abigor

Ekstrophë – Compilation

De beste “split-compilatie sinds de vierdelige split met Abigor, Mortuus, Thy Darkened Shade en Nightbringer die vorig jaar via World Terror Committee verscheen, staat ongetwijfeld op naam van deze “Ekstrophë” waarbij zes bands op hun eigen manier hun muzikale interpretatie weergeven op het losmaken van de ziel, geest en het bewustzijn (hier verwijst de aan het oud-Grieks ontleende titel van de compilatie ook naar). De mastering van de plaat was in handen van TT (Abigor) en de zes nummers worden onderling verbonden via ambient-interludes waar Black Majesty and the Temple of Erythran Current voor optekende. Aftrapper van dienst is het Finse Devouring Star dat qua tempo deels verder borduurt op de doom/death insteek van het vorig jaar verschenen “Antihedron“, hoewel er ook wel een versnelling in “Mors invicta” ingebouwd is. Dit nummer, dat een kwaadaardig sfeertje uitstraalt, weet ons echter meer te overtuigen. We kijken dus al uit naar de split met Caecus die later op het jaar zou moeten verschijnen. Na deze goede opener is het de beurt aan het Zweedse Flagellant dat dringend werk moet maken van een opvolger voor het sterke, maar reeds uit 2013 daterende, “Maledictum“. “Great illuminating void awareness” bevalt mij met haar dissonante tonen, repetitief getokkelde gitaarnoten en zwartgallig sfeertje in elk geval. Meer van dat en snel graag! Arfsynd is het eenmansproject van Erik Gärdefors die we ook kennen van o.a. Grift. Het snellere tempo en de schellere sound in combinatie met de hese screams van Erik (die waarschijnlijk niet iedereen zullen bekoren) doen de balans voor het eerst volledig richting black metal doorslaan. We krijgen nog een iele solo te horen alvorens het tempo naar het einde toe zakt en de sfeer somberder wordt wanneer de vervormde vocalen ook een meer proclamerende toon aannemen. De zwartmetalen klanken krijgen middels de bijdrage van het Nederlandse Ibex Angel Order een meer occult karakter. Het snelle en opzwepende “Abrasax rises to be crowned” ligt in het verlengde van het uitstekende debuut “I“, maar de drumsound klinkt me iets te plastiekerig. Het Noorse Dødsengel palmt met het meer dan tien minuten durende “Arcane slumber” het grootste deel van de compilatie in. Hoewel “Interequinox” me niet echt kon bekoren, doet het duo dat nu op een macabere en hallucinerende manier wel. De gevarieerde vocalen, subtiele keyboards, afwisselende tempo’s, ambient-intermezzo’s en repetitieve riffs zijn hier allemaal debet aan. In elk geval de meest experimentele band op deze compilatie. Chalice Of Blood neemt als laatste de honneurs waar en passeerde met haar meest recente EP “Helig helig helig” ook reeds aan ons kritisch oor. Ten opzichte van Dødsengel gaat het hier veel meer rechtlijnig en old school aan toe. Chalice Of Blood klinkt grimmig en ijzig maar ook vertrouwd in de oren. De ambientklanken van Black Majesty and the Temple of Erythran Current krijgen het laatste woord. Drie van de zes bands (Arfsynd, Ibex Angel Order en Chalice Of Blood) werkten in het verleden samen met Daemon Worship Productions, maar nadat het label op mysterieuze wijze van de aardkloot verdween (hoewel er recent precies terug een nieuw teken van leven leek te zijn), hebben ze via deze weg (dank aan Terratur Possessions) toch nieuwe eerste tekenen van leven (of dood) kunnen laten horen. Interessant verzamelwerkje waarbij Cold Poison voor elke bijdrage ook bijpassend artwork aanleverde.

Jokke: 82/100 (Devouring Star: 82/100 – Flagellant: 85/100 – Arfsynd: 75/100 – Ibex Angel Order: 79/100 – Dødsengel: 86/100 – Chalice Of Blood: 84/100)

Ekstrophë – Compilation (Terratur Possessions 2018)
1. Devouring Star – Mors invicta
2. Flagellant – Great illuminating void awareness
3. Arfsynd – Flesh of God
4. Ibex Angel Order – Abrasax rises to be crowned
5. Dødsengel – Arcane slumber
6. Chalice Of Blood – Shimmering

Advertenties

The Negative Bias/Golden Dawn – Split

De Oostenrijkse black metal scene heeft me eigenlijk nooit wat gedaan. Er zijn slechts enkele Abigor-platen waar ik wat mee kan aanvangen en ook de rest van de scene is/was me doorgaans te bombastisch. Oostenrijk had destijds haar “Austrian Black Metal Syndicate” waar de bands Pervertum, Trifixion, Pazuzu, Knechte des Schreckens, Vuzem (de voorganger van Hollenthon) en Golden Dawn deel van uitmaakten. Deze laatste band werd reeds in 1992 opgericht door Stefan Traunmüller (Wallachia en Rauhnåcht) en bracht met “The art of dreaming” in 1996 een degelijke plaat uit, maar het latere werk vond ik tenenkrommend slecht. Op deze split met landgenoten The Negative Bias levert Golden Dawn het nummer “Lunar Serpent” aan dat al uit 2010 dateert maar geremixt werd voor deze release en gelukkig een terugkeer naar de dagen van het debuut laat horen waarbij atmosfeer primeert over bombast en complexiteit. Doorheen de elf minuten durende compositie loopt een Burzum-achtig keyboard melodietje, dat op de vier minuten grens eventjes solo gaat en dan een newbeat-achtige richting uitgaat. Het gefrons van de eerste luisterbeurt maakte de keren nadien plaats voor verlangen naar dit catchy kantelpunt in de song. Naar het einde toe nemen melodieuze black metal elementen terug de overhand. Best genietbaar! The Negative Bias zag pas in 2016 het levenslicht en werd opgericht door I.F.S. (ex-Alastor) waarbij hij de hulp kreeg van de eerder aangehaalde Stefan Traunmüller. De band bracht eind vorig jaar haar debuut “Lamentation of the chaos omega” uit en reikt voor deze split één song aan die eveneens boven de elf minuten aftikt. “Temple of cruel empathy” trapt dreigend en groots af en laat symfonische black metal horen die modernistisch in plaats van nostalgisch klinkt. The Negative Bias klinkt middels de nodige blastbeats extremer dan Golden Dawn, incorporeert cleane zangkoren in haar muziek evenals (helaas pindakaas) metalcore-achtige breaks en riffs. Tevens komt het geheel wat te veel als knip-en-plakwerk over wat de flow niet ten goede komt. Golden Dawn scoort dus als de betere van de twee. Wel nog even meegeven dat beide songs voorzien zijn van een zéér moderne sound waardoor deze split voor de liefhebbers van underground-spul hoogstwaarschijnlijk té gelikt is. Voor mij is dit in de regel ook te modern en mist de sound karakter, maar ik amuseerde me toch lekker met “Lunar serpent“.

JOKKE: 76/100 (The Negative Bias: 70/100 – Golden Dawn: 82/100)

The Negative Bias/Golden Dawn – Split (Séance Records 2018)
1. Temple of cruel empathy
2. Lunar serpent

Vargrav – Netherstorm

Symfonische black metal klinkt sommigen waarschijnlijk nogal vies in de oren maar back in the days kwamen er onder deze noemer toch enkele klassiekers uit (Limbonic Art’s “Moon in the scorpio“, Gehenna’s “Malice“, Dimmu Borgir’s “Stormblast“, Emperor’s “In the Nightside eclipse“, Ancient’s “The cainian chronicle“, …). Het was pas gedurende de foute Duitse Last Episode jaren dat deze term een wrange nasmaak kreeg door allerlei derderangs bandjes met Mystic Circle op kop. Het was dan ook een tijdje cool om een sticker “no keyboards were used during the recording process” op je album aan te brengen. Toch zijn er bands die in deze stijl nog onderhoudende platen weten afleveren en het Finse Vargrav is één van hen. Debuut “Netherstorm” kan dan ook als een blast from the past doorgaan want dit album katapulteert de luisteraar terug naar de hoogdagen van spannende symfonische black metal waarbij obese synth-lagen een middeleeuwse majestueusheid en grandeur creëren. Natuurlijk zijn er dikke knipogen naar de reeds eerder aangehaalde bands en bij toevoeging Obtained Enslavement en Abigor, maar daar maken we nu eens geen punt van. Zeker als dat krakers oplevert zoals het snelle “Shadowed secrets unmasked” waarin ook met de vocalen geëxperimenteerd wordt. In “Ethereal visions of a monumental” gaat dat zelfs zó ver dat het even lijkt alsof R2-D2 meezingt. “Limbo of abysmal void” klinkt in eerste instantie trager en meeslepender van karakter, maar ontbindt toch ook al snel haar demonen middels ijselijke riffs, blastende drums en grootse keyboardpartijen. Het is het tien minuten overschrijdende “Obidient intolerant ensnared” dat mid-tempogewijs een ode brengt aan de melancholie van lang vervlogen tijden. Als kers bovenop de taart, die uit vijf lange songs en een outro bestaat, krijgen we nog twee bonus tracks voorgeschoteld waarvan “The glory of eternal night” in oude Emperor-stijl een ode vormt aan de nachtelijke magie en “Ancient queen” natuurlijk oorspronkelijk door deze keizers van de symfonische black metal geschreven werd. Deze coversong prijkt op een aparte 7″ die bij de plaat meegeleverd wordt. Ik heb me kostelijk geamuseerd met dit “Netherstorm” en verwacht dat vele nostalgische zielen dat mee met mij zullen doen.

JOKKE: 84/100

Vargrav – Netherstorm (Werewolf Records 2018)
1. Netherstorm
2. Shadowed secrets unmasked
3. Limbo of abysmal void
4. Etherial visions of a monumental
5. Obidient intolerant ensnared
6. Outro
7. The glory of eternal night (bonus)
8. Ancient queen (bonus Emperor cover)

Abigor/Nightbringer/Thy Darkened Shade/Mortuus – Split

Hij is lang in de maak geweest, maar uiteindelijk is de langverwachte split tussen Abigor, Nightbringer, Thy Darkened Shade en Mortuus een feit. Met respectievelijk Oostenrijk, de Verenigde Staten, Griekenland en Zweden als uitvalsbasis is de geografische spreiding van deze vier bands enorm uitgestrekt. En hoewel elk van deze black metal acts voor een eigen radicale interpretatie van “The Left Hand Path” staat en er een specifieke theologische achtergrond op nahoudt, is er toch een gemeenschappelijke deler tussen hen. Eigenlijk krijgen we één song te horen die op 42 minuten afklokt en waarbij elke participant een deel – simpelweg naar de uitvoerder vernoemd – voor zijn rekening neemt en de tekst doorheen de vier delen vloeit. Abigor bij de spits af. Ik heb het altijd al moeilijk gehad om deze Oostenrijkers te doorgronden en zelden viel het kwartje. Ook nu zijn ze duidelijk de meest avant-gardistische van de vier want wat ze twaalf minuten lang laten horen, springt echt van de hak op de tak: van jazzy en proggy stuff over theatraal gedoe tot krankzinnige black metal. Abigor klinkt hier bijna als een Opeth met een zwart randje. Dit gaat zowat overal naartoe behalve naar mijn gelukshormoon, want hier kan ik niet veel mee aanvangen. En hoewel Nightbringer ook een zekere theatraliteit en majestueusheid uitdraagt, klinkt hun bijdrage veel meer echt voor de raap en is hun blastende sinistere black meer dan welkom na het zenuwslopende Abigor. De snerpende gitaarleads klinken onmiskenbaar als Nightbringer en de innemende vocalen van Naas Alcameth blazen de tenenkrommende cleane zang die we bij Abigor hoorden aan frut. Benieuwd naar het nieuwe “Terra damnata” dat volgende maand zal verschijnen. Bij Thy Darkened Shade draait het om melodieus riffwerk dat met de nodige techniciteit uit de snaren getoverd wordt. De Griekse sound komt duidelijk naar voor en naast beukwerk is er ook plaats voor akoestische gitaren en een neo-klassiek piano-intermezzo. Naar het einde toe passeert er ook nog wat koorzang alvorens Mortuus een einde mag breien aan het geheel. Bij de Zweden gaat het tempo serieus de dieperik en krijgen we een bezwerend en repetitief, sacraal klinkend stuk muziek binnen. Er valt heel veel te beleven op deze split want elke band kleurt op zijn eigen manier buiten de lijntjes van het genre. Ieder zal hier natuurlijk zijn persoonlijke favoriet hebben. Voor ondergetekende trekt Abigor echter de gemiddelde score naar beneden. De bands brengen deze split in eigen beheer uit maar in Europa staan World Terror Committee en Avantgarde Music in voor de officiële distributie.

JOKKE: 77/100 (Abigor: 60/100 – Nightbringer: 80/100 – Thy Darkened Shade: 82/100 – Mortuus: 84/100)

Abigor/Nightbringer/Thy Darkened Shade/Mortuus – Split (World Terror Committee/Avantgarde Music 2017)
1. Abigor
2. Nightbringer
3. Thy Darkened Shade
4. Mortuus

Grafvitnir – Necrosophia

Wie mij kent, weet dat ik niet altijd mee ben met de allernieuwste snufjes en trends. Hoewel ik ook niet voortdurend loop te ouwehoeren dat vroeger alles beter was, ben ik doorgaans toch vrij nostalgisch van aard. Het Zweedse Grafvitnir komt als geroepen voor wie in een nostalgische bui verkeert en de hoogdagen van Zweedse black metal wil herbeleven, zonder naar de oude grootmeesters terug te grijpen. Met reeds twee full albums op het palmares sinds 2012 en een derde, die weldra verschijnt via nieuwe broodheer Daemon Worship productions, kan je dit Grafvitnir best als een productieve entiteit beschouwen, hoewel de band mij onbekend was. Onbekend maakt onbemind, maar met “Necrosophia” hebben ze mijn pekzwarte zieltje alvast voor zich gewonnen. De zeven composities die het album vormgeven, handelen over de grote raadsels van het Onbekende en de opening van het oog van Lucifer. De voedingsbodem voor deze Scandinavische occulte black metal is overduidelijk het Zweedse Dissection, wat we vooral terug horen in de uitvoering van de leads zoals in opener “Kenaz”, hoewel de overall feel wel een pak primitiever is. Twee andere bands die voortdurend als referentiekader opduiken zijn het eveneens Zweedse Setherial ten tijde van hun debuut “Nord” en wat betreft de vocalen het Oostenrijkse Abigor. De vrij vooraan in de mix gezette sappige screams refereren bij wijlen aan Silenius op het (overigens vrij kut) album “Supreme immortal art”. Het mag dan misschien wel wat veel van hetzelfde zijn (er wordt amper van versnelling geschakeld) en de score voor vernieuwing is nul komma nul, toch is het driekwartier lang genieten geblazen van oerdegelijke Zweedse black metal anno jaren negentig. Grafvitnir zou de armpjes en beentjes ontegensprekelijk losschudden op een zwartmetalen versie van een “Prehistorie-fuif”. Uitschieters zijn de eerder vernoemde tien minuten durende opener, de knaller “Vessels of serpent fire” en het vertrouwd in de oren klinkende “Varulvsnatt”…ach, eigenlijk kan ik alle zeven songs aanraden. Buiten wil de temperatuur maar geen winterwaarden aannemen, “Necrosophia” daarentegen katapulteert je stantepede naar een berenkoude gitzwarte Zweedse winternacht.  Goei schefke!

JOKKE: 83/100

Grafvitnir – Necrosophia (Daemon Worship Productions 2015)
1. Kenaz
2. Awakening of the dragon
3. Vessels of serpent fire
4. Varulvsnatt
5. Fires of golachab
6. Elddop
7. Into the vast forever

Amestigon – Thier

Het Oostenrijkse Amestigon is een black metal band die reeds twintig jaar op de teller heeft staan, maar nu pas met een tweede langspeler op de proppen komt. Eind jaren negentig werden enkele EP’s en splits uitgebracht en qua personeel was er een uitwisselingsprogramma met de vaandeldragers van de Oostenrijkse scene, u allen gekend als Abigor. Ik kende Amestigon wel van naam, maar had de muziek eigenlijk nooit deftig uitgecheckt. Nu de band bij het kwaliteitslabel W.T.C. Productions op stal staat, werd mijn interesse echter gewekt. Eerst maar eens even het oud spul opgesnord en daar werd ik nu niet bepaald warm of koud van, hoewel debuutplaat “Sun of all suns” uit 2010 nog wel zijn sterke momenten had. Een blik op de tracklist van nieuweling “Thier” doet een shift in aanpak en sound vermoeden, want we krijgen “slechts” vier songs te verwerken, echter elk met een double digit speelduur, waardoor het geheel op een uurtje afklokt. Het tempo op de plaat is wat teruggeschroefd en valt regelmatig te situeren in tragere doom- en sludge regionen met zwartgeblakerde basis. In openingstrack “Demiurg” duiken plots licht epische cleane vocalen op die een flash back oproepen naar het eveneens Oostenrijkse Raventhrone. Is even wennen, maar het werkt wel. Ook “358”,waarin het meest teruggegrepen wordt naar jaren ’90 black metal met een achtergrondtapijt van atmosferische keyboards, wordt afgesloten met cleane koorzangen op een repeterend psychedelisch stuk. De titelsong is een monoliet van twintig minuten waar een heleboel in te beleven valt. De high pitched raspende vocalen van Silenius wisselen af met geluister en spoken word samples. Er passeren melodieuze gitaarpartijen, noise, lichte psychedelica, blastpartijen, …voor ieders wat wils dus. De aanpak van een band als Secrets Of The Moon, Farsot of ons eigenste ter ziele gegane Gorath ten tijde van zwanenzang “Khiliasmos” duikt ook regelmatig als referentiekader op. In het afsluitende “Hochpolung” vloeit een lange melancholische instrumentale passage met het grootste gemak over in razende black metal en grauwe post-metal. Op conceptueel gebied wordt de fysische thematiek van “Sun of all suns” ingeruild voor het metafysische, want op “Thier” draait alles om creatie, magie en wilskracht. Amestigon heeft zich met dit album boven de grijze massa weten uitsteken door al haar invloeden te vervlechten tot een geheel dat een vrij eigen smoelwerk oplevert, wat absoluut geen evidentie meer is de dag van vandaag. Benieuwd wat dat op volgende platen gaat opleveren!

JOKKE: 81/100

Amestigon – Thier (World Terror Committee 2015)
1. Demiurg
2. 358
3. Thier
4. Hochpolung

Serpent Noir – Erotomysticism

De groeicurve die het Griekse Serpent Noir sinds haar geboorte in 2010 heeft doorgemaakt is bijna zo steil als de wanden van de financiële put waar hun thuisland dient uit te klouteren. Dat deze Helleense muzikanten bovendien niet over één nacht ijs gegaan zijn met het ineen boksen van hun nieuwe plaat “Erotomysticism”, wordt al snel duidelijk als we een blik werpen op de lijst participanten op deze plaat. Het vijftal, dat is samengesteld uit muzikanten van Acrimonious, Embrace Of Thorns, Nefandus en Ofermod; do I need to say more over het genre dat we hier voorgeschoteld krijgen? ) heeft zich immers op tekstueel vlak laten bijstaan door Thomas Karlsson, oprichter van “Dragon Rouge”, auteur van “Qabalah, qliphoth and Goetic magic” en sinds jaar en dag tekstschrijver voor het (scusi – tenenkrullende) Therion. Op “Desert of azazel” neemt hij de lead vocalen voor zijn rekening en ook Christofer Johnsson, mastermind van het Zweedse Therion, leverde een muzikale bijdrage op Hammond orgel in het afsluitende “Mephistophelian pacts”. De mastering was dan weer in handen van Thomas Tannenberger van het Oostenrijkse Abigor. Ook al hangt er een ietwat doffe waas over het muzikale geheel, laat dat vooral geen domper op de feestvreugde zijn. Na een mystiek intro vol panfluiten (denk hier nu niet aan onze kleine Peruviaanse vrienden die vroeger op de zeedijk middels dit instrument kitscherige versies brachten van Céline Dion’s “My heart will go on” en andere muzikale gedrochten) is het tijd voor het echte werk. Dit is occulte black metal met een hoofdletter “O”. Hoewel de band muzikaal gezien op veel momenten niet als black metal te catalogiseren valt. Het veelvuldig gebruik van cleane gitaar- en keelklanken creëert immers meer dan eens een dark wave achtig sfeertje. Het draait bij Serpent Noir helemaal om het neerzetten van duistere sfeer en het creëren van transcendentale portalen naar parallelle universums. En qua tempo heeft deze band hoegenaamd geen interesse in het breken van snelheidsrecords. Sporadische uitbarstingen worden  groots ingeluid middels een gongslag en roepen (mede door de Oosters aandoende melodieën)  vergelijkingen op met Cult Of Fire. Op andere momenten worden rituele drums gebruikt (“The initiatrice of a’arab zaraq”) om donkere vibes en mysterieuze onheilspellende klanken te produceren. In “Ayahuasca” duiken oepternieft Latijns-Amerikaanse invloeden op. Niet zo vreemd, want sinds “Ja Jan” weet Jan en alleman dat ayahuasca (ofte “slingerplant van de ziel”) een hallucinogene plant uit Peru is, waarvan een soort thee getrokken wordt die door Indianenstammen ritueel gedronken wordt en tot één van de sterkste en meest bevreemdende trips leidt. Past dus perfect op deze plaat. Serpent Noir opereert in dezelfde niche als landgenoten Acherontas maar levert met “Erotomysticism” een kunstwerkje af dat het beter doet dan die laatste hun nieuwste.

JOKKE: 80/100

Serpent Noir – Erotomysticism (Daemon Worship Productions 2015)
1.
Path of the raven
2. The veritable red dragon
3. Ayin
4. Al runa
5. Desert of azazel
6. The initiatrice of a’arab zaraq
7. The dioscuri of darkness
8. Ayahuasca
9. Mephistophelian pacts