griekenland

War Possession – Doomed to chaos

Dat noemen we nu nog eens een intro se! Het lijkt wel van de jaren negentig geleden te zijn dat we nog zo’n onheilspellende en groots klinkende introductie als “March into hell (Beyond the chaos)” gehoord hebben die de eerste langspeler van het Griekse War Possession doeltreffend in gang zet. Hoewel de leden actief zijn in underground black metal bands als Embrace of Thorns, Merciless Crucifixion en Wargoat, gooit het kwartet het met War Possession eens over een andere boeg. Rollende en beukende diehard death metal met oorlogsgeïnspireerde thema’s is wat ze in de aanbieding hebben: titels als “Operation neptune“, “Verdun hell” of “The sword of Stalingrad” liegen er niet om, hoewel de bandnaam natuurlijk ook al een dikke vette hint gaf. Death metal en oorlog? Bolt Thrower doemt dan natuurlijk al snel aan de einder op maar ook oude knallers als Incantation, Asphyx en Treblinka liggen ondergronds in het mijnenveld ingegraven. De compacte blitzkrieg songs rollen als een beukende tank over het slagveld en bevatten goed volgbare structuren, enkele dodelijke riffs en een oorlogssample links en rechts. De diepe growls van frontman Vaggelis lijken wel in één of andere bunker opgenomen te zijn en hoewel er niet veel variatie aan te pas komt, is zijn doodsreutel toch erg effectief. Na net geen veertig minuten zit het offensief erop; één waarbij War Possession ondergetekende alvast als krijgsgevangene genomen heeft.

JOKKE: 80/100

War Possession – Doomed to chaos (Memento Mori 2017)
1. March into hell (Beyond the chaos)
2. Operation neptune
3. God of a wicked mind
4. Verdun hell
5. Doomed to chaos
6. War is the father and king of all
7. Slapton sands tragedy
8. The sword of Stalingrad
9. Haunted by carnage
10. Mass for the dead

Advertenties

Thy Darkened Shade/Chaos Invocation – Saatet-Ta apep

“The Left Hand Path is no fun, the LHP endangers the life and happiness of millions. You must stop, we appeal to the fake bands of today. Stop the madness, there are better things in life. Moloch will devour you anyway!” Duidelijk statement van twee bands uit de W.T.C.-stal die de handen in mekaar hebben geslagen voor een split 7″ EP. Het betreft hier het Griekse Thy Darkened Shade en het Duitse Chaos Invocation. Die eerste brengen met “Cascade of Nun” een solide, melodieuze, mid-tempo occulte black metal song zoals we die voortdurend te horen krijgen van meerdere van hun labelgenoten. Niets op aan te merken, maar het blaast me ook niet omver. Ik keek vooral uit naar de B-kant waarop voor het eerst in vier jaar nieuw werk van Chaos Invocation te beluisteren valt. “Cave allegory of the great desert void” klinkt tegelijkertijd catchy en melodieus (en verraadt nog steeds een zekere voorliefde voor Dissection), maar ook vurig en bevat de nodige eb-en-vloed dynamiek en occulte koorzang, wat maakt dat er heel wat afwisseling in deze ene track vervat zit. De nieuwe langspeler zou niet lang meer op zich mogen laten wachten. Benieuwd!

JOKKE: 82/100

Thy Darkened Shade/Chaos Invocation – Saatet-Ta apep (World Terror Committee 2017)
1. Thy Darkened Shade – Cascade of Nun
2. Chaos Invocation – Cave allegory of the great desert void

Acherontas – Amarta अमर्त (Formulas of reptilian unification part II)

De Griek Acherontas V. Priest is een bezig bazeke. Met zijn hoofdband Acherontas is de zwaar getatoeëerde kaalkop ondertussen aan langspeler nummer zes aangekomen (acht als je de levensjaren onder de omstreden naam Stutthof meetelt), ééntje die de titel  “Amarta अमर्त (Formulas of reptilian unification part II)” meekreeg. Dit tweede deel borduurt verder op “Ma-IoN (Formulas of reptilian unification)” dat twee jaar geleden verscheen. Een plaat van Acherontas gaat steeds met heel veel bombarie en grootspraak gepaard; ook nu weer. Tussen al het moeilijk doen door kunnen we afleiden dat de plaat draait rond de zonnetradities, magische krachten van de maan en traditionalisme als opstand tegen de moderne wereld én de moderne black metal scene, meer bepaald alle dertien-in-een-dozijn bands die fake rituele ambient aan hun sound toevoegen – iets wat Acherontas claimt als innovator op de kaart gezet te hebben. Op het vorige album was mijn kritiek dat de meditatieve rituele ambient de vaart uit de zeventig minuten muziek haalde; deze keer koos onze Griekse woordtovenaar voor een meer gebalde, straightforward aanpak met een album dat netjes rond de driekwartier afklokt en een terugkeer naar de roots van de band inluidt: een blend van jaren ’90 black metal en subtiele orchestrale synths van de hand van Nightbringer opperhoofd Naas Alcameth. Acherontas V. Priest en de rest van zijn coven musiceren strak en sterk en weten pakkende songs met knappe leads af te leveren zoals “Rosa andromeda” onder andere bewijst. De bijdrage van gitarist Indra (Naer Mataron) is niet gering: de melodieuze twin-gitaren doen meermaals aan Dissection denken, maar het gros is spannende occulte black met hier en daar sacrale zangpartijen en proclamaties. Zoals reeds gezegd is de ambient tot een absoluut minimum herleid, maar voor de liefhebbers is er natuurlijk nog zijproject Shibalba. Knappe plaat om het twintigjarig bestaan van de band mee in de zwarte verf te zetten.

JOKKE: 85/100

Acherontas – Amarta अमर्त (Formulas of reptilian unification part II) (World Terror Committee 2017)
1. Tablets of mercury
2. Schism of worlds
3. I-AM Ness – The tradition of EYE
4. Sopdet denudata
5. Yesod inversum
6. Rosa andromeda
7. Savikalpa samadhi
8. Amarta

Abigor/Nightbringer/Thy Darkened Shade/Mortuus – Split

Hij is lang in de maak geweest, maar uiteindelijk is de langverwachte split tussen Abigor, Nightbringer, Thy Darkened Shade en Mortuus een feit. Met respectievelijk Oostenrijk, de Verenigde Staten, Griekenland en Zweden als uitvalsbasis is de geografische spreiding van deze vier bands enorm uitgestrekt. En hoewel elk van deze black metal acts voor een eigen radicale interpretatie van “The Left Hand Path” staat en er een specifieke theologische achtergrond op nahoudt, is er toch een gemeenschappelijke deler tussen hen. Eigenlijk krijgen we één song te horen die op 42 minuten afklokt en waarbij elke participant een deel – simpelweg naar de uitvoerder vernoemd – voor zijn rekening neemt en de tekst doorheen de vier delen vloeit. Abigor bij de spits af. Ik heb het altijd al moeilijk gehad om deze Oostenrijkers te doorgronden en zelden viel het kwartje. Ook nu zijn ze duidelijk de meest avant-gardistische van de vier want wat ze twaalf minuten lang laten horen, springt echt van de hak op de tak: van jazzy en proggy stuff over theatraal gedoe tot krankzinnige black metal. Abigor klinkt hier bijna als een Opeth met een zwart randje. Dit gaat zowat overal naartoe behalve naar mijn gelukshormoon, want hier kan ik niet veel mee aanvangen. En hoewel Nightbringer ook een zekere theatraliteit en majestueusheid uitdraagt, klinkt hun bijdrage veel meer echt voor de raap en is hun blastende sinistere black meer dan welkom na het zenuwslopende Abigor. De snerpende gitaarleads klinken onmiskenbaar als Nightbringer en de innemende vocalen van Naas Alcameth blazen de tenenkrommende cleane zang die we bij Abigor hoorden aan frut. Benieuwd naar het nieuwe “Terra damnata” dat volgende maand zal verschijnen. Bij Thy Darkened Shade draait het om melodieus riffwerk dat met de nodige techniciteit uit de snaren getoverd wordt. De Griekse sound komt duidelijk naar voor en naast beukwerk is er ook plaats voor akoestische gitaren en een neo-klassiek piano-intermezzo. Naar het einde toe passeert er ook nog wat koorzang alvorens Mortuus een einde mag breien aan het geheel. Bij de Zweden gaat het tempo serieus de dieperik en krijgen we een bezwerend en repetitief, sacraal klinkend stuk muziek binnen. Er valt heel veel te beleven op deze split want elke band kleurt op zijn eigen manier buiten de lijntjes van het genre. Ieder zal hier natuurlijk zijn persoonlijke favoriet hebben. Voor ondergetekende trekt Abigor echter de gemiddelde score naar beneden. De bands brengen deze split in eigen beheer uit maar in Europa staan World Terror Committee en Avantgarde Music in voor de officiële distributie.

JOKKE: 77/100 (Abigor: 60/100 – Nightbringer: 80/100 – Thy Darkened Shade: 82/100 – Mortuus: 84/100)

Abigor/Nightbringer/Thy Darkened Shade/Mortuus – Split (World Terror Committee/Avantgarde Music 2017)
1. Abigor
2. Nightbringer
3. Thy Darkened Shade
4. Mortuus

Acrimonious – Eleven dragons

Hoewel het in Griekenland regelmatig bakken en braden is, stond het Helleense Acrimonious altijd al een beetje in de schaduw van Acherontas – volledig onterecht wat mij betreft. Tijdens de demo- en EP-dagen van de band brachten ze qua sound een hommage aan oude goden zoals Samael, Sarcofago, oude Mayhem, Tormentor, Nifelheim, maar vanaf debuut “Purulence” uit 2009 schoof het geheel meer richting Dissection en Watain uit. Na deze plaat vond oprichter Cain Letifer (Serpent Noir, Thy Darkened Shade, ex-Acherontas, ex-Nightbringer) in drummer C. Docre (met identiek dezelfde bands op zijn curriculum vitae) en gitarist Semjaza 218 (Nadiwrath, The Ashes, Thy Darkened Shade, ex-Kawir, ex-Nergal, ex-Ravencult) twee gelijkgestemde zielen en werd in 2012 “Sunyata” uitgebracht, wat het debuut op alle vlakken overklaste. Sindsdien is het stil geweest rond Acrimonious maar dat lange wachten wordt nu beloond met “Eleven dragons“, dat met elf nummers en 67 minuten speeltijd een plaat is geworden zoals er nog zelden verschijnen. Geen hapklaar tussendoortje dus, maar een werkstuk dat in zijn geheel moet ondergaan worden. “Incineration initiator” is met haar negen minuten meteen de langste song en krijgt met haar progressief karakter de eer om het zaakje af te trappen. Een iets avontuurlijkere song met meer eigen karakter wordt links en rechts afgewisseld met vintage Watain en Dissection-achtige tracks zoals “The northern portal“, “Damnation’s bell” en “Elder of the nashiym” waar de Zweedse melodieuze bloedspetters vanaf spatten. Het gitaargepingel in “Kaivalya” en de akoestische klanken van “Thaumitan crown” raken dan weer eerder de gevoelige snaar net zoals de uitdijende leadgitaar in “Stirring the ancient waters“. De mix en mastering van Stamos Koliousis (Sitra Ahra Studios) is uitmuntend qua transparantie (hoor die basgitaar ronken), maar klinkt toch knallend en ruw genoeg voor dit soort occulte necro black. Net zoals hun Tsjechische broeders Inferno verkaste ook Acrimonious het Poolse Agonia Records om onderdak te vinden bij het Duitse W.T.C. waar ze in goed gezelschap verkeren van een legioen gelijkgestemde zielen. Wat Watain betreft is het nog bang afwachten welke richting zij verder zullen uitgaan na het zwaar teleurstellende “The wild hunt“. The disappointed ones hebben aan Acrimonious in elk geval een zéér vette kluif, want “Eleven dragons” is allerminst een draak van een plaat geworden. De invloeden van de helden liggen er misschien iets té dik bovenop, maar de uitvoering is naadloos en de kwaliteit torenhoog.

JOKKE: 87/100

Acrimonious – Eleven dragons (World Terror Committee 2017)
1. Incineration initiator
2. The northern portal
3. Damnation’s bells
4. Satariel’s grail
5. Elder of the nashiym
6. Kaivalya
7. Qayin rex mortis
8. Ominous visions of nod
9. Stirring the ancient waters
10. Litany of moloch’s feast
11. Thaumitan crown

Natvre’s – Wrath

Moeder Natuur kan zich manifesteren als een kabbelend beekje dat uitmondt in een rustiek heidemeertje waar de bloemetjes in bloei staan, de vogeltjes zingen en de witte konijntjes rond dartelen. Moeder Natuur kan echter ook de vorm aannemen van een allesverwoestende tsoenami, kolkende modderstroom of donderende sneeuwlawine. Het zijn eerder deze beelden die mij voor ogen komen bij het beluisteren van de debuutplaat van Natvre’s, een trio dat in 2014 in Thessaloniki opgericht werd. “Wrath” werd oorspronkelijk in 2015 in eigen beheer uitgebracht, maar sinds ze een krabbel tekenden op een Argento-contract wordt het debuut – in afwachting van nieuw werk – op dit sympathieke label heruitgebracht. Het black metal geweld dat op “Wrath” te beluisteren valt, kan amper vergeleken worden met de zwartmetalen klanken die we gewend zijn uit Griekenland te horen. Doorheen de hoge snerpende gitaarklanken waart de geest van Burzum rond, maar in de lage regionen is het eerder bulderende sludge die we in onze maag gesplitst krijgen waarbij de maagwand doorboord wordt door gitarist Foedraan’s maniakale krijsende vocalen die serieus door de effectmolen gedraaid werden. Wanneer de band het trage beukwerk achter zich laat en zijn demonen de vrije loop laat, valt ook een crust-kantje te ontwaren – niettemin door drummer Saathield die enorm energiek het stof van zijn drumvellen mept. Bij dit soort ragherrie eist de basgitaar van Aethiᴙ een bijna even prominente plaats als de gitaarriffs op in de mix. Je hoeft je stereo trouwens maar één streepje open te draaien, of de kalk valt al uit het plafond naar beneden. Wanneer de band halverwege de plaat middels “Hinterland” de repetitieve ambient/drone-richting opgaat, kunnen we even naar adem happen en popt Vargje opnieuw op. “The woven art” is dan weer eerder opzwepend van aard met een rockende riff die me om één of andere reden aan “The wait” van Killing Joke doet denken. Moeder Natuur is kwaad, ontzettend kwaad, en met haar toorn (“In an other life. We’ll be trees again. In an other life. Peace will not have a chance.”) veegt ze heelder beschavingen van de kaart. Zo destructief, duister, koud en psychotisch weten weinig Noorse bands het nog te brengen dezer dagen. Verrassing van de maand!

JOKKE: 85/100

Natvre’s – Wrath (Argento records 2016)
1. Lazarines
2. Narcissus
3. Prototype
4. Hinterland
5. Wrath
6. The woven art
7. Endless
8. Natvre’s war

Primeval Mass – Wilskrachtige individuen vinden steeds een waardige manier om te overleven

Het Griekse Primeval Mass blies me vorige maand van mijn dikke geitenwollen sokken met een album waarop razende black metal en opgefokte thrash en speed metal hand-in-hand gaan. Vermits deze band onontgonnen terrein was voor ondergetekende besloot ik bezieler Orth, naast tzatziki en fetakaas, maar eens wat vragen voor te schotelen. (JOKKE)
Primeval Mass.jpg

Hail Orth! Hoewel ik de extreme metal undergroundscene met grote interesse volg, moet ik schoorvoetend bekennen dat ik nog nooit van Primeval Mass gehoord had. Ik leerde je band kennen via een link die de Australische black/death band Awe op haar Facebookpagina postte. Ik vermoed dat je band bij het gros van de Belgische metalheads niet meteen een belletje zal doen rinkelen. Daarom had ik graag geweten waarom je indertijd Primeval Mass in het leven hebt geroepen?
Gegroet en bedankt voor dit interview! Het was mijn persoonlijke drang naar muzikale en tekstuele expressie en het creëren van iets unieks dat heeft geleid tot de oprichting van Primeval Mass. Toen de visie van wat Primeval Mass zou moeten zijn, vorm had gekregen en het essentiële technische niveau bereikt werd, werden de eerste demo’s gereleaset.

Op een vrij onbekend label zitten (Katoptron IX Records), is waarschijnlijk één van de redenen waarom Primeval Mass niet zo gekend is (tenminste in België). Ben je tevreden over het label?
Ik werk zelf voor het label, dus ja. Vooraleer ik besloot mijn muziek enkel via Katoptron IX uit te brengen en te verdelen, heb ik samengewerkt met andere underground black metal labels, en hoewel ik tamelijk tevreden was met het werk dat zij verrichtten, is de respons significant toegenomen bij de laatste twee albums en dan vooral bij “To empyrean thrones”. Geen idee eigenlijk waarom primeval Mass niet gekend is bij jullie. Feit is wel dat we onze releases nooit over-gepromoot hebben en het aantal mensen dat naar onze muziek luistert was nooit een doel op zich.

To empyrean thrones” is, naast een reeks demo’s en splits, reeds jullie derde langspeler. In tegenstelling tot de vorige albums, die het resultaat waren van groepswerk, werd de nieuwe plaat volledig door jou geschreven en ingespeeld. Wat heeft tot deze beslissing geleid? En in welk opzicht onderscheidt de nieuwe plaat zich van het oudere werk? Technisch gezien was enkel de eerste helft van ons debuut (wat eigenlijk de eerste demo is) een bandresultaat, vermits dat het enige Primeval Mass album is waarop een volledige permanente line-up te horen is. Ik had een erg specifieke visie voor “To empyrean thrones” die volledige controle vroeg over de arrangementen en uitvoering, waardoor ik besloot alles zelf te doen. Eigenlijk is dit reeds sinds dag één het geval aangezien ik alle muziek componeerde en exacte aanwijzingen gaf aan de andere leden, zowel de sessiemuzikanten als permanent bandleden. Behalve de workload is er dus geen al te grote wijziging qua modus operandi op het nieuwe album.
Wat betreft de verschillen tussen het huidige werk en de oude albums kan ik zeggen dat de kern van onze sound steeds intact gebleven is, maar dat er bij elk Primeval Mass album verbeteringen kwamen en evolutionaire stappen vooruit gezet werden. Tenslotte zie ik geen reden om een plaat uit te brengen als er in vergelijking met de voorgaande geen relatief hoorbaar verschil is. Tussen ons debuut “As solemn maelstrom…” en “Blood breathing idols” werden minder voor de hand liggende elementen een duidelijker en onverbreekbaar geheel van onze muziek, waardoor er meer ruimte ontstond voor experiment, zonder in te boeten aan agressiviteit. Dit was de eerste grote stap. Op “To empyrean thrones”diepte ik de zaken die werkten verder uit en verbeterde ik de dingen die aan verbetering toe waren. De heavy metal en thrash invloeden zijn nu nóg duidelijker aanwezig en klinken donkerder en tegelijkertijd bracht ik, op het eerste zicht tegenstrijdige, nieuwe elementen aan zoals op “Behind the watching shadows”. Ik ben nog steeds 100% tevreden over beide vorige albums maar “To empyrean thrones” is qua technische context veruit de beste opname en uitvoering die ik ooit gedaan heb met tegelijkertijd het meest agressieve, solide en atmosferische resultaat.

Ik moet zeggen dat ik erg onder de indruk was toen ik vernam dat het album het resultaat was van het werk van slechts één man. Het niveau van je muzikaal vakmanschap (zowel gitaar, bass, drum en zang) is erg hoog. Op welke leeftijd ben je begonnen met muziek spelen en wat triggerde je om muzikant te worden?
Dank je. Ik begon op de leeftijd van dertien jaar en was dan reeds één à twee jaar into metal. Zoals eerder gezegd was de voornaamste reden mijn verlangen iets unieks te creëren, geïnspireerd door mijn favoriete bands.

We hebben hier duidelijk met een multi-instrumentalist van doen, maar beschouw je jezelf eerder als een gitarist of drummer? Welk instrument beheers je het best?
De gitaar is mijn belangrijkste instrument, het eerste dat ik begon te spelen en nog steeds het meest geschikte om te componeren. Ik ben ook nieuwe instrumenten aan het leren die nieuwe deuren openen op gebied van songwriting, ongeacht het feit of ze op toekomstig werk gebruikt zullen worden.

Impliceert het feit dat je alles alleen doet dat het onmogelijk is voor Primeval Mass om liveshows te spelen? Of kan je beroep doen op sessiemuzikanten om je live uit de nood te helpen?
Onmogelijk niet, maar in elk geval is live spelen geen prioriteit, laat staan een concreet plan. Ik zou tevens nooit een live show willen geven met een band die meer sessiemuzikanten dan vaste leden telt. Het is echter mogelijk dat er nieuwe bandleden bijkomen in 2016, waardoor de zaken op dit gebied wel eens zouden kunnen veranderen.

Waarvoor staat de albumtitel To empyrean thrones” en is er een link met het uitmuntende cover artwork?
Zoals bij elke Primeval Mass release is de betekenis opnieuw multi-layered waarbij terugkerende thema’s zoals transcendentie in verschillende contexten behandeld worden. Ik ga hier niet vasthouden aan de keuze voor het woord “empyrean” en de correlatie met Chaos, maar zal een kleine analyse geven, bekeken vanuit een lichtjes ander standpunt: “To” markeert de constante beweging om Jezelf voortdurend voorbij de illusionaire barrières van de materiële wereld (“empyrean”) te pushen, altijd voorbij de beperkende attributen die het Ego met zich meebrengt, op weg naar triomf (“thrones”) en onsterfelijkheid. Om het Innerlijke Vuur  (= pyr) te verlichten, te doen groeien en te ondersteunen naar een levend eindeloos Zelf. “To empyrean thrones” kan ook vertaald worden als “towards the ultimate enthronements” en aangezien Vrije Wil grenzeloos en onoverwinnelijk is, zijn dit de dingen die nog geen voortdurend doel zijn geworden. Laten we er niet verder op ingaan om de luisteraar zo de vrijheid te geven dieper op de teksten in te gaan en de geheimen van het fantastische artwork van Karmazid te ontdekken.

Ik hou echt van de ruwe en energieke thrash/speed metal vibe die in jouw black metal vervat zit en me meermaals doet denken aan het geweldige Absu. Het onderscheidt jou ook van het merendeel van de andere welgekende Griekse black metal bands. Heb je veel contact met je collega’s of ben je eerder een Einzelgänger binnen de Griekse scene?
Sommige van mijn vrienden spelen inderdaad in andere black metal bands, hoewel dit niets te maken heeft met vriendschap – we zijn vrienden die elk hun band hebben, niet omgekeerd. Ik beschouw mezelf niet als deel van een Griekse of andere scene, daar deze term dezer dagen geen betekenis meer heeft zoals twintig à vijfentwintig jaar geleden en ik het land van oorsprong niet als een criterium gebruik om mijn favoriete bands te categoriseren.

Je bent ook actief in de black metal band Eschaton, waar ik nooit van gehoord heb. Wat is het grootste verschil tussen beide bands?
De muziek van Eschaton bevat duidelijke invloeden van jaren ’90 Noorse en Griekse black metal en het is absoluut ons doel niet om een eigen identiteit verder te ontwikkelen. Op “Unshaken” (het enige album dat ik schreef en waarop ik te horen ben nadat ik hen in 2011 vervoegde) bracht ik een meer melodische aanpak, maar dat is absoluut het verste dat ik daarin wil gaan. We gaan nu eerder terug naar een ruwere sound.

Griekenland heeft het hard te verduren gehad tijdens de economische crisis. Heeft dit enig effect gehad op jou als muzikant en als burger zijnde? Is er verbetering merkbaar of is het nog steeds een strijd om te overleven voor de meeste Grieken?
Dit is van geen groot belang voor mij als burger en nog minder als muzikant, zeker gezien het feit hoe hard de crisis voor sommige mensen is geweest. De situatie is duidelijk nog niet aan de beterhand maar de wilskrachtige individuen vinden steeds een waardige manier om te overleven.

“Amongst the ruins of cosmos…to amaranthine empyrean thrones”!