dissection

Chaos Invocation – Reaping season, bloodshed beyond

Met bands als Acherontas, Ascension, Fides Inversa, Acrimonious en Inferno onder haar hoede kan je het Duitse World Terror Committee gerust als het Mekka voor occulte en/of orthodoxe black metal beschouwen. Misschien minder bekend dan de aangehaalde bands, maar daarom niet minder bemind, en toch al drie platen lang bij WTC gehuisvest, is het Duitse Chaos Invocation. Op debuutplaat “In bloodline with the snake” uit 2009 klonken onze oosterburen nog als het kleine broertje van Watain, maar met opvolger “Black mirror hours” uit 2013 wisten ze mijn zwartgeblakerde hart voorgoed te veroveren. Daarna bleef het echter verdacht stil rond de band totdat vorig jaar een eerste teken van leven verscheen middels de split met labelgenoten Thy Darkened Shade. De band rond A. (gitaar) en M. (zang) had zich lange tijd teruggetrokken in het repetitiehok om aldaar aan de blijkbaar moeilijke derde langspeler te werken. Ondertussen werden de troepen ook herschikt en treffen we nu drumheerser Gionata Potenti (deze man behoeft geen introductie meer) in de line-up aan die in zijn kielzog Darvaza- en Fides Inversa-collega Tumulash op basgitaar meebracht. De kwaliteit die op “Black mirror hours” te horen was, is gelukkig na al die tijd niet weggeëbd, wat bewijst dat Chaos Invocation nog steeds een duivelseskadron is om rekening mee te houden. De black metal wordt ter meerdere eer en glorie van de Gehoornde gebracht en is met een gezonde portie Dissection-melodie geïnfuseerd. Dat resulteert in pakkende songs zoals het catchy “Obsession is always the answer” en het creatieve “Menskindrums of doom” waarbij ritualistische en melodieuze passages hand-in-hand gaan. Is “Reaping season, bloodshed beyond” dan een herhalingsoefening van de vorige langspeler geworden? Niet helemaal, want de aandachtige luisteraar merkt toch op dat er iets meer progressieve elementen in de volwassen songstructuren geslopen zijn. De mannen van Chaos Invocation vertonen vakmanschap op gebied van songwriting waarbij er duidelijk oog is voor interessante bruggetjes en onverwachte wendingen. Tevens wordt er nog steeds geëxperimenteerd met cleane vocalen, een uitprobeersel dat echter niet altijd volledig in smaak valt bij ondergetekende. Zo zijn de cleane gezangen in “Blackmoon prayer” op het randje van tenenkrommend. Dit is echter een héél kleine smet op het blazoen van een voor de rest beresterke en overtuigende plaat.

JOKKE: 88/100

Chaos Invocation – Reaping season, bloodshed beyond (World Terror Committee 2018)
1. Where hearts shall not rest
2. Calling from Dudail
3. To fathom the bloodmist
4. Menskindrums of doom
5. Obsession is always the answer
6. The search of keys and gates
7. Blackmoon prayer
8. Luciferian terror chorale
9. Chaos invocation
10. Bloodshed beyond
11. Ajna assassins absolute

Advertenties

Watain – Trident wolf eclipse

Het grote Watain heeft iets goed te maken. Bij ondergetekende althans, want de vorige langspeler “The wild hunt” – uit 2013 alweer – werd hier maar lauw ontvangen. Het leek alsof het trio niet goed wist van welk hout pijlen maken en een kleine identiteitscrisis doormaakte. Enerzijds stonden er de typische volbloed black metal nummers op de plaat die echter matige doorslagjes waren van ouder werk en met “They rode on” en de titeltrack gingen de Zweden de experimentele tour op, iets wat ik persoonlijk wel kon smaken maar onvoldoende was om de plaat te redden. Na het verschijnen van “The wild hunt” tourde Watain zich kapot en werd het hoogtijd om de batterijen op te laden. Het heeft dan uiteindelijk ook vijf jaar geduurd alvorens we nieuw plaatwerk van één van de meest succesvolle Zweedse black metal grootmeesters mochten verwachten. Wat meteen opvalt aan “Trident wolf eclipse” is de korte speelduur, want met acht songs in vijfendertig minuten speeltijd is dit de kortste Watain plaat ooit geworden. Verwacht dus geen epische songs als “Waters of ain“, “They rode on” of “Stellarvore” meer. Watain keert meer dan ooit naar haar pure black metal roots terug ten tijde van “Rabid death’s curse” en “Casus luciferi“, iets wat de ondertussen afgehaakte fans misschien wel terug over de streep kan trekken. Daarenboven zijn de songs compact van structuur, van overbodige franjes ontdaan en gestript tot op het bot. In de opzwepende opener “Nuclear alchemy” raast Watain als nooit tevoren en wordt de toon meteen gezet voor een dik half uur zwartgeblakerde agressie waar de geest van Dissection nog steeds onmiskenbaar doorheen waait, hoewel de band minder melodieus klinkt dan op haar laatste platen. Eén van de sterktes van Watain is dat ze in elke song wel een catchy hook of refrein inbouwen waardoor de nummers blijven hangen, zelfs na een eerste luisterbeurt. Op “Trident wolf eclipse” is dat iets minder prominent het geval en duurt het daardoor ook langer alvorens elke song haar eigen identiteit blootgeeft. Na meerdere luistersessies blijken de sterkste nummers met “A throne below” (de song met het meeste ruimte voor melodie), het dynamische en van een angstaanjagende intro voorziene “Towards the sanctuary” en de mid-tempo afsluiter op de B-kant van de plaat te staan. De kern van Watain bestaat nog steeds uit de drie oerleden P. Forsberg (gitaar), E. Danielsson (zang, bas) en H. Jonsson (drums), hoewel die laatste live niet langer van de partij zal zijn en zijn plaats op de drumtroon ingenomen wordt door E. Forcas (Degial, Repugnant). De heren Alvaro Lillo (bas) en Set Teitan (gitaar), die sinds jaar en dag deel uitmaken van de live line-up, zijn ook op “Trident wolf eclipse” te horen en in het nummer “Ultra (Pandemoniac)” draven H. Death (Degial, Unpure, Vorum) en Attila Csihar (Mayhem) als gasten op om de song van respectievelijk een gitaarsolo en extra demonische vocalen te voorzien. Naar goede gewoonte werd het album ingespeeld in de befaamde Necromorbus Studio en valt er soundgewijs geen kritiek te geven. Bij de prachtig vormgegeven box-editie zit – naast allerlei leuke hebbedingetjes – een interessante 7″ EP waarop het experimentele, in het Zweeds vertolkte buitenbeentje “Antikrists mirakel” – en haar achterstevoren af te spelen versie – prijkt. Concluderend kan ik stellen dat Watain me met “Trident wolf eclipse” terug heeft kunnen overtuigen van haar kunnen. Benieuwd wat dat live gaat geven in de 013!

JOKKE: 85/100

Watain – Trident wolf eclipse (Century Media Records 2018)
1. Nuclear alchemy
2. Sacred damnation
3. Teufelsreich
4. Furor diabolicus
5. A throne below
6. Ultra (Pandemoniac)
7. Towards the sanctuary
8. The fire of power

Malakhim – Demo I

Nog steeds verschijnt er maandelijks wel één of andere demo van een nieuwe veelbelovende band. In oktober viel die eer te beurt aan Malakhim, een gloednieuwe speler in de overbevolkte Zweedse black metal scene. De fysieke cassette was op één dag tijd uitverkocht, maar gelukkig brengt Iron Bonehead weldra ook de CD- en vinylrelease uit. De vijf vrienden die in 2015 in Umeå een duivelspact smeedden, verdienden hun sporen in tal van andere acts waarvan Andreas Nilsson met Naglfar en Ancient Wisdom ongetwijfeld voor de bekendste namen optekent. Het kwintet heeft een duidelijke duivelse visie wat zich ook middels de bandnaam manifesteert. “Malakhim” betekent immers zo veel als “engel” of “boodschapper” in het Judaïsme; een satanische wel te verstaan. Het eerste wat opvalt bij het beluisteren van de drie songs is de overweldigende sound. Dit is verre van demokwaliteit! Hulde dus aan Marcus Norman (Naglfar, Ancient Wisdom, Bewitched) die instond voor de productie en mastering in zijn Wolf’s Lair studio. De snelle Zweeds klinkende (hoe kan het ook anders) black metal knalt krachtig uit de boxen en geeft je een kwartier durend oplawaai tegen je voorgevel. Opener “A thousand burning worlds” bevat een Grieks aandoende twin lead gitaarpartij maar laat voor de rest toch voornamelijk een orthodoxe inslag horen. De vocalen van E. klinken erg sterk en de semi-cleane woorden die hij tussen zijn screams uitbraakt, doen denken aan een band als Dysangelium. De zwaar ronkende basgitaar, die duidelijk hoorbaar is in al het geweld, eist de laatste noten van deze sterke song op. “The mass of flesh” en “The golden shrines” liggen goed in het gehoor en klinken vertrouwd doordat er de nodige Dissection/Watain-worship te detecteren valt. De band klinkt op haar best wanneer ze de nodige atmosfeer toevoegt over de denderende blasts en dodelijke riffs. Malakhim laat geen verfrissende of vernieuwende dingen horen, maar weet wel de beste elementen uit Zweedse black metal en de orthodoxe stroming samen te voegen tot goed geschreven songs die vakkundig uitgevoerd worden. Een nieuwe EP zou al in de maak zijn. Jochei!

JOKKE: 85/100

Malakhim – Demo I (Iron Bonehead Productions 2017)
1. A thousand burning worlds
2. The mass of flesh
3. The golden shrines

Arckanum – Den förstfödde

Onze Zweedse vriend Shamaatae produceert reeds 25 jaar lang kwalitatieve black metal met zijn geesteskind Arckanum, waarbij ik voornameijk zweer bij “ÞÞÞÞÞÞÞÞÞÞÞ” uit 2009. Zijn vorige wapenfeit “Fenris kindir” ligt alweer vier jaar achter ons maar met “Den Förstfödde” krijgen we nu eindelijk nieuw materiaal – de negende langspeler reeds – voorgeschoteld. Platenlabel van dienst is deze keer Folter Records. “Den Förstfödde” (“De eerstgeborene”) is opgedragen aan Jörmungandr, de eerstgeboren zoon van Loki en Angrboða. Shamaatae mag gerust een kenner van de oud Noorse religie genoemd worden – hij schreef hier ook reeds verscheidene boeken over – en beschouwt de nieuwe volledig in het Zweeds vertolkte songs als gebeden, invocaties en magische formules gericht tot Jörmungandr en Ragnarök. De bijna tien minuten durende titeltrack is verhalend van opzet en doet met haar mid-tempo karakter regelmatig aan het Noorse Khold denken. Daarna volgt het langzame, instrumentale “Nedom etterböljorna” waarbij de gitaar alles zelf doet waardoor de plaat traag op gang komt. Een overbodige track in mijn opinie. Vanaf “Likt utgårds himmel” vallen de drums opnieuw in en gaat het tempo wat omhoog. Set Teitan, gekend van de live line-up Watain en Dissection, levert een gitaarsolo aan en duikt later ook nog op in “Ofjättrad” en “Låt fjalarr gala“. “Ginnmors drott” is opnieuw grotendeels instrumentaal maar weet wel te boeien door de subtiele vioollaag en rituele gezangen die de gitaarriff onderbouwen en voor een serene sfeer zorgen. “Du grymme smed” is een grimmige mid-tempo rocker en de ferme en snedige afsluiter “Kittelns beska” wordt opgefleurd met klanken van de “näverlur“, een van sparren- en beukenbast gemaakte natuurhoorn. Doordat het tempo in zijn geheel wat lager ligt dan normaal missen de songs hier en daar wat pit. We lazen dat “Den förstfödde” het laatste Arckanum album zou zijn en hoewel dit zeker niet de beste Arckanum plaat is, zou dat toch een jammere zaak zijn!

JOKKE: 79/100

Arckanum – Den förstfödde (Folter Records 2017)
1. Den förstfödde
2. Nedom etterböljorna
3. Likt utgårds himmel
4. Ofjättrad
5. Ginnmors drott
6. Låt fjalarr gala
7. Du grymme smed
8. Kittelns beska

Sheidim – Infamata

Even dacht ik de nieuwe Watain al in mijn handen te hebben, maar het betreft bij nader inzien wel degelijk de “Infamata” EP van het Spaanse Sheidim (Hebreeuws voor “demonen”), waarin onder andere de vellenmepper van Cruciamentum op de drumtroon zit. Het is mijn eerste kennismaking met dit kwintet, hoewel vorig jaar met “Shrines of the void” al een volwaardig debuut verscheen via Dark Descent Records, terwijl dit nieuwe werk op I, Voidhanger uitkomt (en de vinylversie via Me Saco Un Ojo Records). De melodieuze-black-metal-met-death-metal-randje-formule die Sheidim hanteert is zonder blikken of blozen gekopieerd van Watain en dus ook Dissection. Je kan je dan natuurlijk luidop afvragen wat het nut van deze band is? Aangezien Watain op “The wild hunt” enkel overtuigde met de a-typische nummers, hebben zij-die-samen-met-mij-teleurgesteld waren aan Sheidim natuurlijk een leuk alternatief. Tenzij Erik en zijn kompanen op het in januari te verschijnen nieuwe album terugkeren naar een conservatiever geluid. We shall see and hear. De productie en sound klinken op deze EP iets gepolijster dan op het debuut maar er blijven gelukkig nog voldoende grove randjes over. Van het kleine half uur dat “Infamata” duurt, neemt het afsluitende “Sister of sleep” één derde in beslag en het is deze song die wat mij betreft de aankoop van dit kleinood rechtvaardigt. Deze groots klinkende track bevat enkele venijnige riffs en gastzang van Teitanblood’s NSK en mondt via een lange hypnotiserende gitaarsolo uit in een desolaat einde. Op de uitvoering en instrumentbeheersing van deze mannen valt in elk geval niets aan te merken. Het is alleen aan jou om te beslissen of je nood hebt aan een zoveelste Watain-kloon of niet.

JOKKE: 80/100

Sheidim – Infamata (I, Voidhanger Records 2017)
1. Infamata
2. A dying sun
3. Underneath
4. Wings of the reaper
5. Sister of sleep

Ofermod- Sol nox

Na het zwaar tegenvallende “Taumiel” uit 2008 wist het Zweedse Ofermod zich op de “Serpents dance” EP uit 2014 toch al wat terug te herpakken. Nu is twee goede nummers schrijven natuurlijk een pak eenvoudiger dan een overtuigende langspeler in mekaar te boksen. Het heeft dan ook nog eens drie jaar geduurd om met full length nummer drie op de proppen te komen, maar dat is het wachten waard geweest want “Sol nox” is het meest overtuigende dat de band rond Mika Hakola aka Michayah Belfagor de afgelopen negen jaar heeft voortgebracht. Dat mag ook wel want ons elitair bazeke bazuint graag rond dat Ofermod boven het black metal-gepeupel staat. Als we de metalen archieven mogen geloven, hielden de andere muzikanten die op de plaat te horen zijn het ondertussen voor bekeken, maar Mika gaat ongetwijfeld stug door. “The alpha of the antichrist” zet meteen de toon voor het daaropvolgende half uur Zweedse black en laat een terugkeer naar het oude werk van de band horen: de tremolo-riffs vliegen om de oren, de sound ademt pure duisternis uit en de tergende cleane vocalen van de voorganger zijn in geen velden of wegen te verkennen…oef! Er wordt strak en sterk gemusiceerd waarbij ook het vinnige drumwerk van vellengeselaar Simon Samuelsson niet onvermeld mag blijven. Er is wel geen enkel nummer dat er écht met kop en schouders bovenuit steekt. Dit kan natuurlijk ook op consistentie wijzen want luisterbeurt na luisterbeurt nestelen de zeven nummers zich wel gestaag in je onderbewustzijn en geven ze mondjesmaat hun duistere geheimen prijs. Hierbij valt op dat de nummers sterker worden naarmate de plaat vordert. Fans van Watain, Dissection en Ondskapt kunnen hun slag slaan.

JOKKE: 85/100

Ofermod – Sol nox (Shadow Records 2017)
1. The alpha of the Antichrist
2. The awakening
3. Smaiut n set
4. Sol nox
5. Sun of dead seasons
6. El-Ehra – The thistle creed
7. To dare the tower

Wode – Servants of the countercosmos

Het uit Manchester afkomstige Wode debuteerde vorig jaar sterk met haar eerste langspeler. Ondertussen werd Vendetta Records ingeruild voor Avantgarde Music en verscheen enkele weken geleden de opvolger getiteld “Servants of the countercosmos“. Deze was min of meer aan mijn aandacht voorbij gegaan maar dankzij Ondergronds werd ik op de release attent gemaakt vermits ze het Engelse kwartet wisten te strikken voor een show in de Antwerpse Music City. Tijdens de ontzettend strakke performance (wat een drummer!) viel me op dat Wode haar nummers live met een zekere gejaagdheid brengt – wat me op plaat niet opgevallen was – en dat er best wel wat war metal-invloeden in de sound verweven zitten. De nieuwe plaat telt opnieuw zes songs maar tikt toch op een kwartier minder speelduur af. Buiten het epische, negen minuten durende “Chaosspell” werd met andere woorden gekozen voor compacte songs waarin de black metal basis opgefleurd wordt met de nodige death en thrash metal riff-infusies waarbij grootheid Absu meermaals in mijn gedachten voorbij galoppeert. Het aanstekelijke “Celestial dagger” heeft dan weer meer weg van zwartgeblakerde punk terwijl in de titeltrack de Dissection-geest overduidelijk rondwaart. Vermeldenswaardig is dat er op en tijd en stond de nodige chaotische solo’s voorbijvliegen en dat de luisteraar door het moordend hoge tempo pas bij de akoestische klanken van het afsluitende “Undoing” de nodige rust gegund wordt. Wode is een band die in de overvolle underground reeds een eigen plaatsje heeft weten opeisen middels haar no-nonsense attitude en twee sterke platen.

JOKKE: 85/100

Wode – Servants of the countercosmos (Avantgarde Music 2017)
1. Crypt of creation
2. Celestial dagger
3. Temple interment
4. Servants of the countercosmos
5. Chaosspell
6. Undoing