Mûspellzheimr – Nidhöggr

Als de lijstjes van gelukkigste mensen ter wereld bekend worden gemaakt, staan de Denen doorgaans ergens bovenaan. Dat heeft onder andere te maken met de uitstekende werking van hun sociale zekerheid, de goede gezondheidszorg, het prima onderwijs en de manier waarop de arbeid is georganiseerd. Hierdoor blijft er voldoende tijd over voor “hygge“, de Deense manier van genieten van het leven, een modewoord dat de afgelopen twee jaar ook hier bij ons opdook. Haaks op die Deense gezelligheid en het creëren van fijne warmte staat de nieuwe, tweede langspeler van Mûspellzheimr. Denemarken heeft altijd al wat achterop gehinkt als we over Scandinavische black metal spreken, hoewel deze band (samen met Solbrud) bewijst dat er ook in het land van het smørrebrød en Carlsberg nog steeds héél degelijke black metal gespeeld wordt. Net zoals de tracklist van haar platen, baadt ook de line-up van Mûspellzheimr in één groot mysterie. Met een speeltijd van een half uurtje lijkt het nieuwe “Nidhöggr” misschien wat aan de korte kant te zijn, maar ik verzeker je dat je compleet uitgeteld zal zijn na het aanhoren van al deze angstaanjagende rauwe zwartgeblakerde klanken. De distorted gitaren creëren een verstikkende maalstroom aan verzengende vulkanische hitte – de bandnaam verwijst niet voor niets naar de Vuurwereld uit de Noordse mythologie – waar schrikwekkende hoge, ijle screams doorheen klieven. Waar de zanger het over heeft, is me een raadsel, maar afgaande op de albumtitel vermoed ik dat de nummers handelen over de draak of slang die eeuwig en altijd aan de wortels van de levensboom Yggdrasil knaagde. Een song zoals “II” springt eruit met haar repetitieve, trance-opwekkende karakter en penetrante duisternis en de snijdende leads van “V” ademen een triomfantelijk gevoel uit. Doorheen de dichte waas aan riffs en blasts zal het getrainde oor een goed verstopte sacraal aanvoelende ambient-laag ontwaren die desondanks haar subtiele karakter onlosmakelijk bijdraagt tot deze pikzwarte hoogmis. Mûspellzheimr is voer voor avontuurlijke black metal fanaten die hun favoriete muziek verre van gestroomlijnd, dun afgelijnd en fijn afgeborsteld willen hebben (denk aan Skáphe, maar ook aan bands als Predatory Light of Throne Of Katharsis). Waarmee ik niet wil zeggen dat de Denen een ongeleid projectiel zijn, want wie deze duisternis meermaals ondergaat zal na verloop van tijd de nodige houvast vinden in deze chaotische draaikolk. Nog even meegeven dat debuutplaat “Hyldest til trolddommens flamme” recent ook door Amor Fati terug op de markt werd gebracht. Aanschaffen die handel!

JOKKE: 82/100

Mûspellzheimr – Nidhöggr (Amor Fati Productions 2017)
1. I
2. II
3. III
4. IV
5. V
6. VI

Advertenties

Aosoth – The inside scriptures

Of het toeval is of niet dat mijn derde Addergebroed review opnieuw handelt over een release die uit het land van cider en croissants afkomstig is, laat ik aan u over. Het blijft echter een feit dat onze Franse buren album na album blijven uitspuwen. Deze keer gaat het om niemand minder dan Aosoth, het gitzwarte monster dat na vier full lengths en een berg splits al lang niet meer aan zijn proefstuk toe is. Sterker nog, het in 2013 verschenen “IV: An arrow in heart” blijft met zijn onheilspellende sfeer en verstikkende uitbarstingen een uniek album dat hier tot op heden minstens wekelijks eens de revue passeert. Projecten als Antaeus, VI en Martröð, waarvan de leden eveneens deel uitmaken, klinken evenmin onbekend in de oren. Dat de verwachtingen voor de nieuwste uitspatting van MkM en kompanen hooggespannen zijn komt dus allerminst als een verrassing. Op het eerste zicht ligt “V: The inside scriptures” in dezelfde lijn als zijn voorganger, al is het maar omwille van het kleurrijke artwork van de hand van schilder Benjamin A. Vierling, waarin ondanks de helderheid de paralellen met “IV: An arrow in heart” overduidelijk zijn. “V: The inside scriptures” werd er dan ook van verdacht het laatste hoofdstuk in het Aosoth-epos te zijn, hoewel brulboei MkM deze geruchten ondertussen de mond heeft gesnoerd. Productiegewijs klinkt het album subliem, ondanks het feit dat de typische, smerige vocalen af en toe dreigen te verdrinken in het landschap van chaotische, dissonante gitaarpartijen. Aosoth slaagt er opnieuw in de luisteraar mee te sleuren in een wervelwind die uit één brok duisternis opgetrokken lijkt te zijn. De iets slepender passages uit het voorgaande album worden grotendeels achterwege gelaten om plaats te maken voor een verzwelgende draaikolk aan riffs. Al bij al komt onheilig kind nummer vijf een stuk agressiever uit de hoek. Het album zit barstensvol met ideeën – maar daar komt meteen ook mijn grootste (en laat ons eerlijk zijn, enige) punt van kritiek om de hoek piepen. Hoewel er variatie troef is op het album, was de eerste luisterbeurt licht teleurstellend. Nu, een Aosoth album geeft zijn geheimen natuurlijk niet van het eerste moment prijs en de plaat is dan ook gestaag blijven groeien doorheen de tijd. Echter besluipt me nog steeds het gevoel dat ondanks het feit dat er absoluut geen gebrek aan inspiratie is, de band méér uit het album kon halen. Aosoth presenteert ons een album dat vaak klimt naar, maar de piek nét niet haalt. Waar bijvoorbeeld de openingstrack “A heart to judge” schitterend opbouwt naar het einde toe (denk “Ritual marks of penitence”) wordt met dit potentieel uiteindelijk weinig meer gedaan. Deze trend blijft zich doorheen het hele verhaal doorzetten: waar Aosoth op zijn sterkst zou kunnen zijn, kiest de band er vaak voor het over een andere boeg te gooien. Gelukkig zijn er nog tracks als “Her feet upon the earth, blooming the fruits…” en het allesverslindende “Contaminating all tongues” (meteen ook het nummer dat met kop en schouders boven de rest uitstreekt) die het album naar een hoger niveau tillen. Hoewel ik Aosoth met plezier een perfecte score zou toekennen, blijf ik wat op mijn honger zitten. Maar who cares, want uiteindelijk is “V: The inside scriptures” nog steeds een zeer sterk en consistent album en een logische verderzetting van de ranzige chaos die Aosoth altijd al heeft voortgebracht. En laat ons nu vooral hopen dat de beste heren niet van gedacht veranderen en gewoon beginnen schrijven aan plaat nummer zes.

CAS: 87/100

Aosoth – V: The inside scriptures (Agonia Records 2017)
1. A heart to judge
2. Her feet upon the earth, blooming the fruits…
3. The inside scriptures
4. Premises of a miracle
5. Contaminating all tongues
6. Silver dagger and the breathless smile

Barshasketh/Outre – Sein Zeit

Fundamentele vragen in verband met het menselijk bestaan; iedereen stelt ze wel eens of worstelt ermee. Zo ook het uit Nieuw-Zeeland afkomstige, maar in Schotland residerende, Barshasketh en het Poolse Outre die hieromtrent samen een conceptuele split creëerden. Beide bands haalden inspiratie uit het boek “Zijn en tijd” (“Sein und Zeit“), het in 1927 verschenen magnum opus van de Duitse filosoof Martin Heidegger waarin hij de “vraag van het zijn” onderzoekt. In het nummer “Being” gaat Barshasketh op zoek naar een eigen doel en de ware wil van het “zijn” om zo de eigen geest te versterken. Voor de band is het reeds een derde split na eerdere collaboraties met Krawwl en Void Ritual. Op muzikaal gebied eert Barshasketh, net als op het in 2015 verschenen “Ophidian henosis“, de Noorse ijskoude gardes zoals een Gorgoroth: de ijzige en bijtende tremolo picking riffs vliegen dan ook acht minuten lang onomwonden rond de bevroren oren en wekken in elk geval een brandend verlangen naar meer op. Qua sound klinkt dit nummer dankzij de beruchte Necromorbus Studio tevens top-notch. Ook bij Outre gaat het er hevig en stevig aan toe waarbij in de vingervlugge riffs een meer moderne en progressieve post-black inslag waar te nemen valt die door de hypersnelle blasts en gecomprimeerde sound verstikkende werkt, wat positief bedoeld is. “Do I really exist? Or am I only flesh“? Tekstueel gezien handelt “Time” over de tijd, een geconsolideerd raamwerk van afgelopen en toekomstige gebeurtenissen, die ons “zijn” vorm geeft. Nadien smijt het Poolse kwintet er nog hun versie van de Armagedda song “Only true believers” tegenaan. Het origineel is een vette thrashy black metal underground-kraker en ook deze zwaarder klinkende herbewerking mag absoluut gehoord worden. Beide bands klinken absoluut overtuigend op deze existentiële split. Leuk hebbedingetje om aan te schaffen dus.

JOKKE: 82/100 (Barshasketh: 84/100 – Outre: 80/100)

Barshasketh/Outre – Sein Zeit (Blut & Eisen Productions/Third Eye Temple 2017)
1. Barshasketh – Being
2. Outre – Time
3. Outre – Only true believers (Armagedda cover)

 

I I/Lihhamon – Miasmal coronation

Weldra stuurt het Duitse kwaliteitslabel Ván Records enkele van haar paradepaardjes onder de noemer “Astral maledictions tour 2017” de baan op. De IJslandse bands Sinmara en Almyrkvi vormen samen met het Canadese Sortilegia reeds een bijzonder sterke line-up, maar ook openingsact I I is een interessante band. De split die I I ofte Infernal Invocation samen met het eveneens uit Leipzig afkomstige Lihhamon de wereld inknalt, is mijn eerste kennismaking met de band, één die er meteen boenk op is. De gewelddadig klinkende blackened death metal knalt dankzij de mix en mastering van Temple Of Disharmony als een bazooka en laat geen spaander heel van de kerken en kapelletjes die de band op haar Europese trek zal passeren. De vier heren maken ook deel uit van acts als Antlers, Bloody Vengeance en Vidargängr maar het godslasterende kabaal dat ze met I I produceren, behoort toch tot hun meest extreme muzikale uitspattingen en dit met “Miasmal execration” als ultiem nekschot. Ook bij stadsgenoten Lihhamon gaat het er hondsbrutaal aan toe. We kenden dit trio al van hun “Doctrine” plaat die eerstdaags via Nuclear War Now! aan een tweede leven begint. Hun bestiale teringherrie gaat eerder de richting van een Conqueror of Revenge uit vooral door de agressieve drumstijl van drummaniak Avgvr. De drie songs die Lihhamon hier brengt, bevatten hoegenaamd geen frivole tierlantijntjes of fijngevoeligheden maar rammen zich buldozergewijs in je strot. De grinding riffs en afwisselende screams en diepe grunts vormen in samenspraak met de niet aflatende drumsalvo’s van “Inferno (Decimation doctrine)” een ware aanval op je zenuwen. De finale van “Chasma (Deathstrike coronation)” bevat sacrale zangpartijen en maakt een eind aan deze auditieve aanval. Geen muziek voor tere zieltjes.

JOKKE: 75/100 (I I: 80/100 – Lihhamon: 70/100)

I I/Lihhamon – Miasmal coronation (Ván Records 2017)
1. I I – Indoctrination of deaths command
2. I I – Weltenfresser
3. I I – Miasmal execration
4. I I – Vidargängr
5. Lihhamon – Zelot (Splendour of terror)
6. Lihhamon – Inferno (Decimation doctrine)
7. Lihhamon – Chasma (Deathstrike coronation)

Auðn – Farvegir fyrndar

Als je in het geïsoleerde IJsland opgroeit en op een bepaald moment besluit black metal te spelen in één van de vele bands die het mysterieuze land rijk is, kan het haast niet anders dan dat de invloed van haar grimmige klimaat en ruwe landschappen haar weg vindt in de muziek. Eén van de bands die hier in uitblinkt is Auðn, een kwintet dat een buitenbeentje vormt in een scene die gedomineerd wordt door de veelal dissonantie-aanbiddende black metal hordes. Auðn klinkt, net als Dynfari waarmee enkele leden gedeeld worden, een heel pak melodieuzer dan vele van haar scenegenoten en legt de nadruk op atmosfeer in plaats van een verstikkende wall of sound. Het self titled debuut uit 2014 liet al veelbelovende nummers horen maar op het nagelnieuwe “Farvegir fyrndar” (IJslands voor “oude rivierbeddingen”) tilt Auðn haar muzikale vakmanschap naar een hoger niveau. De ongereptheid van de IJslandse natuurlandschappen doemt meteen op als we de met subtiele folkinvloeden doordrenkte melodieën van opener “Veröld hulin” horen, maar tegelijk wordt ook duidelijk dat de band ijziger te werk gaat in de black metal orkanen die ontketend worden eens de gitaarriffs zich tot een donkere wolkenmassa hebben opgestapeld. “Prísund” en “Blóðrauð sól” zijn de grimmigste nummers op de plaat en leunen het meest richting ouwe getrouwe Noorse black. De songs zijn alles behalve eenzijdig en tonen, net zoals de grilligheid van moeder natuur, verschillende gezichten. Zo wordt een black metal tsunami ontketend aan het begin van “Lifvana jörð” om verderop in de song rustigere wateren te verkennen. “Ljósaslæður” belichaamt de albumtitel het best en combineert meanderende ingetogen passages met een waterval aan furie. “Skuggar” valt positief op door haar kippenvel opwekkende gitaarleads evenals het afsluitende “Í hálmstráið held” waarin je een weids panorama aan klanken voorgeschoteld krijgt waarbij het haast lijkt alsof je bovenop een fjord van het machtige uitzicht geniet. Naast de adoratie voor de overweldigende schoon- en ruwheid van hun thuisland komen ook thema’s als depressie en verlies van dierbaren aan bod en dat horen we onder meer terug in de emotionele vocale uithalen van zanger Hjalti Sveinsson en de weemoedige klanken van het acht minuten durende “Haldreipi hugans“. Auðn levert met “Farvegir fyrndar” een plaat af die over de gehele lijn weet te imponeren, mede dankzij de heldere maar krachtige productie. Bon, ik ga naar IJsland volgend jaar!

JOKKE: 90/100

Auðn – Farvegir fyrndar (Season of Mist 2017)
1. Veröld hulin
2. Lífvana jörð
3. Haldreipi hugans
4. Prísund
5. Ljósaslæður
6. Blóðrauð sól
7. Eilífar nætur
8. Skuggar
9. Í hálmstráið held

Antzaat – The black hand of the father

Plots was daar Antzaat, een nieuwe speler aan het Belgische black metal firmament. Op basis van de visuele presentatie van de band waren we eerst behoorlijk sceptisch want het leek wel de zoveelste Mgła-kloon te zijn waarbij de tronies van deze Vlaamse lookalikes achter zwarte kappen verscholen zitten. Vooroordelen maar even aan de kant geschoven om de eerste EP “The black hand of the father” een kans te geven. En dat valt allesbehalve tegen! Antzaat, met in haar gelederen een gitarist van Ars Veneficium, tapt echter uit een ander muzikaal vaatje dan de Polen. Gure Noorse second wave black metal met een pagan ondertoon is wat deze vijf nummers tellende EP ons laat horen. Kampfar en Taake schieten meteen door mijn hoofd wanneer ik de tweeëntwintig minuten durende grimmige en bevroren melodieuze black tot mij neem. Het pakkende en lekker rockende “Rite of the new dawn” is hier misschien wel het beste voorbeeld van. De blast-partijen en tremolo-riffs worden sterk uitgevoerd en de productie heeft een lekker groezelig randje behouden hoewel de melo-black energiek door de boxen knalt.  Er is misschien wat weinig afwisseling tussen de onderlinge songs maar het betreft dan ook nog maar het eerste wapenfeit van onze landgenoten. Immortal Frost Productions heeft groot gelijk dat ze deze rakkers hebben ingelijfd want hier gaan we nog van horen!

JOKKE: 80/100

Antzaat – The black hand of the father (Immortal Frost productions 2017)
1. Disciples of the concrete temple
2. Rite of the new dawn
3. Circle of leeches
4. Hierarchy of the battered
5. The black hand of the father

Asagraum – Potestas magicum diaboli

In tegenstelling tot grensoverschrijdend gedrag dat heden ten dage een hot topic is, kunnen we grensoverschrijdende samenwerkingen wél toejuichen. En zeker als het zoals in het geval van Asagraum dan nog eens om twee getalenteerde dames gaat. De band wordt vorm gegeven door de Nederlandse zangeres/gitariste Obscura (Wolvenbloed, Draugur, Infestis) en de Canadese maar in Noorwegen residerende drumster Trish (o.a. Urarv, Nidvind, Gestalte en live op de drumkruk te vinden bij enkele Noorse klasbakken zoals Craft en Isvind). Al van bij de openingsklanken van debuutplaat “Potestas magicum diaboli” voelt het meteen als thuiskomen aan. De black metal die beide dames produceren, katapulteert de luisteraar immers vol nostalgische gevoelens terug naar de jaren ’90, de hoogdagen van het door ons zo geliefde genre. Voor vernieuwing ben je hier aan het foute adres, maar zolang er oorkonden aan goed geschreven en uitgevoerde second wave black metal zoals deze blijven verschijnen, is mijn honger amper te stillen. De band heeft temidden de ijskoude agressie voldoende oor voor gitzwarte melodieën wat maakt dat de acht songs goed in het gehoor liggen en de drang naar het telkens opnieuw inhaleren van deze duistere schoonheid groot is. De hoge screams van Obscura klieven zich als een scheermes doorheen de duivelse tornado aan pakkende gitaarriffs en het niveau van hun meloblack ligt over de gehele plaat hoog. Het is dan ook moeilijk om uitschieters aan te wijzen of het moeten de onheilspellende kick-ass opener “Transformation“, het begeesterende inktzwarte “Black triangle temple“, het furieuze en in het Nederlands gezongen “Daar waar ik sterf” of de diabolische afsluiter “I burn within the devil” zijn. Maar ook de andere nummers moeten verre van onderdoen. Ik berg mijn vinylversie best nog niet op in mijn platenkast want deze gaat de komende tijd nog veel rondjes draaien. Sterk debuut!

JOKKE: 87/100

Asagraum – Potestas magicum diaboli (Kvlt 2017)
1. Transformation
2. Black triangle temple
3. Leviathan
4. Gospel of ignition
5. Daar waar ik sterf
6. Black sun prayer
7. Carried by lucifer’s wings
8. I burn within the devil