doom metal

Desolate Shrine – Deliverance from the godless void

Hoewel de Finnen van Desolate Shrine er met vier langspelers op zeven jaar tijd best een naarstig werktempo op na houden, is het nog geen al te bekende act. Dat heeft mogelijks te maken met het feit dat de band amper op podia te zien is in onze contreien. Op basis van hun discografie zou daar echter snel verandering in moeten komen want het trio laat met “Deliverance from the godless void” opnieuw horen dat het best een aardige pot doomy death metal met een gitzwart randje kan spelen. Op voorganger “The heart of the netherworld” werd de tien-minuten grens al eens met de voeten getreden. Dat is nu niet meer het geval, maar toch is het woord “episch” nog steeds van toepassing op de acht monsterlijke songs die samen een klein uurtje in beslag nemen. Opener “The primordial one” geeft je meteen een pandoering met haar overwegend snelle death metal uithalen, hoewel er ook de nodige tragere beukpartijen in de song ingebouwd zijn. Multi-instrumentalist LL heeft voldoende afwisseling ingebouwd tussen up-tempo werk (zoals het met blast beats doorspekte “Demonic evocation prayer“, waarbij het Zweeds aandoende hakwerk meer dan eens aan Bloodbath doet denken) en tragere songs. Zo is “Unmask the face of false” misschien wel het zwaarste en traagste nummer dat hij ooit geschreven heeft voor Desolate Shrine. “…Of hell” luidt met haar omineuze, zwaar bulderende metalen doemdonderslagen, die ondersteund worden door plechtstatige orgelklanken, het einde van een erg overtuigende plaat in.

JOKKE: 83/100

Desolate Shrine – Deliverance from the godless void
1. The primordial one
2. Lord of the three realms
3. Unmask the face of false
4. The waters of man
5. The graeae
6. Demonic evocation prayer
7. The silent star
8. … Of hell

 

Advertenties

Serpentrance – The besieged sanctum

Echt nieuw kan je het debuut van het Russische Serpentrance niet noemen aangezien “The besieged sanctum” origineel in 2015 op cassette uitgebracht werd via Vault Of Dried Bones. Ondertussen heeft het trio, bestaande uit leden van Pseudogod, Ill Omened en Sickrites, echter onderdak gevonden bij Blood Harvest die het kleinood opnieuw uitbrengt, deze keer voorzien van de extra bonustrack “The funeral mass of the abhorrent“. Bij Serpentrance gaat het er heftig aan toe en je kan hun maalstroom aan ritualistische death en black metal dan ook in het hoekje van Irkallian Oracle, Vassafor en Spectral Voice plaatsen. Tempogewijs ligt de zweep er niet voortdurend op maar varieert Serpentrance met talrijke snelheden gaande van sub-atomische doomgolven tot bestiale blastbeats, en dit meestal allemaal binnen één en hetzelfde nummer. Soms is het geheel wat aan de modderige kant waarbij de nogal apart klinkende en van sloten echo voorziene snaredrum doorheen de dichte massa klieft. “Among the timeless tombs” beweegt zich op een slakkentempo voort en bevat rituele zang die samenloopt met de diep borrelende maar weinig afwisseling bevattende putgrunt van zanger A.M.S. Wanneer het tempo tergend traag is, kan de band mijn aandacht niet vasthouden. De blasts van “The tongueless oracle” zijn dus welgekomen na de bijna zeven minuten funeral doom van de voorgaande track. Serpentrance is niet de enige band die dezer dagen kiest voor deze structuurloze – soms lijkt het wel geïmproviseerde – mix aan black en death metal. Het is er echter weinigen gegeven het zaakje van begin tot eind spannend te houden. Ook Serpentrance lukt het met dit halfuur durende “The besieged sanctum” niet.

JOKKE: 72/100

Serpentrance – The besieged sanctum (Blood Harvest Records 2017)
1. Obeisance to the antiquity of sin
2. The aphotic temples
3. Amongst the timeless tombs
4. The tongueless oracle
5. The funeral mass of the abhorrent

 

Spectral Voice – Eroded corridors of unbeing

Na een inlooptraject van vijf demo’s en twee splits werd het hoogtijd voor het uit Colorado afkomstige Spectral Voice om haar kunsten te etaleren op een volwaardige langspeler. “Eroded corridors of unbeing” werd ie gedoopt en Dark Descent Records heeft de eer het ding op de markt te brengen. De mix van down tuned death metal en extreme doom gaat erg diep en de lage tonen walsen als een tientonner over je heen. Spectral Voice is echter niet voor één gat te vinden en bouwt afwisselende tempo’s gaande van funeral doom tot blast beats in de vijf nummers in en heeft tevens oor voor melodie tussen al het forsbolgerol door. Wat Vassafor niet voor mekaar krijgt, lijkt voor het kwartet – waarvan gitarist M. Kolontyrsky en bassits J. Barrett trouwens ook deel uitmaken van het geniale Blood Incantation – een koud kunstje waar ze met twee vingers (en waarschijnlijk dan nog de ver uiteen gespreide devil’s horns) in de neus in te slagen, namelijk nummers met een epische speelduur de hele rit boeiend houden. Het veertien minuten durende “Visions of psychic dismemberment” is hier een schoolvoorbeeld van. Deze kolos marcheert over hoogtes en laagtes en bezit een afwisselende flow met enkele trippy passages zonder gebricoleerd over te komen. Het kortere “Lurking gloom” dendert onstopbaar door en bevat een coole passage waarbij blast beats over arpeggio’s gedrapeerd zijn. dISEMBOWELMENT luurt om de hoek. Alle songs behalve de hekkensluiter bevatten aan het einde erg duistere drone en noise, om de stemming te zetten voor de opvolgende track. De diepe grunts en vettige screams van drummer (!) E.Wendler gaan door merg en been en laten geen spaander heel van je trommelvliezen. Tel hier nog een erg krachtig maar ruw geluid bij zodat Spectral Voice op alle gebied weet te overtuigen. Joechei!

JOKKE: 85/100

Spectral Voice – Eroded corridors of unbeing (Dark descent Records 2017)
1. Thresholds beyond
2. Visions of psychic dismemberment
3. Lurking gloom
4. Terminal exhalation of being
5. Dissolution

Vassafor – Malediction

Op papier zou Vassafor mijn hart moeten kunnen veroveren met haar barbaarse mix van black, death en doom, maar in de realiteit blijk ik moeilijker te versieren zijn dan gedacht. In het verleden was ik niet altijd overtuigd van de (soms ellenlange) songs van het Nieuw-Zeelandse duo, want steevast waren ze mijn aandacht halverwege kwijt. Nu twee interessante labels hun handen in mekaar hebben geslagen om het langverwachte tweede full album op de mensheid los te laten, besloot ik Vassafor nog eens een kans te geven. Eén blik op de tracklist laat zien dat drie van de vijf songs nog steevast boven de tien minuten grens afklokken waarvan opener “Devourer of a thousand worlds” zelfs boven het kwartier. Het duurt even vooraleer de duisternis voldoende aangezwollen is om vervolgens loodzwaar uit de startblokken te schieten. Die startblokken zijn van massief beton gemaakt, want dit is onvervalste funeral doom waarover zwaar distorted vocalen dood en verderf prediken. Alleen begin mijn aandacht na een minuut of vijf weer af te dwalen en is er een versnelling nodig om me terug bij de les te houden. In de up-tempo stukken, voelt het geheel echter al snel modderig aan door de zompige sound, wat meer te maken heeft met de productie dan met de instrumentbeheersing van de twee heren. Net na de tien minuten grens dient een Deströyer 666-achtige riff de boel opnieuw te moeten redden. Conclusie na de openingstrack: hier had één goede song van vijf minuten ingezeten en de rest is middelmatigheid doordat de riffs niet spannend genoeg klinken. Geef me dan maar het snelle en bestiale “Emergence (Of an unconquerable one)” dat “slechts” vijf minuten nodig heeft om een dozijn nonnen naar het hellevuur te katapulteren, hoewel de trage riff halverwege opnieuw van een gebrek aan inspiratie blijkt. Het compacte “Elegy of the accurser” veegt het Vaticaan zelfs op drie minuten tijd van de kaart. Het kan dus! De laatste twee songs zijn terug monumentaler qua speelduur en hoewel ze danig verwrongen en overstuur klinken, weet enkel “Illumination of the sinister” met haar snelle, zwaar zagende riffs en ronkende bastonen te overtuigen. Zanger/gitarist VK zou volgens de geruchtenmolen ook deel uitmaken van het gelijkaardige Irkallian Oracle, dat mij een pak beter weet te bekoren. Nu zijn het enkel de kortere songs en snellere passages die de meubels weten te redden, want wanneer Vassafor de doomregionen induikt, weet ze niet boven de middelmatigheid uit te steken.

JOKKE: 70/100

Vassafor – Malediction (Debemur Morti Productions/Iron Bonehead Productions 2017)
1. Devourer of a thousand worlds
2. Emergence (Of an unconquerable one)
3. Elegy of the accurser
4. Black winds victoryant
5. Illumination of the sinister

Antiversum – Cosmos comedenti

In het pop- en rockcircus is het dikwijls de frontman/-vrouw die in de schijnwerpers staat en met alle aandacht gaat lopen. In het black metal-wereldje lopen er ook zo van die bands rond hoewel de afgelopen jaren steeds meer en meer anonieme entiteiten boven water kwamen waar de band belangrijker is dan de som van de individuen die er deel van uitmaken. Het Zwitserse Antiversum is zo’n band waarbij de identiteit van de leden een waar staatsgeheim is maar een gemeenschappelijke nihilistische kijk op het universum de gemende deler vormt. Vijf jaar na de oprichting in 2010 werd een eerste demo uitgebracht en nu is het tijd voor het volwaardige debuut getiteld “Cosmos comedenti“. Er prijken slechts vier songs op de tracklist die tezamen op achtendertig minuten speeltijd afklokken en waarin we een amalgaam aan kosmosvernietigende black, doom en death metal over ons heen gestuwd krijgen met links en rechts de nodige dissonante klanken. Hier geen doffe ellende zoals we bij soortgelijke bands wel al eens aantreffen, maar een vrij transparante mix waarin alle instrumenten duidelijk van mekaar te onderscheiden zijn. Haaks op de interessante muzikale audiomaalstroom staat echter een zaaddodende, saaie van galm voorziene grunt waarin geen greintje afwisseling te horen valt. Gelukkig zijn er voldoende lange instrumentale passages waar de zanger zijn klep houdt en je een pandoering geven. Wie een referentiekader wil: Irkallian Oracle, Kosmokrator en Grave Miasma.

JOKKE: 79/100

Antiversum – Cosmos comedenti (Invictus Productions 2017)
1. Antinova
2. Creatio e chao orta est
3. Cosmos comedenti
4. Nihil ad probandum

Ulven – Void worship

De gore old-school hoes van Ulven’s “Void worship” trok meteen mijn aandacht. Ergens verwachte ik op basis van de cover om zompige en morbide death metal voorgeschoteld te krijgen, maar Ulven tapt toch wel uit een ander vaatje. “Void worship” is het equivalent van een achtendertig minuten durende nostalgische trip naar de oerdagen van extreme metal met een hybride van black, doom en death metal waarbij death worship centraal staat. De dynamische trage, mid-tempo en snelle metalen klanken worden regelmatig afgewisseld met akoestische gitaren en in de afsluitende instrumentale titeltrack hebben keyboards het voor het zeggen. De drums zijn hoorbaar van het geprogrammeerde type maar dat stoort eigenlijk nergens. Sean Deth is immers in zijn eentje verantwoordelijk voor dit Ulven dat hij oprichtte na het uiteenvallen van zijn vorige band Benighten Empire. De Amerikaan maakt verder ook deel uit van Burial Oath, die net een eerste langspeler uit hebben op Vendetta Records. Terug naar de muziek! De productie is aan de ruwe kant maar laat toch voldoende ruimte voor een occulte, naargeestige atmosfeer en duistere melodieën. Sean’s vocalen klinken lekker bestiaal en het gaat er behoorlijk pittig aan toe in songs als “Nøkken” en “Moonless” zonder echter voortdurend aan honderd per uur recht-door-zee te rammen. “Wülfcult” is met zijn punky ondertoon en simpele maar effectieve riff dan weer eerder rockend van aard. De old school charme druipt van “Void worship” af en maakt dit een erg onderhoudend schijfje.

JOKKE: 78/100

Ulven – Void worship (Eigen beheer 2017)
1. Krypt
2. Nøkken
3. Moonless
4. Wülfcult
5. Worship of drowned idols
6. Funeral lights
7. Void Worship

The Ruins of Beverast – Exuvia

The Ruins of Beverast is sinds de laatste jaren een begrip geworden. Bezieler en protagonist Meilenwald heeft zijn strepen 20 jaren geleden al verdiend als drummer in het ter ziele gegaande Nagelfar. En de eerste reeks albums zorgden ervoor dat The Ruins of Beverast een soort cultstatus genoot in de extreme underground. Sinds de release van het uitstekende “Blood vaults” enkele jaren geleden zijn er ook live muzikanten gezocht die de band voorgoed op de kaart plaatsten. The Ruins of Beverast speelden doorheen heel Europa en tevens in de States. Geen grote tours, maar louter op hooggeplaatste evenementen. “Blood vaults” was voor mij ook het album dat Beverast deed uitstijgen boven hun voorgaande releases, die muzikaal best wel in orde waren, maar zo onbeholpen opgenomen klonken. De verwachtingen voor “Exuvia” waren dan ook erg gespannen. Maar twijfel was er niet. Als je 4 niet al te fel afwijkende albums kunt schrijven, gaat het zeker niet mislopen voor het 5de album. Voor mij is Beverast altijd een speciale band geweest. Ik kan hun moeilijk in een hokje stoppen. Het geheel klinkt altijd zeer doomy, maar gespeeld vanuit een soort black metal ethiek. Je kunt er moeilijk je vinger op leggen. Wat wel duidelijk is, is de onheilspellende ondertoon die altijd als rode draad door Meilenwalds hersenkronkels slingert. Hoe griezelig “Blood vaults” wordt ingezet, zo griezelig klinkt ook “Exuvia” met haar rare voodoo-trance (!?) sample en donkere gitaartokkel. Als daarbij nog feeërieke vrouwenzang wordt toegevoegd is de toon gezet voor een heel vol uur. Schitterend! Laaggestemde gitaren, de aardedonkere grunt van Meilenwald, de meest duistere tokkels ever written en een resem nieuwe elementen om niet in herhaling te vallen. Voilà, dat vat alles samen in één rede. De nieuwe elementen dan. Op “Blood vaults” werd regelmatig een stepfilter gebruikt om een zeer raar effect te krijgen op de zang. Behalve in de mainstream pop scene, deed geen enkele extreme band dat zo uitgesproken. Ook deze keer wordt er duchtig geëxperimenteerd met de zang. Heel wat verschillende soorten koorgezangen komen opduiken in haast elk nummer. Speciale vermelding krijgt toch “The Pythia’s pale wolves“, met haar cleane (no homo) zanglijnen, doedelzak (!) partijen en een soort scratch-achtige sample. Mijn beschrijving lijkt alsof het op geen hol trekt, maar warempel toch wel! Tijdens de 15 minuten dat het nummer duurt, passeert nog een heroïsche, echte black metalriff, vrouwengekrijs en vreemde synths. Crazy, but so divine! En zo valt er in elk nummer wel wat te beleven. Daarnet vroeg mijn maat of “Exuvia” straffer is als de vorige. Mijn antwoord luidde: “minstens even goed”. En dat is al heel wat. Deze plaat gaat hoge ogen gooien. Mark my words!

Flp: 96/100.

The Ruins of Beverast – Exuvia (Ván Records 2017)
1. Exuvia
2. Surtur barbaar maritime
3. Maere (on a stillbirth’s tomb)
4. The Pythia’s pale wolves
5. Towards malakia
6. Takitum tootem! (Trance)