ijsland

Auðn – Farvegir fyrndar

Als je in het geïsoleerde IJsland opgroeit en op een bepaald moment besluit black metal te spelen in één van de vele bands die het mysterieuze land rijk is, kan het haast niet anders dan dat de invloed van haar grimmige klimaat en ruwe landschappen haar weg vindt in de muziek. Eén van de bands die hier in uitblinkt is Auðn, een kwintet dat een buitenbeentje vormt in een scene die gedomineerd wordt door de veelal dissonantie-aanbiddende black metal hordes. Auðn klinkt, net als Dynfari waarmee enkele leden gedeeld worden, een heel pak melodieuzer dan vele van haar scenegenoten en legt de nadruk op atmosfeer in plaats van een verstikkende wall of sound. Het self titled debuut uit 2014 liet al veelbelovende nummers horen maar op het nagelnieuwe “Farvegir fyrndar” (IJslands voor “oude rivierbeddingen”) tilt Auðn haar muzikale vakmanschap naar een hoger niveau. De ongereptheid van de IJslandse natuurlandschappen doemt meteen op als we de met subtiele folkinvloeden doordrenkte melodieën van opener “Veröld hulin” horen, maar tegelijk wordt ook duidelijk dat de band ijziger te werk gaat in de black metal orkanen die ontketend worden eens de gitaarriffs zich tot een donkere wolkenmassa hebben opgestapeld. “Prísund” en “Blóðrauð sól” zijn de grimmigste nummers op de plaat en leunen het meest richting ouwe getrouwe Noorse black. De songs zijn alles behalve eenzijdig en tonen, net zoals de grilligheid van moeder natuur, verschillende gezichten. Zo wordt een black metal tsunami ontketend aan het begin van “Lifvana jörð” om verderop in de song rustigere wateren te verkennen. “Ljósaslæður” belichaamt de albumtitel het best en combineert meanderende ingetogen passages met een waterval aan furie. “Skuggar” valt positief op door haar kippenvel opwekkende gitaarleads evenals het afsluitende “Í hálmstráið held” waarin je een weids panorama aan klanken voorgeschoteld krijgt waarbij het haast lijkt alsof je bovenop een fjord van het machtige uitzicht geniet. Naast de adoratie voor de overweldigende schoon- en ruwheid van hun thuisland komen ook thema’s als depressie en verlies van dierbaren aan bod en dat horen we onder meer terug in de emotionele vocale uithalen van zanger Hjalti Sveinsson en de weemoedige klanken van het acht minuten durende “Haldreipi hugans“. Auðn levert met “Farvegir fyrndar” een plaat af die over de gehele lijn weet te imponeren, mede dankzij de heldere maar krachtige productie. Bon, ik ga naar IJsland volgend jaar!

JOKKE: 90/100

Auðn – Farvegir fyrndar (Season of Mist 2017)
1. Veröld hulin
2. Lífvana jörð
3. Haldreipi hugans
4. Prísund
5. Ljósaslæður
6. Blóðrauð sól
7. Eilífar nætur
8. Skuggar
9. Í hálmstráið held

Advertenties

Svartidauði – Depleted pathways

Flesh cathedral” – debuutplaat van het IJslandse Svartidauði – zette de internationale black metal scene in 2012 op haar kop. In het kielzog van dit vierkoppig monster schoten de vele volgers als geisers uit de incestueuze ondergrond naar boven. Ondertussen zijn we vijf jaar verder en wordt het toch stilaan tijd voor die langverwachte opvolger hoor jongens! Om het wachten echter dragelijker te maken besloot de band – recent gereduceerd tot een trio na het vertrek van gitarist Nökkvi – om de tijd te doden met een derde EP op rij. Doordat Svartidauði voor de eerste keer sinds haar debuut geen gebruik maakte van de Emissary Studio’s, maar ging opnemen in de Gryfjan Studio van Misþyrming’s D.G. krijgen we toch een lichtelijk ander geluid te horen. Beide songs klinken immers wat ieler, luchtiger en minder zwaar dan in het verleden. Denk nu niet dat deze IJslanders plots liefelijke liedjes zijn gaan pennen, maar het geheel komt toch minder overrompelend over nu. De dissonante gitaarpartijen zijn gelukkig dan weer wel nog overvloedig aanwezig zo getuige onder andere de knoert van een dissonante hypnotiserende en repetitieve riff waarrond “Erultation” is opgebouwd. Hoewel de drie EP’s zeker hun bestaansrecht hebben, weten deze songs me toch niet zó hard omver te blazen als het debuut. Benieuwd wat de tweede langspeler gaat geven!

JOKKE: 78/100

Svartidauði – Depleted pathways (Ván Records 2017)
1. Depleted pathways
2. Erultation

Óreiða/Holocausto Em Chamas – Split

Onbekend maakt onbemind. Óreiða zal voor velen nog een onontgonnen parel uit de IJslandse black metal scene zijn hoewel het mysterieuze gezelschap al een veelbelovende demo op haar conto heeft staan. Harvest of Death, een subdivisie van Signal Rex, biedt ons via een split met het Portugese Holocausto Em Chamas een nieuw nummer aan waar ik al likkebaardend op kan losgaan. “Blindur” staat voor tien minuten overdonderende en beklijvende IJslandse black metal die ik dit jaar zelden beklemmender en verstikkender heb gehoord. Repetitief blastende drums vormen nagenoeg volcontinu de ruggengraat van dit monster waar groots klinkende post-rockgitaren in extase doorheen klieven en ijselijke screams een extra dimensie aan toevoegen. Aan de B-kant van deze 10″ mag het nieuwe Holocausto Em Chamas laten horen wat ze in haar mars heeft. Spijtig genoeg is dat rauwe en gure dertien-in-een-dozijn klinkende kelderblack waar ik het noch warm noch koud van krijg en dat kan toch niet de bedoeling zijn. Toch is deze split de aanschaf waard om de waanzin van Óreiða in eindeloze repeat te kunnen ondergaan.    

JOKKE: 75/100 (Óreiða: 90/100 – Holocausto Em Chamas: 60/100)

Óreiða/Holocausto Em Chamas – Split (Harvest Of Death/Signal Rex 2017)
1. Óreiða – Blindur
2. Holocausto Em Chamas – I
3. Holocausto Em Chamas – II
4. Holocausto Em Chamas – III

Nornahetta – Synesthetic pareidolia

Voor de meest obscure bands die er in de IJslandse scene ronddolen (Endalok, Óreiða), moet je bij het Portugese Signal Rex label zijn. Zij brengen de nieuwe (ondertussen reeds vijfde) EP uit van het anonieme duo Nornahetta. “Synesthetic pareidolia” is het kleinood getiteld en bevat één song die wel zestien minuten in beslag neemt. Bij Nornahetta staat “improvisatie” centraal en het statement “No rehearsal / No writing / Only death” maakt duidelijk wat we kunnen verwachten: rauwe, lelijke underground black metal die piept en kraakt en de geest van het genre perfect weet te capteren. Ten opzichte van het ouder werk ligt het tempo wat lager en het psychedelisch bezwerend karakter wat hoger. Het is dan ook de eerste keer dat Nornahetta ons zo’n lange “song” voorschotelt. We zijn net niet halfweg als het plots opduikende enerverende gitaarwerk ons aan het Duitse Katharsis doet denken. Na een kwartier herrie mondt “Synesthetic pareidolia” uiteindelijk uit in donkere noise. Wie dit wel kan smaken en de oude EP’s in één keer aan zijn of haar collectie wil toevoegen, kan het best op zoek gaan naar “The psilocybin tapes“-verzamelaar die alle vijftien songs bevat. Enkel voor de liefhebbers van écht underground spul.

JOKKE: 75/100

Nornahetta – Synesthetic pareidolia (Signal Rex 2017)
1. Synesthetic pareidolia

Sinmara – Within the weaves of infinity

De heilige drievuldigheid op gebied van IJslandse black heeft haar onderdak bij het Noorse Terratur Posssessions. Het zwarte, dissonante monster Svartidauði brak het ijs en in haar kielzog volgden onder andere het onvolprezen Misþyrming en het (onterecht) soms als kleine broertje van die eerste afgeschilderde Sinmara, waarbij de laatste twee onlangs nog de handen in mekaar sloegen voor een uitstekende split. Buiten het feit dat Svartidauði en Sinmara gitarist Þórir Garðarsson als gemene deler hebben, vallen er nog amper gelijkenissen te trekken tussen beide bands, zeker wat betreft het nieuwe werk. Daar waar debuut “Aphotic womb” eveneens uit de nodige dissonantie opgetrokken was, is er op de nieuwe EP “Within the weaves of infinity” veel meer ruimte voor harmonie en melodie. Natuurlijk beuken de riffs nog steeds als torenhoge golven tegen de kustlijn, maar doorheen die orkaan aan woestenij, breken epische en majestueuze gitaarpartijen meermaals het wolkendek open – telkens met de nodige portie kippenvel als resultaat en het in de moedertaal gezongen “Ormsunga” als hoogste punt van extase. Ik smaak deze ge(s)laagde ontwikkeling wel. Meesterdrummer Bjarni Einarsson ( Slidhr, Wormlust) stuwt de kolkende herrie ongekende hoogtes in en brulboei Ólafur Guðjónsson voorziet de muziek van gepaste intense vocalen. De drie in-mekaar-over-vloeiende songs mogen dan slechts een kleine twintig minuten duren, toch ben ik erg in mijn nopjes met deze EP. “Within the weaves of infinity” ziet op 24 augustus samen met enkele andere lekkernijen het levenslicht als deel van een nieuw offensief dat Terratur Possessions inzet. Hou nog maar een stukje vakantiegeld opzij, want het gaat weer de moeite zijn!

JOKKE: 89/100

Sinmara – Within the weaves of infinity (Terratur Possessions 2017)
1. Within the weaves of infinity
2. Ormsunga
3. Nine halls

Rebirth Of Nefast – Tabernaculum

Het is weinigen gegeven een bloedpact te mogen aangaan met het alom geprezen Franse Norma Evangelium Diaboli, maar de Ier Wann – geboren als Stephen Lockhart – is er met zijn Rebirth Of Nefast toch maar mooi in geslaagd. Naast het Ierse Slidhr – waarmee in 2008 een split verscheen –  en Haud Mundus, heeft Stephen vooral ook een sterke band met dat andere eiland dat zo tot de verbeelding spreekt en de voorbije jaren een heuse, frisse (of zeg maar gerust ijskoude) wind doorheen de black metal scene heeft laten waaien. Het gaat hier natuurlijk om IJsland, waar de man tegenwoordig de gerenommeerde Emissary recording studio runt waar al tal van tot de verbeelding sprekende namen over de vloer zijn geweest (Svartidauði, Sinmara, Zhrine, Abominor, Almyrkvi, Mannveira, Draugsól, Mortuus Umbra, Dysangelium en Slidhr). Daarnaast organiseert Stephen ook het Oration festival en maakte hij tot voor kort deel uit van Sinmara. Diens slagwerker Bjarni Einarsson leende zijn talent uit op het volwaardig debuut “Tabernaculum” dat elf jaar in de maak is geweest en inderdaad allesbehalve als een haastklus klinkt. Een uur lang zuigt Rebirth Of Nefast je mee in een zwavelstorm aan extremiteiten waarbij het oog van de orkaan gitzwarte black metal omvat die echter meer dan eens uitdijt in donkere en morbide doom, beukende drones,hypnotiserende riffs, dissonante chaos, beklijvende leads en sinistere ambient. De zes bouwstenen van dit sacramentshuis werden met atmosferische cement aan mekaar gelijmd zodat één lange luistertrip ontstaat die elke keer meer van haar mystieke geheimen prijsgeeft. Zo hoort de aandachtige luisteraar subtiele gotische vrouwenzang in “The first born of the dead” en dragen niet-standaard metal-instrumenten zoals cello, mandoline en bouzouki meermaals bij aan een rijkelijke sound. Akoestische passages, sacrale koorzang en ambient-golven vormen het laagtij, om even later over te gaan tot een springvloed aan verstikkende black metal zoals in “Alignment divine“. Rebirth Of Nefast levert met “Tabernaculum” een absoluut meesterwerk af dat beroert en zich als een godslasterende weerhaak aan je communiezieltje vastklampt. Ik kan deze plaat dan ook ten stelligste aan iedere zwarte meerwaardezoeker aanraden!

JOKKE: 90/100

Rebirth Of Nefast – Tabernaculum (Norma Evangelium Diaboli 2017)
1. The lifting of the veil
2. The first born of the dead
3. Alignment divine
4. Carrion is a golden throne
5. Magna – Mater – Menses
6. Dead the age of hollow vessels

Skáphe – Untitled

Het venijnige serpent dat onder de naam Skáphe doorheen de extreme ondergrond kronkelt, weet als geen ander de luisteraar te verstikken eens haar giftanden zich in je malse vlees nestelen. De lente is eindelijk daar, de konijntjes beginnen te huppelen en de eerste zonnestralen doen de knopjes aan platen en bomen weelderig groeien. Alex Poole en Dagur Gonzales – ik hoef beide heren ondertussen niet meer voor te stellen aan de trouwe volgelingen van onze blog – doen deze lentetaferelen echter als sneeuw voor de zon verdwijnen, want hun ultieme duisternis werpt een doodse sfeer op het eerste nieuwe leven. Een tweeëntwintigminuten durende “song” “VII” gaat verder waar “I” tot en met “VI” van “Skáphe²” ophielden. Gestroomlijnde partijen gaan hand in hand met ongecontroleerde chaos en jazzy improvisatie – zo lijkt het althans toch – en gitzwarte atmosfeer. En toch is er geen sprake van een ongeleid projectiel want er is een zekere flow ingebouwd die je stelselmatig een stapje verder het vacuum inzuigt. Ik kan hier echt hele dagen naar zitten luisteren, ook al gaat dit nog een stapje verder dan het alom geprezen Deathspell Omega, en krijgt de Studio 100 black metal-liefhebber hier waarschijnlijk een instant zenuwinzinking van. Deze EP verschijnt via het nieuwe, mysterieuze Mystiskaos cassettelabel en kan ook via Fallen Empire Records en haar gekende distributiekanalen opgepikt worden.

JOKKE: 85/100

Skáphe – Untitled (Mystiskaos/Fallen Empire Records 2017)
1. VII