jaren later nog maar eens van koers te veranderen. Macabre Omen is ontsproten uit mijn gedachten en mijn gevoelens en dat zal altijd zo blijven. Tot het einde. De muziek is gemaakt door mijzelf en voor mijzelf. Als iemand me daarin wil volgen is dat een mooi extra. Los daarvan heb ik geen enkel doel of ambitie iets te bereiken.

Hoe zit het met live shows? Het zou groots en geweldig kunnen zijn!
Het nieuwe album heeft inderdaad een lekker live feeling. We hadden geen talloze takes nodig om alles in te blikken. Alles verliep redelijk los en het gaf een soort strijdgevoel. Zo van hier en nu! Het zou inderdaad tof zijn dit live te brengen samen met wat oudere tracks. Macabre Omen heeft nooit shows gespeeld, ondanks de talloze aanvragen. Er zijn absoluut geen plannen om op de planken te staan, maar als het ooit gebeurt, zullen het slechts een handvol shows zijn in enkele belangrijke steden.

Alvorens de laptop dicht te slaan, een korte kijk in de toekomst: wat mogen we verwachten van Macabre Omen alvorens jullie album nummer drie (“Before dusk we shall prevail“) uitbrengen in 2025? Wat nieuwe splits? Iets nieuws van The One? Of…
Hah, stop geen ideeën voor nieuwe titels in mijn hoofd! (ADDERGEBROED: ik vrees dat Alex deze woordspeling niet helemaal vat, jullie? Spit het maar uit.) Momenteel ga ik door een fase van niets,… Ik zoek closure en wil alles van het album vergeten. Zie het als een kleine ontwenningskuur die ik volg telkens een nieuw album uitgebracht wordt. Zo geraak ik uit de zone en kan ik me wagen aan iets anders. Er zijn ideeën voor een opvolger van “I, master” van The One. Geen idee hoe lang het nog zal duren. Maar verwacht je alvast aan iets oncomfortabel en iets onplezant.

Uiteraard!

Akhlys – The dreaming I

Van over de grote plas bereikt ons de tweede plaat van Akhlys, een met ambient doorspekte black metal band waarvan we commandant Naas Alcameth natuurlijk kennen van het gerenommeerde Nightbringer en Bestia Arcana en die zich hier geruggensteund ziet door een zekere Ain op de artilleriedivisie. Deze illustere man weet wel hoe hij een spervuur uit zijn drumkit kan toveren. Net zoals bij Nightbringer is het tempo haast voortdurend verschroeiend hoog en dringen de typische licht enerverende tremolo gitaarriffs van Naas Alcameth je hersenpan in om daar dood en verderf aan te richten. Een subtiele laag effecten en keyboards geeft het geheel een licht sacraal karakter mee, want voor de rest is dit pure duisternis. De repetitieve mineur riffs van hoogtepunt “Consummation” creëren een kwartier lang een sinistere en bedreigende atmosfeer (wat ook tot uiting komt in de passende hoes), die met momenten onderdrukt wordt om even later zich naar de oppervlakte te murwen en aldaar tot een climax te komen. Op vocaal gebied produceren de vitriole stembanden van Naas Alcameth geluiden die het midden houden tussen Golem en de Nazgûl, en op sommige momenten klinkt het alsof die eerste droog in de kakker genomen wordt door die laatsten, alle negen tegelijk. Hoewel het totaalgeluid wel heel dicht bij Nightbringer ligt, heeft deze band absoluut bestaansrecht. Door de ambient die in het geheel verwerkt is, ligt het eindresultaat voor ondergetekende net iets beter in het gehoor, hoewel dit natuurlijk relatief is aangezien het hier over heel duister en bevreemdend spul gaat. Checkt u het hieronder vooral zelf maar.

JOKKE:  82/100

Akhlys – The dreaming I (Debemur Morti Productions 2015)
1.
Breath and levitation
2. Tides of oneiric darkness
3. Consummation
4. The dreaming eye
5. Into the indigo abyss

Serpent Noir – Erotomysticism

De groeicurve die het Griekse Serpent Noir sinds haar geboorte in 2010 heeft doorgemaakt is bijna zo steil als de wanden van de financiële put waar hun thuisland dient uit te klouteren. Dat deze Helleense muzikanten bovendien niet over één nacht ijs gegaan zijn met het ineen boksen van hun nieuwe plaat “Erotomysticism”, wordt al snel duidelijk als we een blik werpen op de lijst participanten op deze plaat. Het vijftal, dat is samengesteld uit muzikanten van Acrimonious, Embrace Of Thorns, Nefandus en Ofermod; do I need to say more over het genre dat we hier voorgeschoteld krijgen? ) heeft zich immers op tekstueel vlak laten bijstaan door Thomas Karlsson, oprichter van “Dragon Rouge”, auteur van “Qabalah, qliphoth and Goetic magic” en sinds jaar en dag tekstschrijver voor het (scusi – tenenkrullende) Therion. Op “Desert of azazel” neemt hij de lead vocalen voor zijn rekening en ook Christofer Johnsson, mastermind van het Zweedse Therion, leverde een muzikale bijdrage op Hammond orgel in het afsluitende “Mephistophelian pacts”. De mastering was dan weer in handen van Thomas Tannenberger van het Oostenrijkse Abigor. Ook al hangt er een ietwat doffe waas over het muzikale geheel, laat dat vooral geen domper op de feestvreugde zijn. Na een mystiek intro vol panfluiten (denk hier nu niet aan onze kleine Peruviaanse vrienden die vroeger op de zeedijk middels dit instrument kitscherige versies brachten van Céline Dion’s “My heart will go on” en andere muzikale gedrochten) is het tijd voor het echte werk. Dit is occulte black metal met een hoofdletter “O”. Hoewel de band muzikaal gezien op veel momenten niet als black metal te catalogiseren valt. Het veelvuldig gebruik van cleane gitaar- en keelklanken creëert immers meer dan eens een dark wave achtig sfeertje. Het draait bij Serpent Noir helemaal om het neerzetten van duistere sfeer en het creëren van transcendentale portalen naar parallelle universums. En qua tempo heeft deze band hoegenaamd geen interesse in het breken van snelheidsrecords. Sporadische uitbarstingen worden  groots ingeluid middels een gongslag en roepen (mede door de Oosters aandoende melodieën)  vergelijkingen op met Cult Of Fire. Op andere momenten worden rituele drums gebruikt (“The initiatrice of a’arab zaraq”) om donkere vibes en mysterieuze onheilspellende klanken te produceren. In “Ayahuasca” duiken oepternieft Latijns-Amerikaanse invloeden op. Niet zo vreemd, want sinds “Ja Jan” weet Jan en alleman dat ayahuasca (ofte “slingerplant van de ziel”) een hallucinogene plant uit Peru is, waarvan een soort thee getrokken wordt die door Indianenstammen ritueel gedronken wordt en tot één van de sterkste en meest bevreemdende trips leidt. Past dus perfect op deze plaat. Serpent Noir opereert in dezelfde niche als landgenoten Acherontas maar levert met “Erotomysticism” een kunstwerkje af dat het beter doet dan die laatste hun nieuwste.

JOKKE: 80/100

Serpent Noir – Erotomysticism (Daemon Worship Productions 2015)
1.
Path of the raven
2. The veritable red dragon
3. Ayin
4. Al runa
5. Desert of azazel
6. The initiatrice of a’arab zaraq
7. The dioscuri of darkness
8. Ayahuasca
9. Mephistophelian pacts

Chalice Of Blood – Helig helig helig

Sommige bands opteren meteen voor het uitbrengen van een full album, terwijl anderen het rustiger aan doen en kleinere releases opzetten, die meestal dan ook meer onder de radar blijven. Het Zweedse Chalice Of Blood is zo’n band die sinds haar ontstaan in 2005 al één demo, drie splits (met o.a. het Japanse Arkha Sva en het Portugese Israthoum) en nu dus ook een volwaardige EP op haar conto mag schrijven. Misschien ook maar beter zo. Niet dat we deze EP niet kunnen smaken, integendeel, maar een volledig album zou misschien wat gaan tegenzitten. We krijgen nu een kleine twintig minuten aan Noors/Zweedse black metal voorgeschoteld die, weliswaar niets toevoegt aan ieders platenkast die van dit soort teringherrie houdt, maar desalniettemin mijn buikpluisjes tot een hoopje as verschroeit. De ietwat scherpe sound van de ijskoude thrashy riffs doorklieft mijn trommelvliezen en past deze stijl als gegoten. De productie was in handen van Lars Broddesson (voormalig Marduk drummer) die hier aantoont dat hij meer kan dan trommelen. Liefhebbers van frosty Noors spul à la oude Immortal, Gorgoroth en Taake zullen hier wel plezier aan beleven. Qua thematiek zoeken ze het eerder in de orthodoxe richting, zoals zovelen tegenwoordig. “Helig” betekent in het Zweeds dan ook zoveel als “heilig”, “geheiligd”, gewijd”, “gezegend” of “sacraal”. Voer voor black metal puristen.

JOKKE: 73/100

Chalice Of Blood – Helig helig helig (Daemon Worship Productions 2015)
1. Hoor-paar-kraat
2. Nightside serpent
3. Shemot
4. The communicants
5. Transcend the endless