svartidauði

Sinmara – Within the weaves of infinity

De heilige drievuldigheid op gebied van IJslandse black heeft haar onderdak bij het Noorse Terratur Posssessions. Het zwarte, dissonante monster Svartidauði brak het ijs en in haar kielzog volgden onder andere het onvolprezen Misþyrming en het (onterecht) soms als kleine broertje van die eerste afgeschilderde Sinmara, waarbij de laatste twee onlangs nog de handen in mekaar sloegen voor een uitstekende split. Buiten het feit dat Svartidauði en Sinmara gitarist Þórir Garðarsson als gemene deler hebben, vallen er nog amper gelijkenissen te trekken tussen beide bands, zeker wat betreft het nieuwe werk. Daar waar debuut “Aphotic womb” eveneens uit de nodige dissonantie opgetrokken was, is er op de nieuwe EP “Within the weaves of infinity” veel meer ruimte voor harmonie en melodie. Natuurlijk beuken de riffs nog steeds als torenhoge golven tegen de kustlijn, maar doorheen die orkaan aan woestenij, breken epische en majestueuze gitaarpartijen meermaals het wolkendek open – telkens met de nodige portie kippenvel als resultaat en het in de moedertaal gezongen “Ormsunga” als hoogste punt van extase. Ik smaak deze ge(s)laagde ontwikkeling wel. Meesterdrummer Bjarni Einarsson ( Slidhr, Wormlust) stuwt de kolkende herrie ongekende hoogtes in en brulboei Ólafur Guðjónsson voorziet de muziek van gepaste intense vocalen. De drie in-mekaar-over-vloeiende songs mogen dan slechts een kleine twintig minuten duren, toch ben ik erg in mijn nopjes met deze EP. “Within the weaves of infinity” ziet op 24 augustus samen met enkele andere lekkernijen het levenslicht als deel van een nieuw offensief dat Terratur Possessions inzet. Hou nog maar een stukje vakantiegeld opzij, want het gaat weer de moeite zijn!

JOKKE: 89/100

Sinmara – Within the weaves of infinity (Terratur Possessions 2017)
1. Within the weaves of infinity
2. Ormsunga
3. Nine halls

Tchornobog – Tchornobog

Hoewel de bandnaam Tchornobog verwijst naar de Slavische “Zwarte God” draait het bij dit nieuwe project van Markov Soroka (Aureole, Slow) niet om idolatrie maar rond de verschillende metaforen van religie, psychologische wanorde, het begrijpen van het zelfbewustzijn en de betekenisgeving van ons leven. Dit debuut is maar liefst zeven jaar in de maak geweest en gedurende dit lange creatieproces heeft Markov steun gekregen van Svartidauði-drummer Magnús Skúlason en ook Greg Chandler (Esoteric) komt meermaals diep meegrommen op de vier monumentale tracks die samen op maar liefst vijfenzestig minuten speeltijd afklokken. Gedurende dit overrompelende uur komt zowat het hele spectrum aan extreme muziek voorbij geraasd: verstikkende black en dissonante death metal maar ook traag bulderende funeral doom worden tot één misselijkmakend geheel gebald waarin Markov voortdurend worstelt met zijn eigen demonen. Zelfs een tiental luisterbeurten is nog onvoldoende om alle details te ontwaren in dit beklemmende exorcisme. Zo wordt er in het geniale “Non-existence’s warmth (Infinite natality psychosis)” gebruik gemaakt van saxofoon, trompet, piano en cello als aanvullend instrumentarium en mijn god, wat wordt er in deze song een beklijvende sinistere sfeer neergezet waarbij met momenten zelfs een klein lichtpuntje doorheen de gitzwarte duisternis lijkt te schijnen! Na een half uur extreme extravaganza kunnen onze reeds-aan-flarden-geblazen-trommelvliezen tijdens deze song even recupereren om daarna terug bloot gesteld te worden aan de zeventien minuten durende grand finale van “Here, at the disposition of time (Inverting a solar giant)”. Deze muzikale maalstroom is natuurlijk niet voor tere zieltjes weggelegd maar liefhebbers van Death Fetishist, Svartidauði, Skáphe of The Ruins Of Beverast kunnen hier simpelweg niet om heen. De visionaire grandeur die Markov met dit album heeft neerzet is immers overweldigend. Natuurlijk ook weeral een welgemeende “chapeau!” voor kwaliteitsleveranciers I, Voidhanger Records en Fallen Empire Records om ons te laten genieten van dit meesterwerk.

JOKKE: 90/100

Tchornobog – Tchornobog (I, Voidhanger Records 2017)
1. The vomiting tchornobog (Slithering gods of cognitive dissonance)
2. Hallucinatory black breath of possession (Mountain-eye amalgamation)
3. Non-existence’s warmth (Infinite natality psychosis)
4. Here, at the disposition of time (Inverting a solar giant)

Rebirth Of Nefast – Tabernaculum

Het is weinigen gegeven een bloedpact te mogen aangaan met het alom geprezen Franse Norma Evangelium Diaboli, maar de Ier Wann – geboren als Stephen Lockhart – is er met zijn Rebirth Of Nefast toch maar mooi in geslaagd. Naast het Ierse Slidhr – waarmee in 2008 een split verscheen –  en Haud Mundus, heeft Stephen vooral ook een sterke band met dat andere eiland dat zo tot de verbeelding spreekt en de voorbije jaren een heuse, frisse (of zeg maar gerust ijskoude) wind doorheen de black metal scene heeft laten waaien. Het gaat hier natuurlijk om IJsland, waar de man tegenwoordig de gerenommeerde Emissary recording studio runt waar al tal van tot de verbeelding sprekende namen over de vloer zijn geweest (Svartidauði, Sinmara, Zhrine, Abominor, Almyrkvi, Mannveira, Draugsól, Mortuus Umbra, Dysangelium en Slidhr). Daarnaast organiseert Stephen ook het Oration festival en maakte hij tot voor kort deel uit van Sinmara. Diens slagwerker Bjarni Einarsson leende zijn talent uit op het volwaardig debuut “Tabernaculum” dat elf jaar in de maak is geweest en inderdaad allesbehalve als een haastklus klinkt. Een uur lang zuigt Rebirth Of Nefast je mee in een zwavelstorm aan extremiteiten waarbij het oog van de orkaan gitzwarte black metal omvat die echter meer dan eens uitdijt in donkere en morbide doom, beukende drones,hypnotiserende riffs, dissonante chaos, beklijvende leads en sinistere ambient. De zes bouwstenen van dit sacramentshuis werden met atmosferische cement aan mekaar gelijmd zodat één lange luistertrip ontstaat die elke keer meer van haar mystieke geheimen prijsgeeft. Zo hoort de aandachtige luisteraar subtiele gotische vrouwenzang in “The first born of the dead” en dragen niet-standaard metal-instrumenten zoals cello, mandoline en bouzouki meermaals bij aan een rijkelijke sound. Akoestische passages, sacrale koorzang en ambient-golven vormen het laagtij, om even later over te gaan tot een springvloed aan verstikkende black metal zoals in “Alignment divine“. Rebirth Of Nefast levert met “Tabernaculum” een absoluut meesterwerk af dat beroert en zich als een godslasterende weerhaak aan je communiezieltje vastklampt. Ik kan deze plaat dan ook ten stelligste aan iedere zwarte meerwaardezoeker aanraden!

JOKKE: 90/100

Rebirth Of Nefast – Tabernaculum (Norma Evangelium Diaboli 2017)
1. The lifting of the veil
2. The first born of the dead
3. Alignment divine
4. Carrion is a golden throne
5. Magna – Mater – Menses
6. Dead the age of hollow vessels

Devouring Star – Antihedron

Through lung and heart” van het Finse Devouring Star, was een debuut dat ik absoluut kon smaken. Eenieder die in hogere sferen geraakt van Deathspell Omega en Svartidauði zal dit kunnen beamen. Twee jaar na datum is Devouring Star terug met een nieuwe drie-songs-tellende EP die via Dark Descent Records het universum ingestuwd wordt, nadat de eersteling via Daemon Worship Productions het levenslicht zag (dit label lijkt momenteel wel van de aardkloot verdwenen te zijn). Hoewel slechts vijfentwintig minuten lang, grijpt dit schijfje ons wel bij de strot met een beklemmende atmosfeer waarin de relatie tussen de obscure wereld en onze fysische aanwezigheid wordt uitgediept. Dit is naar death metal neigende black metal die op doom tempo de kosmos verkent. De eerder aangehaalde Franse en IJslandse inspiratoren belanden in de ijskast ten voordele van een slepende en trage death metal variant met licht industriële sludge toets. Goed voor dit EP’tje maar op een volgende langspeler graag toch terug wat meer peper-in-de-reet beukstukken zoals aan het einde van “Star below“.

JOKKE: 77/100

Devouring Star – Antihedron (Dark Descent Records 2017)
1. Breath of the void
2. Star below
3. Angel null

Sinmara/Misþyrming – Ivory stone/Hof

Zowel Sinmara als Misþyrming wisten met hun debuutplaten – respectievelijk “Apothic womb” en “Söngvar elds og óreiðu” – heel wat indruk te maken en black metal zieltjes voor zich te winnen. Voornamelijk Misþyrming surfte op de overrompelende tsunami aan IJslandse black die door Svartidauði in gang gezet werd en is dé band waar alle ogen op gericht zullen zijn wanneer die tweede belangrijke plaat later op het jaar zal uitkomen. Ook bij Sinmara zijn we benieuwd of ze haar sterke debuut zal weten te overklassen. In afwachting van nieuw materiaal, trakteert Terratur Possessions ons alvast op één nieuwe song van beide bloedbroederschappen, netjes verdeeld over twee kanten van een 10 inch vinyl. Als Sinmara opnieuw een hele plaat kan schrijven als wat het kwintet hier op “Ivory stone” laat horen, wordt dat er één om duimen en vinger bij af te likken. Gitzwarte razernij in de vorm van dissonante Watain-klanken gaat hand-in-hand met een onderhuidse spanning en gevoel voor subtiele melodie, zij het in de vorm van indringende leads met een beklemmend sfeertje. Hoedje af trouwens voor drummer Bjarni Einarsson die de boel vakkundig bijeen mept. De intro van de song die Misþyrming ten gehore brengt zou zo van Metallica afkomstig kunnen zijn, maar eens de band losbreekt wordt een uitzinnige furie ontketend zoals we van het kwartet gewend zijn. De song klinkt gejaagd en een tikkeltje chaotisch en opgefokt ondanks de transparante productie waarbij de drums iets te veel vooraan in de mix staan. Misschien zitten er ook net iets té veel ideeën in de song verwerkt? Desondanks een geweldige split die het beste doet vermoeden voor de aankomende nieuwe langspelers van beide kwaliteitbands.

JOKKE: 85/100 (Sinmara: 88/100 –  Misþyrming: 82/100)

Sinmara/Misþyrming – Ivory stone/Hof (Terratur Possessions 2017)
1. Sinmara – Ivory stone
2. Misþyrming – Hof

Draugsól – Volaða land

Al wat dezer dagen vanuit Scandinavië onze kant opkomt, lijkt hot te zijn: design, crime series, hygge, lagom, …en IJslandse black metal natuurlijk. Het nieuwste speeltje van de maand luistert naar de naam Draugsól wat “geestenzon” zou betekenen en is afkomstig uit Reykjavík, broedplaats voor heel wat zwartmetalen talent. Anders dan vele landgenoten, benaderen ze ons geliefkoosd genre op het debuut “Volaða land” niet vanuit een orthodoxe invalshoek. Geen duivelsverheerlijking, esoterie of satanaanbiddende hymnes dus, maar een album dat draait om de existentiële crisis van de mens in een schijnbaar zinloze wereld, de zoektocht naar betekenis en verlichting, geestelijke angst en de absurditeit van het leven. Ook muzikaal gezien gaat het er minder woest en chaotisch aan toe dan bij een Sinmara, Svartidauði of Misþyrming (waar blijft die nieuwe plaat jongens?!). In de plaats daarvan krijgen we een kaleidoscopische sound die uit verschillende facetten samengesteld is waarbinnen plaats is voor drama en epiek (check de meerdere heroïsche gitaarleads in “Formæling“). Het trio heeft nog het meeste weg van scenegenoten Auðn, hoewel ze op tijd en stond ook enkele death metal riffs en Enslavediaanse progressieve elementen (aanhoor sleuteltrack “Bót eður viðsjá við illu aðkasti“) in hun sound injecteren. “Spáfarir og utisetur” pingpongt heen en weer tussen weemoedige akoestische gitaren en ijskoude furie en ook in “Váboðans vals” zorgen akoestische spanningsbogen voor de nodige dynamiek in deze meest agressieve song van de zes. “Holdleysa” ragt erop los, maar naar het einde toe geven The Vision Bleak-achtige cleane vocalen een plechtstatige wending aan deze hekkensluiter. Draugsól moet in de eerder vermelde collega’s nog even haar meerdere erkennen, maar weet met “Volaða land” toch een meer dan aardig debuut af te leveren. Hoewel er meer black metal bands dan sneeuwvlokken in IJsland lijken te zijn, moet ik de eerste échte teleurstelling nog tegenkomen.

JOKKE: 79/100

Draugsól – Volaða land (Signal Rex 2017)
1. Volaða land
2. Formæling
3. Bót eður viðsjá við illu aðkasti
4. Spáfarir og utisetur
5. Váboðans vals
6. Holdleysa

 

 

Ellorsith/Mannveira – Split

Voor deze split hebben het voor mij onbekende Canadese (of is het Engels?) death metalgezelschap Ellorsith en het IJslandse Mannveira de handen in mekaar geslagen om zevenentwintig minuten sonisch geweld op tape vast te leggen, waarbij beide bands twee tracks voor hun rekening nemen. De Canadezen trekken het zaakje op gang met hun duistere, occult klinkende death metal, waarin bij momenten wat black metal franjes te bespeuren vallen. Dissonante gitaarpartijen en midtempo drumwerk kenmerken “Jerome I”, hoewel er naar het einde nog een spurtje getrokken wordt. “Jerome II” schiet dan weer meteen een pak sneller uit de startblokken met afwisselend bruut zagend en dissonant gitaarwerk, maar weet mij niet over de gehele lijn te overtuigen: de diepe grunts zijn vrij eentonig en voor mij mag dit soort doodsmetaal nog wel iets smeriger en orthodoxer uit de boxen knallen, zoals een Grave Miasma dat overtuigend weet te doen. En de inleidende samples brengen daar niet echt verandering in. Liefhebbers van de band kunnen gerust de eerder opgenomen EP “1959” ook eens opsnorren. De twee nummers die Mannveira ons brengt, liggen in het verlengde van de “Von er eitur” demo uit 2014. Nog steeds kan Mannveira tot op zekere hoogte als het kleine broertje van Svartidauði en Sinmara beschouwd worden, hoewel ze voor een meer directe en eerder rechtlijnige aanpak kiezen en het dissonante op een track als “I augum hans sá ég dauðann” wat naar de achtergrond verdwenen is. Het grotendeels midtempo “Óður til einskis” weet dan weer te verstikken en een beknellend gevoel op te wekken maar heeft ook oog voor de nodige melodie. Bandleider Illugi heeft ondertussen vier extra mankrachten gerekruteerd zodat ze tijdens hun aanstaande tour met Wormlust de buitenlandse podia onveilig kunnen maken. De bassist en beide gitaristen zijn weggeplukt bij stoner/sludge act Naught en drummer Orlygur knuppelt onder andere ook bij Naðra. Achter de studioknoppen zat D.G. ondertussen welbekend van Misþyrming, Naðra, Skáphe en Martröð. Persoonlijk ligt de black metal van Mannveira me iets beter dan de death metal van Ellorsith, maar dat zou voor jou natuurlijk best wel eens andersom kunnen zijn. Leuke split!

JOKKE: 77/100 (Ellorsith: 74/100 – Mannveira 80/100)

Ellorsith/Mannveira – Split (Dark Descent Records 2016)
1. Ellorsith – Jerome I
2. Ellorsith – Jerome II
3. Mannveira – I augum hans sá ég dauðann
4. Mannveira – Óður til einskis